Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening 

Voor meer inlichtingen, gelieve contact op te nemen met uw RVA-kantoor. De adressen kunt u vinden in het telefoonboek of op de site : www.rva.be

Delen

Het tijdskrediet - algemeen stelsel - CAO nr. 77bis

Infoblad

T131

Laatste update
24-06-2016

Belangrijke opmerking!

De informatie in dit infoblad geldt enkel voor de werknemers die hun werkgever schriftelijk op de hoogte hebben gebracht van hun wens om een tijdskrediet te bekomen vóór 01.09.2012.

Wat is het algemeen stelsel van tijdskrediet?

Het tijdskrediet past binnen het kader van de reglementering op de loopbaanonderbreking. Het is enkel van toepassing voor de werknemers tewerkgesteld bij een werkgever van de privé-sector. Tijdskrediet biedt u de mogelijkheid om over meer vrije tijd beschikken voor familiale of sociale verplichtingen of om persoonlijke projecten te verwezenlijken.

Ongeacht uw leeftijd biedt het algemeen stelsel van tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties tijdelijk te schorsen of te verminderen. Om het tijdskrediet te bekomen moet u voldoen aan verschillende toegangsvoorwaarden bij uw werkgever.

Indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden bij uw werkgever en aan deze voor de toekenning van uitkeringen, kunt u een maandelijks vervangingsinkomen genieten, betaald door de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA).

NB: Het algemeen stelsel van tijdskrediet voorziet niet de mogelijkheid om uw prestaties onbeperkt te verminderen tot u met pensioen gaat. Indien u uw prestaties wenst te verminderen tot u met pensioen gaat, moet u een tijdskrediet eindeloopbaan aanvragen. Alle informatie hierover vindt u in het infoblad tijdskrediet eindeloopbaan, beschikbaar op de website van de RVA, in de RVA-kantoren en bij de afdeling tijdskrediet van het hoofdbestuur van de RVA

Is de wetgeving inzake tijdskrediet op u van toepassing?

Ja, indien u als bediende of arbeider bent tewerkgesteld bij een werkgever van de privé-sector. Voor de toepassing van de wetgeving inzake tijdskrediet zijn de werkgevers uit de privé-sector deze die onder het toepassingsgebied vallen van de wet van 05.12.1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités.

Zo valt u onder het toepassingsgebied van deze wet, indien u:

  • werknemer bent van een onderneming of een VZW;
  • niet-gesubsidieerd contractueel personeelslid bent van het vrij onderwijs;
  • werknemer bent van een gemengde intercommunale voor gas- en elektriciteitsdistributie;
  • werknemer bent van de gewestelijke en plaatselijke openbare vervoersmaatschappijen = tram, bus en metro;
  • personeelslid bent van de vrije universiteiten (KUL, VUB, UCL, ULB, KUB …) met uitzondering van het academisch personeel van de Vlaamse gemeenschap;
  • personeelslid bent van "Brussels Airport company" (luchthaven van Zaventem), van "Brussels South Airport-Security" (luchthaven van Charleroi) en van "Liège Airport-Security" (luchthaven van Luik-Bierset);
  • personeelslid bent van een sociale huisvestingsmaatschappij.

Deze lijst is niet exhaustief. De RVA is niet bevoegd om te bepalen of uw werkgever onder het toepassingsgebied valt van de wet van 05.12.1968. Voor meer informatie hierover kunt u zich wenden tot de "Algemene Directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen" van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal overleg: http://www.werk.belgie.be.

NB: werkt u in de openbare sector (administratie, enz.), in het onderwijs of in een autonoom overheidsbedrijf, dan kunt u de betrokken informatie vinden in de andere infobladen van de RVA. U vindt deze infobladen op de website van de RVA, in de verschillende RVA-kantoren en bij de afdeling tijdskrediet van het Hoofdbestuur van de RVA.

Wat is de wettelijke basis van het tijdskrediet?

  • de wet van 10.08.2001 betreffende de verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven (Belgisch staatsblad van 15.09.2001);
  • Het koninklijk besluit van 12 december 2001 tot uitvoering van de wet van 10.08.2001 (Belgisch staatsblad van 18.12.2001) zoals gewijzigd door het KB van 08.06.2007 (Belgisch staatsblad van 15.06.2007), door het KB van 21.02.2010 (Belgisch staatsblad van 01.03.2010) en door het KB van 28.12.2011 (Belgisch staatsblad van 30.12.2011);
  • CAO nr. 77bis van 19.12.2001 tot vervanging van CAO nr. 77 van 14.02.2001 tot vervanging van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77 van 14 februari 2001 tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties. Deze CAO nr. 77 bis werd bindend verklaard door het koninklijk besluit van 25.01.2002, gepubliceerd in het Belgisch staatsblad van 05.03.2002. De CAO nr. 77 bis werd gewijzigd door de CAO nr. 77ter van 10.08.2002, de CAO 77 quater van 30.03.2007, de CAO nr. 77 quinquies van 20.02.2009, de CAO nr. 77 sexies van 15.12.2009 en de CAO nr. 77 septies van 22.06.2010.
  • Het koninklijk besluit van 22 maart 2006 tot invoering van een speciale patronale sociale zekerheidsbijdrage op sommige aanvullende vergoedingen in het kader van het generatiepact en tot vaststelling van de uitvoeringsregelen van artikel 50 van de wet van 30.03.1994 houdende sociale bepalingen (Belgisch staatsblad van 31.03.2006);

Waarover gaat dit infoblad?

Dit infoblad bestaat uit 3 delen:

  • in deel 1 verneemt u alles over de modaliteiten van het tijdskrediet bij uw werkgever (mogelijkheden om de prestaties te verminderen, duur, toegangsvoorwaarden, recht, aanvraagprocedure, enz.);
  • In deel 2 vindt u meer uitleg over de modaliteiten verbonden aan de uitkeringen voor tijdskrediet (principe, toekenningsvoorwaarden, maximale toekenningsduur van de uitkeringen, bedrag van de uitkeringen, aanvraagprocedure, cumulatie van de uitkeringen met andere activiteiten en/of inkomsten, enz.);
  • deel 3 bevat diverse nuttige inlichtingen in verband met het tijdskrediet (vroegtijdige stopzetting, bescherming tegen ontslag, gelijkstelling pensioen, enz.).

