Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening 

Voor meer inlichtingen, gelieve contact op te nemen met uw RVA-kantoor. De adressen kunt u vinden in het telefoonboek of op de site : www.rva.be

Delen

Tijdelijke werkloosheid - overmacht

Infoblad

E24

Laatste update
01-12-2016

Inleiding

De schorsing van de uitvoering van de arbeidsovereenkomst ingevolge overmacht is voorzien in artikel 26 van de wet van 3 juli 1978 op de arbeidsovereenkomsten.

Indien de werkgever zijn personeel door overmacht niet kan tewerkstellen, kan hij hen, mits naleving van bepaalde formaliteiten, tijdelijk werkloos stellen ingevolge overmacht.  Gedurende deze periode kunnen de werknemers in principe een uitkering ontvangen van de RVA.

Voor wie kan deze regeling worden ingevoerd?

Deze regeling kan worden ingevoerd zowel voor arbeiders als voor bedienden.

Leerlingen beoogd in artikel 1bis van het KB van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders (met name de leerlingen met een industrieel leercontract, met een leercontract van de middenstand,...) kunnen ook tijdelijk werkloos gesteld worden wegens overmacht.

Wat wordt verstaan onder “overmacht”?

Overmacht veronderstelt een plotse, onvoorzienbare gebeurtenis, onafhankelijk van de wil van de partijen die de uitvoering van de overeenkomst tijdelijk volledig onmogelijk maakt.

Bij zijn beslissing zal de Directeur van het werkloosheidsbureau van de RVA rekening houden met de volgende criteria die gelijktijdig vervuld moeten zijn:

  • het moet gaan om een plotse en onvoorzienbare gebeurtenis (de gebeurtenis mag normaal gezien niet te verwachten zijn geweest);
  • de feiten moeten zich voordoen buiten de wil (“schuld”)van de partijen. Zowel de werkgever als de werknemer worden hiermee bedoeld;
  • de overmacht maakt de verdere uitvoering van de arbeidsovereenkomst volledig onmogelijk. Het is dus niet voldoende dat de uitvoering ervan enkel bemoeilijkt wordt of duurder uitvalt;
  • de onmogelijkheid tot werken moet een tijdelijk karakter hebben.  Indien de gebeurtenis van die aard is dat de uitvoering van de overeenkomst definitief onmogelijk wordt, kan geen tijdelijke werkloosheid ingevolge overmacht worden ingeroepen.  De arbeidsovereenkomst moet dan eventueel worden beëindigd wegens overmacht.

De volgende gebeurtenissen vormen op zichzelf geen gevallen van overmacht die een einde maken aan de verplichtingen van de partijen (beëindiging van de arbeidsovereenkomst zonder opzegvergoeding):

  • het faillissement of kennelijk onvermogen van de werkgever;
  • de tijdelijke of definitieve sluiting van de onderneming die voortvloeit uit maatregelen getroffen bij toepassing van de wetgeving op de reglementering betreffende de vrijwaring van het leefmilieu.  Indien het gaat om een tijdelijke sluiting, kan dit eventueel wel aanleiding geven tot tijdelijke werkloosheid ingevolge overmacht indien aan alle criteria van overmacht voldaan is (bijv een tijdelijke sluiting van een zwembad wegens aanpassing aan nieuwe milieunormen).

Kan bijv. wel als overmacht worden beschouwd:

  • een brand waardoor de onderneming verwoest wordt;
  • een elektriciteitspanne als de panne zich voordeed in de elektriciteitscentrale buiten het bedrijf.  Wanneer de oorzaak van de panne daarentegen te wijten is aan een gebrekkig onderhoud van de leidingen, wordt geen overmacht aanvaard;
  • een gebrek aan levering van grondstoffen op de voorziene leveringsdatum op voorwaarde dat de laattijdige levering niet te wijten is aan een fout van de werkgever (bijv. laattijdige bestelling).
  • de uitvoering van wegenwerken voor zover deze de uitvoering van de arbeidsovereenkomst volledig onmogelijk maken.  De onmogelijkheid tot het uitvoeren van de arbeidsovereenkomst moet voor iedere arbeidsovereenkomst afzonderlijk bekeken worden.