DEEL 1 - MODALITEITEN VAN HET ALGEMEEN STELSEL VAN TIJDSKREDIET BIJ UW WERKGEVER

Welke mogelijkheden hebt u om uw prestaties te schorsen of te verminderen in het kader van het algemeen stelsel van het tijdskrediet?

Het algemeen stelsel voorziet 3 vormen van tijdskrediet.

Het volledig tijdskrediet

Ongeacht uw leeftijd biedt het volledig tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties volledig te schorsen, en zo tijdelijk te stoppen met werken.

U kunt een volledig tijdskrediet aanvragen, ongeacht uw arbeidsregime (voltijds of deeltijds).

Voorbeelden:

  • indien u voltijds tewerkgesteld bent in het kader van een arbeidsovereenkomst van 38 uur per week, kunt u uw 38 uur per week volledig schorsen;
  • indien u deeltijds tewerkgesteld bent in het kader van een arbeidsovereenkomst van 34 uur per week, terwijl de voltijdse arbeidsduur in uw bedrijf 38 uur is, kunt u uw prestaties 34 uur per week volledig schorsen.

Het 1/2-tijds tijdskrediet

Ongeacht uw leeftijd biedt het 1/2-tijds tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties te verminderen om 1/2-tijds verder te werken, dit wil zeggen ten belope van 50 % van het voltijdse uurrooster dat bij uw werkgever is vastgelegd.

U kunt enkel gebruik maken van het 1/2-tijds tijdskrediet indien u ten minste 3/4-tijds tewerkgesteld bent bij de werkgever bij wie u uw prestaties wenst te verminderen.

Voorbeelden: het voltijdse uurrooster bij uw werkgever bedraagt 38 uur per week.

  • Indien u voltijds werkt, biedt het 1/2-tijds tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties te verminderen tot 19 uur per week;
  • Indien u deeltijds werkt in een arbeidsregime van 32 uur per week, kunt u, omdat uw betrekking meer dan 3/4-tijds is (28,5 uur per week), een 1/2-tijds tijdskrediet krijgen en uw prestaties verminderen tot 19 uur per week;
  • Indien u deeltijds werkt in een arbeidsregime van 25 uur per week, kunt u, omdat uw betrekking minder dan 3/4-tijds is (28,5 uur per week), geen 1/2-tijds tijdskrediet krijgen en uw prestaties verminderen tot 19 uur per week.

Organisatie van de 1/2-tijdse arbeid

Het 1/2-tijdse arbeidsregime dat voortvloeit uit het tijdskrediet moet overeengekomen worden in overleg met uw werkgever en schriftelijk vastgesteld worden in een aanhangsel van de arbeidsovereenkomst. Het moet echter gaan om een arbeidsregime dat voorzien is in het arbeidsreglement.

Het tijdskrediet 1/5

Ongeacht uw leeftijd biedt het tijdskrediet 1/5 u de mogelijkheid om uw wekelijkse arbeidsduur te verminderen met 1 dag of 2 halve dagen per week.

Het is enkel toegankelijk indien u voltijds werkt bij de werkgever bij wie u uw prestaties wenst te verminderen. Dit voltijdse arbeidsregime moet verdeeld zijn over 5 dagen of meer.

Voorbeelden: het voltijdse uurrooster in de onderneming bedraagt 38 uur per week.

  • Indien u voltijds werkt in een regime van 38 uur verdeeld over 5 dagen per week, kunt u tijdskrediet 1/5 krijgen;
  • Indien u voltijds werkt in een regime van 38 uur verdeeld over 4 dagen per week, kunt u geen tijdskrediet 1/5 krijgen;
  • Indien u voltijds werkt in een regime van 32 uur verdeeld over 5 dagen per week, kunt u geen tijdskrediet 1/5 krijgen.

Organisatie van de 4/5de arbeid

De algemene regel die geldt voor het tijdskrediet 1/5 is een vermindering van het voltdijse wekelijkse uurrooster met één dag of met twee halve dagen.

Het is echter mogelijk een andere 4/5-tijdse arbeidsorganisatie vast te leggen voor een periode van maximum 12 maanden. Deze mogelijkheid moet voorzien zijn in een collectieve arbeidsovereenkomst van de sector of van de onderneming. Indien er in de onderneming geen syndicale afvaardiging is, dan moet deze mogelijkheid voorzien zijn in het arbeidsreglement en op voorwaarde dat hierover een schriftelijk wederzijds akkoord wordt gesloten met de werkgever.

Voorbeelden: het voltijdse uurroooster van de onderneming bedraagt 38 uur, verdeeld over 5 dagen per week, van maandag tot vrijdag.

  • Indien u voltijds werkt, kunt u met het tijdskrediet 1/5 uw prestaties verminderen met één dag per week, bijvoorbeeld de vrijdag.
  • Indien u voltijds werkt, kunt u met het tijdskrediet 1/5 uw prestaties verminderen met twee halve dagen per week, bijvoorbeeld de woensdagnamiddag en de vrijdagnamiddag.
  • Indien u voltijds werkt en indien deze mogelijkheid is voorzien, kunt u uw uurrooster verminderen en nog 4/5 van het aantal uren van uw voltijdse betrekking presteren (30,4 uur per week), ongeacht hoe deze uren gespreid zijn.

Waneer het 4/5-tijdse arbeidsrooster in onderling overleg met de werkgever is overeengekomen, moet het schriftelijk worden vastgelegd in een aanhangsel van de arbiedsovereenkomst.

Voor welke duur kunt u de verschillende vormen van tijdskrediet in het algemeen stelsel krijgen?

Het volledig tijdskrediet en/of het 1/2-tijds tijdskrediet

Ongeacht uw leeftijd hebben het volledig tijdskrediet en het 1/2-tijds tijdskrediet in het algemeen stelsel dezelfde duur, namelijk:

  • minimum 3 maanden;
  • maximum 12 maanden.

De maximumduur van 12 maanden kan eventueel verlengd worden indien dit bepaald is in een sectorale of ondernemings-CAO. In dat geval kan deze maximumduur uitgebreid worden tot maximum 5 jaar.

Ongeacht de toegelaten maximumduur (van 1 tot 5 jaar):

  • kan het volledig tijdskrediet enkel per periode van maximum 12 maanden per keer worden aangevraagd. Het kan na afloop van die periode eventueel vernieuwd worden, tot de maximumduur bepaald door de collectieve arbeidsovereenkomst is bereikt;
  • het 1/2-tijds tijdskrediet kan aangevraagd worden voor de volledige periode die bepaald is in de collectieve arbeidsovereenkomst.

Opmerking met betrekking tot de minimumduur

De minimumduur van 3 maanden moet nageleefd worden bij elke aanvraag om volledig of 1/2-tijds tijdskrediet, ook in geval van verlenging.

Periodes die afgetrokken worden van de maximumduur

Vermits de duur van het volledig tijdskrediet dezelfde is als die van het 1/2-tijds tijdskrediet, moeten de periodes die al in één van deze vormen genomen zijn, afgetrokken worden van de gemeenschappelijke maximumduur (vastgelegd in de collectieve arbeidsovereenkomst).

Voorbeeld: si vous avez déjà bénéficié de 6 mois de crédit-temps 1/2 temps dans le système général et que vous souhaitez bénéficier d'un crédit-temps complet, les 6 mois de crédit-temps 1/2 temps seront déduits de la durée maximale de crédit-temps complet ou 1/2 temps. Indien de maximumduur van het volledige of 1/2-tijdse tijdskrediet beperkt is tot 1 jaar in de sector waarvan uw onderneming afhangt, zult u nog maar 6 maanden volledig tijdskrediet kunnen krijgen.

De periodes van volledige onderbreking en vermindering van de prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking, genomen in toepassing van de wet van 22.01.1985 (dit wil zeggen de oude types van gewone loopbaanonderneming genomen in de privésector vóór 01.01.2002 of in een andere sector dan de privésector), moeten overigens afgetrokken worden van de maximumduur van het volledige tijdskrediet of het 1/2-tijdse tijdskrediet in het algemeen stelsel.

Voorbeeld: vooraleer u in de privé-sector ging werken, was u tewerkgesteld in een administratie waar u 6 maanden volledige loopbaanonderbreking hebt gekregen. Daarna hebt u bij een vorige werkgever uit de privé-sector 6 maanden halftijdse onderbreking gekregen (nog voor het tijdskrediet bestond). Indien u bij een werkgever werkt waar de maximumduur van het volledig of 1/2-tijds tijdskrediet bepaald is op 36 maanden, moet u de 2 x 6 maanden die u eerder al gekregen hebt van deze 36 maanden aftrekken. Bijgevolg kunt u nog maximum 24 maanden volledig of 1/2-tijds tijdskrediet krijgen.

Het tijdskrediet 1/5

Ongeacht uw leeftijd kunt u het algemeen stelsel van tijdskrediet 1/5 bekomen voor een periode van:

  • minimum: 6 maanden, per aanvraag;
  • maximum: 5 jaar over de hele loopbaan.

Opmerking met betrekking tot de minimumduur

De minimumduur van 6 maanden moet nageleefd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet 1/5, ook in geval van verlenging.

Periodes die afgetrokken worden van de maximumduur

De periodes van gedeeltelijke loopbaanonderbreking in de vorm van een vermindering van de prestaties met 1/5, 1/4 en 1/3, genomen in toepassing van de wet van 22.01.1985 (dit wil zeggen de oude vormen van gewone loopbaanonderbreking genomen in de privésector vóór 01.01.2002 of deze genomen in een andere sector dan de privésector), worden afgetrokken van de maximumperiode van 5 jaar tijdskrediet 1/5 in het algemeen stelsel.

Voorbeeld: vooraleer u in de privésector werkte, was u tewerkgesteld in een administratie waar u 6 maanden vermindering van prestaties met 1/4 hebt genoten. Vervolgens hebt u 30 maanden vermindering van prestaties met 1/5 genomen bij een andere werkgever die deel uitmaakt van de privésector, nog voor het tijdskrediet bestond. Bijgevolg moeten de 36 maanden die u vroeger hebt genomen, afgetrokken worden van de maximumduur van 5 jaar. U hebt dus nog recht op 24 maanden (2 jaar) tijdskrediet 1/5.

Worden periodes thematisch verlof afgetrokken van de maximumduur van het tijdskrediet?

Neen. De periodes volledige, 1/2-tijdse of 1/5-tijdse onderbreking genomen in het kader van een thematisch verlof (ouderschapsverlof, verlof voor medische bijstand of palliatief verlof), moeten nooit afgetrokken worden van de maximumduur van:

  • het volledig tijdskrediet en/of het 1/2-tijds tijdskrediet;
  • het tijdskrediet 1/5.

Mogen de verschillende periodes tijdskrediet in het algemeen stelsel samengeteld worden?

Ja. Tot zolang de maximumduur niet is bereikt, kunt u de maximumduur genieten in elke vorm van tijdskrediet in het algemeen stelsel tijdskrediet.

 

Samenvattende tabel van de maximumduur

Volledig en/of 
1/2-tijds tijdskrediet
in het algemeen stelsel

Tijdskrediet 1/5 
in het algemeen stelsel

Van 1 tot maximum 5 jaar
in functie van de toepasbare Collectieve arbeidsovereenkomst

Maximum 5 jaar 
bij alle werkgevers

 

Welke voorwaarden moet u vervullen bij de werkgever om de verschillende vormen van tijdskrediet te krijgen?

Om de verschillende vormen van tijdskrediet te krijgen bij uw werkgever, moet u verplicht een aantal toegangsvoorwaarden vervullen.

Indien deze voorwaarden niet vervuld zijn, kunt u het gewenste tijdskrediet niet krijgen.

Toelatingsvoorwaarde voor het volledige tijdskrediet

Op de datum van de schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever (zie de vraag over de aanvraag), moet u verplicht voldoen aan de volgende voorwaarde:

  • een arbeidsovereenkomst gehad hebben bij de werkgever gedurende ten minste 12 maanden in de loop van de vorige 15 maanden

Die 12 maanden moeten niet noodzakelijk aaneensluitend zijn.