Wanneer ten gevolge van wegenwerken de winkel moeilijker toegankelijk wordt voor het publiek, kan dit leiden tot een daling van het cliënteel en de verkoop.  Deze daling kan ertoe leiden dat een aantal personeelsleden nog onmogelijk kan tewerkgesteld worden.  Voor deze personeelsleden kan tijdelijke werkloosheid wegens overmacht aanvaard worden.  De personeelsleden voor wie nog werk beschikbaar is, zij het slechts deeltijds, kunnen niet tijdelijk werkloos gesteld worden aangezien voor hen de uitvoering van de arbeidsovereenkomst niet volledig onmogelijk is.

Wanneer de winkel volledig ontoegankelijk zou worden, zowel voor het cliënteel als voor het personeel, kan het voltallige personeel gedurende de duur van de wegenwerken tijdelijk werkloos gesteld worden wegens overmacht.

De directeur van het werkloosheidsbureau van de RVA zal een beslissing nemen, eventueel na de werkgever uitgenodigd te hebben of na een controleonderzoek.  Deze beslissing is niet tijdsgebonden, doch de RVA zal steeds trachten zo snel mogelijk uitsluitsel te geven.

Speciale situatie: tijdelijke werkloosheid ingevolge overmacht veroorzaakt door medische redenen

Wanneer de werknemer tijdelijk arbeidsongeschikt is, wordt de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst geschorst en heeft de werknemer in principe recht op gewaarborgd loon en vervolgens op ziekte-uitkeringen.

In de volgende 2 situaties kan de werknemer evenwel uitkeringen ontvangen (op voorwaarde dat hij de leeftijd van 65 jaar niet bereikt heeft):

  • de werknemer is door de adviserend geneesheer van het ziekenfonds of het RIZIV arbeidsgeschikt verklaard, maar hij hervat het werk niet en betwist de beslissing van arbeidsgeschiktheid voor de arbeidsrechtbank.  Gedurende de gerechtelijke procedure kan de werknemer provisionele uitkeringen ontvangen.
    • a. Indien hij in het gelijk wordt gesteld (d.w.z. indien de arbeidsongeschikt wordt bevestigd), betaalt de ziekteverzekering het bedrag van de ontvangen uitkeringen terug aan de RVA.
    • b. Indien hij in het ongelijk wordt gesteld (d.w.z. de beslissing van arbeidsgeschiktheid wordt bevestigd), dan moet de werknemer het werk hervatten en kan hij de ontvangen uitkeringen behouden.
  • de werknemer is arbeidsgeschikt in de zin van de ziekteverzekering maar is tijdelijk niet geschikt het overeengekomen werk uit te voeren.  De werknemer kan in dergelijk geval uitkeringen tijdelijke werkloosheid op grond van overmacht ontvangen indien de volgende voorwaarden gelijktijdig vervuld zijn:
    • a. de arbeidsongeschiktheid is vastgesteld door de arbeidsgeneesheer of door de RVA-geneesheer;
    • b. er is geen passend vervangingswerk beschikbaar;
    • c. de aanvraag situeert zich niet in de eerste 6 maanden van de arbeidsongeschiktheid (in deze periode kan de werknemer ten laste genomen worden door de ziekteverzekering);
    • d. de arbeidsongeschiktheid moet een tijdelijk karakter hebben. Indien blijkt dat de werknemer definitief ongeschikt is voor de uitoefening van zijn werk, wordt de werknemer door de RVA in kennis gesteld dat de tijdelijke werkloosheid zal geweigerd worden. De werkgever wordt hier ook van in kennis gesteld zodat de gepaste maatregelen kunnen getroffen worden (vb. re-integratietraject zoals voorzien in het KB van 28.5.2003 betreffende het gezondheidstoezicht van de werknemers, beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens overmacht...) Voor elke maand van arbeidsongeschiktheid levert de werkgever een formulier C3.2-WERKGEVER af.  De werkgever duidt op het formulier als reden van tijdelijke werkloosheid “overmacht” aan met als vermelding “arbeidsongeschikt, beroep bij de arbeidsrechtbank” (voor de eerste situatie) en “arbeidsongeschikt voor de overeengekomen functie” (voor de tweede situatie).