Toelatingsvoorwaarden voor het 1/2-tijds tijdskrediet

Op de datum van de schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever (zie de vraag over de aanvraag), moet u verplicht voldoen aan de volgende 2 voorwaarden:

  • een arbeidsovereenkomst gehad hebben bij de werkgever gedurende ten minste 12 maanden in de loop van de vorige 15 maanden
  • minstens 3/4-tijds tewerkgesteld zijn geweest in de loop van de 12 voorgaande maanden.

De 12 maanden anciënniteit met een arbeidsovereenkomst moeten niet noodzakelijkerwijze aaneensluitend zijn.

Toelatingsvoorwaarden voor het tijdskrediet 1/5

Op de datum van de schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever (zie de vraag over de aanvraag), moet u verplicht voldoen aan de volgende 2 voorwaarden:

  • een arbeidsovereenkomst gehad hebben bij de werkgever ten minste de 5 voorgaande jaren;
  • voltijds gewerkt hebben de 12 voorgaande maanden.

Opmerking

Indien u 50 jaar of ouder bent, wordt de anciënniteitsvoorwaarde verminderd tot 3 jaar. Bovendien kan deze voorwaarde van 3 jaar anciënniteit verminderd worden tot 2 jaar, indien u vanaf uw 50ste in dienst bent genomen of tot 1 jaar, indien u vanaf uw 55ste in dienst bent genomen.

Zijn de verschillende vormen van tijdskrediet een recht?

Indien uw werkgever hoogstens 10 werknemers tewerkstelt

De verschillende vormen van tijdskrediet zijn geen recht. Het gaat enkel om een mogelijkheid waarvoor het akkoord van de werkgever vereist is. Dit akkoord moet gaan over het principe van het tijdskrediet, de vorm, de aanvangsdatum en de duur.

Met andere woorden, zelfs indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden bij de werkgever, kan hij u het gevraagde tijdskrediet toekennen of weigeren.

Indien uw werkgever meer dan 10 werknemers tewerkstelt

Indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden die gelden bij uw werkgever, hebt u recht op de gevraagde vorm van tijdskrediet. De toegang tot de verschillende vormen van tijdskrediet is echter beperkt tot een quotum van gelijktijdige afwezigheden.

Quotum van de gelijktijdige afwezigheden

Volgens de algemene regel is het recht op de verschillende vormen van tijdskrediet (dit wil zeggen het volledige en 1/2-tijdse tijdskrediet en het tijdskrediet 1/5 in het algemeen stelsel en het 1/2-tijds tijdskrediet en het tijdskrediet 1/5 in het stelsel eindeloopbaan) beperkt tot 5 % van het personeel van de onderneming. Deze beperking tot 5% kan eventueel gewijzigd worden door een sectorale of ondernemings-CAO, of zelfs door het arbeidsreglement.

Van zodra het quotum van de gelijktijdige afwezigheden bereikt is, voorziet de wetgeving een mechanisme om de gelijktijdige afwezigheden te beperken. Dat betekent dat de aanvang van het tijdskrediet zal uitgesteld worden tot er opnieuw een plaats vrijkomt.

Uitzondering

De werknemers van 55 jaar of ouder die een tijdskrediet 1/5 aanvragen, vallen buiten het quotum. Dat betekent dat alle werknemers van 55 jaar of ouder het tijdskrediet 1/5 kunnen bekomen, los van de andere werknemers bij dezelfde werkgever voor wie het quotum wel geldt.

Ongeacht het aantal werknemers in de onderneming

Ongeacht het aantal werknemers in de onderneming kunnen bepaalde personeelscategorieën worden uitgesloten van het recht op de verschillende vormen van tijdskrediet door middel van een sectorale of ondernemings-CAO (bijvoorbeeld, de werknemers met een leidinggevende functie). Indien zij voldoen aan de toegangsvoorwaarden, kunnen zij echter het tijdskrediet bekomen, op voorwaarde dat de werkgever akkoord gaat.

Wie moet bepalen of u recht hebt op het tijdskrediet?

Het is uw werkgever die moet bepalen of u voldoet aan de toegangsvoorwaarden en zo ja, of u recht hebt op het gevraagde tijdskrediet.

Voor meer informatie hierover dient u contact op te nemen met uw werkgever.

Kan de werkgever de aanvangsdatum van het tijdskrediet uitstellen?

Ja. Ja. Indien er meer dan 10 werknemers zijn en los van de bepalingen rond het quotum van de gelijktijdige afwezigheden (zie de vraag: Zijn de verschillende vormen van tijdskrediet een recht?), kan de werkgever de aanvangsdatum van uw tijdskrediet in twee gevallen uitstellen.

Uitstel om ernstige interne of externe redenen

Omwille van ernstige interne of externe redenen kan uw werkgever de uitoefening van het recht op tijdskrediet uitstellen.

Ernstige interne of externe redenen zijn onder meer organisatorische behoeften, de continuïteit van het werk en de reële mogelijkheden tot vervanging. De ondernemingsraad kan die redenen verduidelijken.

In geval van uitstel omwille van ernstige interne of externe redenen, moet het recht op tijdskrediet ingaan uiterlijk 6 maanden te rekenen vanaf de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest. De werkgever kan evenwel andere modaliteiten overeenkomen met u.

Uitstel van het tijdskrediet 1/5 van de werknemers van 55 jaar of ouder

Indien u 55 jaar of ouder bent en een tijdskrediet 1/5 aanvraagt, is het quotum van de gelijktijdige afwezigheden niet van toepassing (zie de vraag: Is het tijdskrediet eindeloopbaan een recht?).

Om de continuïteit van de arbeidsorganisatie niet in het gedrang te brengen, kan de werkgever in dat geval het recht op het tijdskrediet 1/5 uitstellen, indien u een sleutelfunctie uitoefent. Het begrip sleutelfunctie kan worden verduidelijkt door een sectorale of ondernemings-CAO of, indien er geen vakbondsafvaardiging is, door middel van het arbeidsreglement.

Voorbeeld: uw rol in de onderneming is zo belangrijk dat uw afwezigheid de organisatie van de arbeid in het gedrag zou brengen, en er kan voor deze afwezigheid geen enkele oplossing gevonden worden via de overplaatsing van personeel of interne mutaties.

In geval van uitstel om deze reden moet het recht op tijdskrediet 1/5 ingaan na uiterlijk 12 maanden te rekenen vanaf de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest. De werkgever kan evenwel andere modaliteiten overeenkomen met u.

Mag het ene type uitstel bij het andere worden opgeteld?

De termijn van het uitstel omwille van ernstige interne of externe redene wordt niet opgeteld bij de termijn voorzien wanneer het quotum van de gelijktijdige afwezigheden is bereikt of overschreden.

Het specifieke uitstel van 12 maanden voor de werknemers van 55 jaar of ouder die een sleutelfunctie uitoefenen en het uitstel van 6 maanden omwille van ernstige interne of externe redenen, komen trouwens tegelijkertijd voor, zonder te kunnen worden opgeteld.

Welke procedure moet u volgen om het tijdskrediet aan te vragen bij uw werkgever?

Telkens wanneer u tijdskrediet aanvraagt, moet u de de volgende procedure respecteren.

Schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever

U moet uw werkgever schriftelijk op de hoogte brengen van het feit dat u een tijdskrediet wil bekomen.

Deze schriftelijke kennisgeving moet hem aangetekend worden opgestuurd of persoonlijk overhandigd met een dubbel ter ondertekening als ontvangstbewijs.

De schriftelijke kennisgeving moet de volgende informatie bevatten:

  • het gekozen stelsel van tijdskrediet, dit wil zeggen, naargelang het geval, het volledig tijdskrediet, het 1/2-tijds tijdskrediet of het tijdskrediet 1/5;
  • de gewenste aanvangstdatum;
  • de gewenste duur van het tijdskrediet;
  • in geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5, uw voorstel voor de manier waarop u uw recht wenst uit te oefenen, dit wil zeggen de manier waarop u uw prestaties wil verminderen;
  • indien nodig, de vereiste elementen voor de toepassing van het voorkeur- en planningmechanisme in geval van afwezigheid van een bepaald aantal werknemers, wanneer u in de kennisgeving vermeldt dat u hiervan gebruik wenst te maken (bijvoorbeeld: eenoudergezien met één of meerdere kinderen van minder dan 12 jaar).

Termijn voor de kennisgeving aan de werkgever

De kennisgeving moet vooraf gebeuren, dit is:

  • 3 maanden vooraf indien er bij uw werkgever meer dan 20 werknemers tewerkgesteld zijn;
  • 6 maanden vooraf indien er bij uw werkgever 20 werknemers of minder tewerkgesteld zijn.

Deze kennisgevingstermijn kan, in onderling overleg met uw werkgever, gewijzigd worden.

Attest tijdskrediet

U moet bij de kennisgeving die u aan uw werkgever bezorgt een attest van de RVA voegen, waarin gepreciseerd wordt of u al een loopbaanonderbreking hebt genoten (in de privésector vóór 01.01.2002 of op eender welke datum in een andere sector dan de privésector) of een tijdskrediet in het algemeen stelsel vanaf 01.01.2002.

Het gaat om het attest tijdskrediet. U stuurt dit formulier naar het RVA-kantoor bevoegd voor uw woonplaats.

De gegevens van de verschillende RVA-kantoren staan op onze website. U kunt er eveneens het attest tijdskrediet downloaden, uw gegevens erop invullen en het naar het voormelde RVA-kantoor sturen

De RVA zal op dit attest de eventuele periodes vermelden waarin u genoten hebt:

  • van het recht op één van de vormen van tijdskrediet in het algemeen stelsel (volledig tijdskrediet, 1/2-tijds tijdskrediet, tijdskrediet 1/5);
  • van een volledige onderbreking of een vermindering van de prestaties in toepassing van de artikelen 100 en 102 van de wet van 22.01.1985 (dit wil zeggen de gewone formules van loopbaanonderbreking en vermindering van de prestaties voor alle sectoren).

Indien u al een dossier hebt, is dit reeds ingevulde attest eveneens beschikbaar op de portaalsite van de sociale zekerheid. (Zie de vraag Hoe kunt u uw dossier opvolgen?)

Antwoord van uw werkgever

De werkgever moet u zijn antwoord meedelen ten laatste op de laatste dag van de maand die volgt op de datum waarop u hem de schriftelijke kennisgeving hebt overhandigd, behalve indien hij het recht op het tijdskrediet wil uitstellen, want in dat geval moet hij u op de hoogte brengen van zijn voornemen binnen de maand die volgt op de schriftelijke kennisgeving.

Voorbeeld: u wenst vanaf 15 juli een tijdskrediet te genieten. Aangezien er in de onderneming meer dan 20 werknemers zijn, brengt u uw werkgever 3 maanden vooraf, dus op 15 april, schriftelijk op de hoogte.

  • als de werkgever het recht op tijdskrediet wil uitstellen om ernstige interne of externe redenen of, in geval van een tijdskrediet 1/5, als u 55 jaar of ouder bent en een sleutelfunctie bekleedt, moet de werkgever u uiterlijk op 14 mei zijn voornemen meedelen, dit wil zeggen binnen de maand die volgt op de ontvangst van de schriftelijke kennisgeving. In dat geval is de werkgever verplicht dit uitstel te motiveren en u te laten weten op welke datum u het tijdskrediet zult kunnen genieten;
  • indien er geen uitstel is, moet de werkgever u uiterlijk op 30 mei zijn antwoord meedelen, dit wil zeggen op de laatste dag van de maand volgend op de maand april (de maand waarin u hem uw schriftelijke kennisgeving hebt bezorgd). In dit antwoord moet de werkgever preciseren of u het tijdskrediet kunt bekomen omdat u voldoet aan de toegangsvoorwaarden en, zo ja, of u er vanaf de gevraagde datum van kunt genieten. Als het tijdskrediet moet worden uitgesteld door toepassing van het voorkeur- en planningsmechanisme van de afwezigheden, moet de werkgever u de datum meedelen waarop u het tijdskrediet kunt bekomen.