 Welke formaliteiten moet de werkgever vervullen?

De wet voorziet geen speciale mededelingsprocedure tegenover de RVA.

De werkgever heeft er nochtans alle belang bij de RVA zo snel mogelijk in te lichten (via een elektronische mededeling).  Daarnaast wordt er ook een papieren dossier ingediend met de nodige bewijsstukken waaruit de overmacht blijkt.  Een snelle aangifte zorgt ervoor dat de werknemers sneller hun uitkeringen zullen ontvangen. 

Een elektronische  mededeling aan de RVA is niet nodig indien het gaat om overmacht om medische redenen (ingevolge de verminderde lichamelijke geschiktheid van de werknemer).

De mededeling gebeurt bij het werkloosheidsbureau van de RVA bevoegd voor de plaats waar de exploitatiezetel van de onderneming gevestigd is (dus niet de maatschappelijke zetel).

Indien de mededeling elektronisch verstuurd wordt, is dit  via de portaalsite van de sociale zekerheid, "www.sociale-zekerheid.be".

De mededeling moet de volgende elementen bevatten:

  • de datum waarop de gebeurtenis zich heeft voorgedaan;
  • een uiteenzetting van de gebeurtenis die de overmacht uitmaakt;
  • de voorziene werkloosheidsduur (maximum 3 maanden). Indien de werkloosheid langer aanhoudt, kan een nieuwe mededeling verzonden worden.
  • de identiteit van de betrokken werknemers.

Indien de werkgever eventueel een beurtsysteem wenst in te voeren of bijv. enkele mensen tijdelijk terug aan het werk wil stellen, dan dient hij dit eveneens te melden aan de RVA. Het is niet mogelijk dat de arbeidsovereenkomst gedeeltelijk geschortst wordt. 

De werkgver moet:

  • maandelijks een controleformulier C3.2A afleveren aan elke werknemer die erom verzoekt;
  • een formulier C3.2-WERKGEVER overhandigen of een elektronische aangifte doen (ASR scenario 2) indien de werknemer  een uitkeringsaanvraag moet indienen;
  • maandelijks, na afloop van de maand, een elektronische aangifte doen (ASR scenario 5) voor de werknemers die tijdelijk werkloos zijn gesteld.

Voor meer uitleg, lees het infoblad ‘Tijdelijke werkloosheid – procedure’ nr. E28. Dit is beschikbaar bij het werkloosheidsbureau van de RVA of kan gedownload worden van de internetsite www.rva.be.

Het controleformulier C3.2 A

De werkgever moet aan elke werknemer die hij tijdelijk werkloos stelt ingevolge overmacht, een controleformulier C3.2 A afleveren. Dit moet gebeuren uiterlijk de eerste effectieve werkloosheidsdag.

Voor elke maand waarop de werknemer tijdelijk werkloos wordt gesteld, levert de werkgever een controleformulier af.

Alvorens het formulier af te leveren, vult de werkgever de identiteitsgegevens in.

Op het einde van de maand dient de werknemer zijn controleformulier ter betaling in bij zijn uitbetalingsinstelling (ACV, ABVV, ACLVB of Hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen).