Wat zullen uw inkomsten zijn gedurende het tijdskrediet?

Indien u een volledig tijdskrediet aanvraagt, betaalt de werkgever u geen loon tijdens de periode waarin u uw prestaties schorst, aangezien u niet meer voor hem werkt.

Vraagt u een 1/2-tijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5, dan wordt u door uw werkgever betaald op basis van uw deeltijdse prestaties, dit wil zeggen, naargelang het geval, 1/2-tijds of 4/5-tijds.

NB: voor meer inlichtingen over uw 1/2-tijdse of 4/5-tijdse loon, dient u contact op te nemen met uw werkgever.

In voorkomend geval kunt u tijdens uw volledig tijdskrediet, uw 1/2-tijds tijdskrediet of uw tijdskrediet 1/5, als vervangingsinkomen, een maandelijkse uitkering krijgen van de RVA (zie hierna).

DEEL 2 - MODALITEITEN VERBONDEN AAN DE UITKERINGEN TIJDSKREDIET

Hebt u recht op de uitkeringen toegekend door de RVA?

Ja. U kunt enkel uitkeringen voor tijdskrediet ontvangen van de RVA, indien u voldoet aan de toekenningsvoorwaarden bepaald in de reglementering.

Opgelet: de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen verschillen van de voorwaarden om toegang te krijgen tot het tijdskrediet bij uw werkgever.

De periodes tijdens dewelke de uitkeringen kunnen toegekend worden, stemmen overigens niet noodzakelijk overeen met de duur van het tijdskrediet dat u bij uw werkgever hebt bekomen.

NB: Meer uitleg over de toekenningsvoorwaarden voor uitkeringen tijdskrediet en de maximumduur tijdens dewelke ze betaald kunnen worden, vindt u onder de 2 volgende vragen van dit infoblad.

Wat zijn de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen?

Sinds 1 januari 2012, verschillen de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen van de voorwaarden om toegang te krijgen tot het tijdskrediet bij uw werkgever.

Deze toekenningsvoorwaarden zijn bepaald voor de 3 vormen van tijdskrediet in het algemeen stelsel, dit wil zeggen het volledig tijdskrediet, het 1/2-tijds tijdskrediet en het tijdskrediet 1/5.

Deze toekenningsvoorwaarden en de vergoedbaarheidsduur zijn overigens niet dezelfde, naargelang u de uitkeringen tijdskrediet aanvraagt:

  • zonder motief;
  • met motief (het moet gaan om een motief bepaald door de reglementering - zie hierna).

Toekenning van de uitkeringen zonder motief

U kunt de uitkeringen tijdskrediet krijgen zonder uw aanvraag te rechtvaardigen met enig motief.

Toekenningsvoorwaarden

Om de uitkeringen tijdskrediet te krijgen zonder motief, moet u verplicht voldoen aan de volgende 2 voorwaarden, op de datum van de schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever (zie de vraag over de aanvraag van het tijdskrediet bij uw werkgever):

  • een beroepsverleden van minstens 5 jaar als loontrekkende hebben;
  • door een arbeidsovereenkomst verbonden zijn met de werkgever bij wie het tijdskrediet wordt gevraagd en dit, sedert ten minste 2 jaar.

Voorbeelden:

  • U hebt 12 jaar beroepsverleden (bij verschillende werkgevers) en u wenst een volledig tijdskrediet te bekomen in de onderneming waar u sinds 4 jaar werkt. Vermits de toegangsvoorwaarde om het volledig tijdskrediet te bekomen bij de werkgever vervuld is, mag u uw prestaties schorsen. Bovendien kunt u tijdens uw volledig tijdskrediet uitkeringen krijgen zonder motief, omdat u eveneens voldoet aan de toekenningsvoorwaarden (5 jaar beroepsverleden en 2 jaar anciënniteit);
  • U hebt 8 jaar beroepsverleden (bij verschillende werkgevers) en u wenst een volledig tijdskrediet te bekomen in de onderneming waar u sinds anderhalf jaar werkt. Vermits de toegangsvoorwaarde om het volledig tijdskrediet te bekomen bij de werkgever vervuld is, mag u uw prestaties schorsen. U kunt evenwel geen uitkeringen tijdskrediet zonder motief krijgen, omdat u minstens 2 jaar anciënniteit moet hebben bij de werkgever;
  • U hebt 4 jaar beroepsverleden (bij verschillende werkgevers) en u wenst een 1/2-tijds tijdskrediet te bekomen in de onderneming waar u sinds 2 en een half jaar voltijds werkt. Vermits de toegangsvoorwaarde om het 1/2-tijds tijdskrediet te bekomen bij de werkgever vervuld is, mag u uw prestaties dus verminderen. U kunt evenwel geen uitkeringen tijdskrediet zonder motief krijgen, omdat u minstens 5 jaar beroepsverleden moet hebben als loontrekkende.
Uitzondering

Indien u de uitkeringen tijdskrediet zonder motief aanvraagt, onmiddellijk nadat u uw recht op ouderschapsverlof voor alle rechthebbende kinderen hebt uitgeput, moet u enkel voldoen aan de volgende voorwaarde:

  • gedurende minstens 12 maanden in de loop van de 15 maanden die voorafgaan aan de schriftelijke kennisgeving door een arbeidsovereenkomst verbonden zijn met de werkgever bij wie het tijdskrediet wordt gevraagd.

Voor de toepassing van deze uitzondering moet het tijdskrediet van datum tot datum volgen op het ouderschapsverlof.

Voorbeeld: 
U hebt 3 jaar beroepsverleden (bij verschillende werkgevers) en u wenst een volledig tijdskrediet te bekomen in de onderneming waar u anderhalf jaar anciënniteit hebt. U hebt een kind jonger dan 12 jaar, waarvoor u ouderschapsverlof hebt gekregen onder de vorm van een volledige onderbreking. Indien u het tijdskrediet vraagt onmiddellijk na uw ouderschapsverlof, kunt u de uitkeringen zonder motief krijgen, zelfs indien u geen 5 jaar beroepsverleden hebt en geen 2 jaar anciënniteit bij de werkgever.

NB: Meer informatie over het ouderschapsverlof vindt u in het infoblad T19. Dit is beschikbaar op de website van de RVA en in de RVA-kantoren.

Toekenning van de uitkeringen met motief

De reglementering bepaalt dat u de uitkeringen tijdskrediet kunt aanvragen omwille van één van de volgende motieven:

  • Zorg dragen voor uw kind jonger dan 8 jaar.

Onder zorg dragen voor uw kind wordt verstaan dat u zich bezighoudt met uw kind (het gaat hier dus niet om medische zorgen). Om de uitkeringen tijdskrediet omwille van dit motief te rechtvaardigen, moet de aanvangsdatum van de schorsing of de vermindering van prestaties gelegen zijn vóór de achtste verjaardag van het kind. Indien het om een geadopteerd kind gaat, mag het tijdskrediet aanvangen vanaf de inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister van de gemeente waar u gedomicilieerd bent.

NB: Dit motief voor de aanvraag van uitkeringen tijdskrediet mag niet verward worden met het ouderschapsverlof (zie infoblad T19, te vinden op onze website en in de RVA-kantoren).

  • Palliatieve zorgen verlenen.

Om de uitkeringen tijdskrediet omwille van dit motief te kunnen rechtvaardigen, verstaat men onder palliatieve zorgen elke vorm van bijstand (medisch, sociaal, administratief en psychologisch) en verzorging van personen die ongeneeslijk ziek zijn en zich in de terminale fase bevinden.

NB: Dit motief voor de aanvraag van uitkeringen tijdskrediet mag niet verward worden met het palliatief verlof (zie infoblad T20, te vinden op onze website en in de RVA-kantoren).

  • Bijstand of zorgen verstrekken aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad.

Om de uitkeringen tijdskrediet omwille van dit motief te rechtvaardigen, wordt beschouwd als zware ziekte, elke ziekte of medische ingreep die de behandelende geneesheer als dusdanig beoordeelt en waarvoor hij elke vorm van sociale, familiale of mentale bijstand noodzakelijk acht voor het herstel.

Zowel uw familieleden als uw aanverwanten tot de 2de graad worden beschouwd als familieleden. De gezinsleden zijn de personen met wie u samenwoont.

NB: Dit motief voor de aanvraag van uitkeringen tijdskrediet mag niet verward worden met het verlof voor medische bijstand (zie infoblad T18, te vinden op onze website en in de RVA-kantoren).

  • Zorg dragen voor uw gehandicapt kind tot de leeftijd van 21 jaar.

Om de uitkeringen tijdskrediet wegens dit motief te kunnen rechtvaardigen, wordt als een gehandicapt kind beschouwd, het kind dat aangetast is door een fysieke of mentale ongeschiktheid van minstens 66 % of door een aandoening waardoor ten minste 4 punten toegekend worden in pijler 1 van de medisch-sociale schaal in de regelgeving van de kinderbijslag.

  • Een opleiding volgen die erkend is door de Gemeenschappen (Franse, Vlaamse of Duitstalige) of door de sector

Om de uitkeringen tijdskrediet omwille van dit motief te kunnen rechtvaardigen, moet het uitsluitend gaan om:

  • een opleiding erkend door de Gemeenschappen of door de sector, van minstens 360 uren of 27 studiepunten per jaar of 120 uren of 9 studiepunten per schooltrimester of per ononderbroken periode van 3 maanden;
  • het volgen van onderwijs verstrekt in een Centrum voor basiseducatie of een opleiding gericht op het behalen van een diploma of getuigschrift van het secundair onderwijs, waarbij de grens wordt vastgesteld op 300 uren per jaar of 100 uren per schooltrimester of per ononderbroken periode van 3 maanden.

Opgelet: indien u de uitkeringen tijdkrediet aanvraagt omwille van het motief opleiding, zult u de RVA op het einde van elk trimester binnen de 20 kalenderdagen een attest moeten bezorgen waaruit blijkt dat u regelmatig aanwezig bent tijdens de opleiding (zie de vraag: moet u andere stappen zetten tijdens het tijdskrediet?). Indien u dit attest van regelmatige aanwezigheid niet aflevert, ontvangt u het volgende trimester geen uitkeringen.

Toekenningsvoorwaarden

Om de uitkeringen tijdskrediet te krijgen wegens één van de voormelde motieven, moet u op de datum van de schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever enkel voldoen aan de volgende voorwaarde (zie de vraag over de aanvraag van het tijdskrediet bij uw werkgever):

  • door een arbeidsovereenkomst verbonden zijn met de werkgever bij wie het tijdskrediet wordt gevraagd en dit, sedert ten minste 2 jaar.

Voorbeeld: u hebt 4 jaar beroepsverleden (bij verschillende werkgevers) en u wenst een 1/2-tijds tijdskrediet te bekomen in de onderneming waar u sinds 2 en een half jaar werkt, om te zorgen voor uw kind dat jonger is dan 8 jaar. Vermits de toegangsvoorwaarden om het 1/2-tijds tijdskrediet te bekomen bij de werkgever vervuld zijn, mag u uw prestaties verminderen. Aangezien de aanvraag wordt gerechtvaardigd door het motief "zorg dragen voor uw kind jonger dan 8 jaar", kunt u eveneens de uitkeringen krijgen.

Gedurende hoeveel tijd kunt u de uitkeringen genieten?

In geval van uitkeringsaanvraag zonder motief

Voor de 3 vormen van tijdskrediet bepaald in het algemeen stelsel (volledig tijdskrediet, 1/2-tijds tijdskrediet en tijdskrediet 1/5), beschikt u over een krediet van uitkeringen zonder motief voor een maximumduur van 12 maanden voltijds equivalent.

Concreet gezien stemmen deze 12 maanden voltijds equivalent overeen met:

  • maximum 12 maanden uitkeringen, in geval van volledig tijdskrediet;
  • of maximum 24 maanden uitkeringen, in geval van 1/2-tijds tijdskrediet;
  • of maximum 60 maanden uitkeringen, in geval van tijdskrediet 1/5;
  • of een combinatie van deze 3 vormen van uitkeringen tijdskrediet ten belope van een periode van 12 maanden voltijds equivalent.