Het formulier C3.2-WERKGEVER voor de indiening van een uitkeringsaanvraag of een elektronische aangifte - ASR scenario 2

Dit formulier of deze  ASR verricht via de portaalsite van de sociale zekerheid (www.socialsecurity.be > Onderneming > Sociale risico’s > ASR > Werkloosheid > Scenario 2 ‘Aangifte vaststellen recht tijdelijke werkloosheid of schorsing bedienden’) of via batch, doet dienst als uitkeringsaanvraag voor het berekenen van het bedrag van de uitkeringen waarop de werknemer recht heeft.  

Indien de werkgever de aangifte elektronisch doet, overhandigt hij, ter informatie, een print van de elektronische aangifte aan de werknemer.

De maandelijkse elektronische aangifte - ASR scenario 5 ‘Maandelijkse aangifte van de uren tijdelijke werkloosheid of uren schorsing bedienden’

Deze ASR verricht via de portaalsite van de sociale zekerheid (www.socialsecurity.be > Onderneming > Sociale risico’s > ASR > Werkloosheid > Scenario 5 ‘Maandelijkse aangifte van de uren tijdelijke werkloosheid of uren schorsing bedienden’) of via batch,  herneemt het aantal uren dat de werknemer tijdelijk werkloos is geweest.

De werkgever overhandigt, ter informatie, een print van de elektronische aangifte aan de werknemer.

Aan de hand van de controlekaart C 3.2A en de ASR scenario 5, kunnen de uitbetalingsinstelling en de RVA het aantal uitkeringen berekenen waarop de werknemer recht heeft.

Waar kan de werkgever blanco formulieren bekomen?

De werkgever kan gratis blanco exemplaren van het controleformulier C3.2 A en van het formulier C3.2-werkgever bekomen bij de dienst economaat van het werkloosheidsbureau van de RVA.  Het formulier C3.2-werkgever is ook beschikbaar op de internet-site van de RVA (www.rva.be) (het controleformulier C3.2 A niet aangezien het hier gaat om genummerde exemplaren).

Welke dagen kunnen niet als tijdelijke werkloosheid worden opgegeven?

  • de eerste dag van de overmacht indien voor deze dag gewaarborgd dagloon verschuldigd is. De werknemers kunnen maar tijdelijk werkloos gesteld worden voor een volledige arbeidsdag zoals bepaald in het arbeidsreglement. Het is dus niet mogelijk de werknemers tijdelijk werkloos te stellen voor een halve dag indien zij normaal een hele dag werken.

    Bijv. In de loop van de voormiddag doet zich een electriciteitspanne voor waardoor verder werken onmogelijk wordt. De werknemers kunnen niet voor het resterend aantal uren van die dag tijdelijk werkloos gesteld worden.

  • de feestdagen gelegen in de periode van 14 dagen die volgt op de aanvang van de schorsing. Voor deze dagen hebben de werknemers recht op loon.

  • dagen waarop de werknemers normaal niet werken (bijv. de zaterdag indien dit de gebruikelijke inactiviteitsdag is of betaalde of niet-betaalde compenserende rustdagen toegekend in het kader van een regeling van arbeidsduurvermindering).

Hebben de werknemers recht op werkloosheidsuitkeringen?

Voor werknemers die tijdelijk werkloos worden gesteld ingevolge overmacht geldt een vrijstelling van wachttijd.  Dit betekent dat zij onmiddellijk uitkeringen kunnen genieten zonder dat zij eerst hun toelaatbaarheid moeten aantonen (vervullen van een wachttijd).

In geval van tijdelijke werkloosheid ontvangen de werknemers een bedrag gelijk aan 65% van hun begrensd gemiddeld loon (begrensd tot 2.497,42 euro per maand).

Tijdens de eerste drie maanden tijdelijke werkloosheid ingevolge overmacht, moet de tijdelijk werkloos gestelde werknemer niet  beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt, noch zich laten inschrijven als werkzoekende.

Op de uitkeringen tijdelijke werkloosheid wordt 26,75 % bedrijfsvoorheffing ingehouden.

De leerlingen beoogd in artikel 1bis van het voormelde KB van 28 november 1969, ontvangen een  forfaitair bedrag.