Voorbeelden:

  • U vervult de toekenningsvoorwaarden om recht te hebben op uitkeringen zonder motief en u vraagt deze uitkeringen aan in het kader van een volledig tijdskrediet gedurende 6 maanden. Op de maximumduur van 12 maanden uitkeringen voltijds equivalent, hebt u dus nog recht op uitkeringen zonder motief:
    • gedurende 6 maanden, in geval van volledig tijdskrediet;
    • of 12 maanden, in geval van 1/2-tijds tijdskrediet;
    • of 30 maanden, in geval van tijdskrediet 1/5.
  • U vervult de toekenningsvoorwaarden om recht te hebben op uitkeringen zonder motief en u vraagt deze uitkeringen aan in het kader van een tijdskrediet 1/5 gedurende 60 maanden. Na afloop van deze periode zult u dus de maximumduur van 12 maanden uitkeringen voltijds equivalent hebben uitgeput. Indien u daarna nog uitkeringen zonder motief aanvraagt in het kader van een volledig of halftijds tijdskrediet, kunnen deze uitkeringen bijgevolg niet meer worden toegekend.

Periodes af te trekken van het krediet van uitkeringen zonder motief

Van het krediet van uitkeringen zonder motief dat geldt vanaf 01.01.2012 moeten de periodes van uitkeringen tijdskrediet die vóór 01.01.2012 zonder motief waren aangevraagd afgetrokken worden.

Opgelet: De aftrek van de periodes uitkeringen zonder motief van vóór 01.01.2012 betreft de 3 vormen van tijdskrediet bepaald in het algemeen stelsel, dit wil zeggen de periodes van uitkeringen in geval van volledig tijdskrediet, maar ook in geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5.

Voorbeelden:

  • De collectieve arbeidsovereenkomst die van toepassing is bij uw werkgever voorziet een maximumduur van 5 jaar voor het volledig en het 1/2-tijds tijdskrediet. U hebt van 01.01.2009 tot 31.12.2009 reeds 12 maanden 1/2-tijds tijdskrediet zonder motief genoten. Vanaf 01.01.2012 krijgt u bij uw werkgever een nieuwe periode 1/2-tijds tijdskrediet gedurende 48 maanden.

Aangezien het om een 1/2-tijds tijdskrediet gaat, moeten van het krediet van maximum 24 maanden uitkeringen zonder motief (van toepassing vanaf 01.01.2012) de 12 maanden uitkeringen zonder motief die u tussen 01.01.2009 en 31.12.2009 hebt genoten, worden afgetrokken. Bijgevolg kunt u tijdens de periode van 48 maanden 1/2-tijds tijdskrediet die u bij uw werkgever krijgt, slechts gedurende maximum 12 maanden uitkeringen zonder motief ontvangen.

  • U hebt gedurende 5 jaar, van 01.01.2005 tot 31.12.2010 een tijdskrediet 1/5 zonder motief genomen. Vanaf 01.02.2012 krijgt u bij uw werkgever een periode volledig tijdskrediet gedurende 12 maanden.

Vermits het gaat om een volledig tijdskrediet, moeten dus van het krediet van maximum 12 maanden uitkeringen zonder motief (van toepassing vanaf 01.01.2012) de 60 maanden uitkeringen zonder motief die u in het kader van het tijdskrediet 1/5 tussen 01.01.2005 en 31.12.2010 hebt ontvangen, worden afgetrokken. Bijgevolg is het krediet van uitkeringen zonder motief uitgeput en kunt u tijdens de periode van 12 maanden volledig tijdskrediet die u bij uw werkgever krijgt, geen uitkeringen ontvangen.

In geval van uitkeringsaanvraag met motief

Naast het krediet van uitkeringen zonder motief, beschikt u ook over een bijkomend krediet van uitkeringen indien het tijdskrediet wordt gerechtvaardigd door één van de motieven bepaald door de reglementering (zie vorige vraag).

  • U beschikt over een bijkomend krediet van uitkeringen van maximum 36 maanden, indien het tijdskrediet wordt gerechtvaardigd door één van de volgende motieven:
    • Zorg dragen voor uw kind jonger dan 8 jaar;
    • Palliatieve zorgen verlenen;
    • Bijstand of zorgen verstrekken aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad;
    • Een opleiding volgen die erkend is door de Gemeenschap of de sector.
  • U beschikt over een bijkomend krediet van uitkeringen van maximum 48 maanden, indien het tijdskrediet wordt gerechtvaardigd door één van de volgende motieven
    • Zorg dragen voor uw gehandicapt kind tot de leeftijd van 21 jaar;
    • Bijstand of zorgen verlenen aan uw zwaar zieke kind of aan een zwaar ziek kind dat deel uitmaakt van uw gezin.

Opgelet: de periode van maximum 36 maanden uitkeringen omwille van het motief "zorg of opleiding" en deze van maximum 48 maanden omwille van het motief "zorg voor zijn zwaar ziek kind of voor een gehandicapt kind" kunnen niet samengeteld worden.

Voorbeeld: 
Aangezien u voldoet aan de toekenningsvoorwaarden, dient u een uitkeringsaanvraag in gerechtvaardigd door het motief "gehandicapt kind", gedurende 48 maanden. Indien u daarna een uitkeringsaanvraag indient omwille van het motief "opleiding", hebt u geen recht op een bijkomend krediet aan uitkeringen van 36 maanden.

Deze 36 of 48 maanden uitkeringen met motief worden overigens uitgedrukt in kalenderperiodes en niet in periodes voltijdsequivalent.

Het krediet van uitkeringen met motief gedurende maximum 36 of 48 maanden is voorzien voor de 3 vormen van tijdskrediet in het algemeen stelsel, dit wil zeggen het volledig tijdskrediet, het 1/2-tijds tijdskrediet en het tijdskrediet 1/5.

Voorbeeld: 
Aangezien u de toekenningsvoorwaarden vervult, vraagt u uitkeringen tijdskrediet 1/5 met motief, gedurende 24 maanden, om voor uw kind jonger dan 8 jaar te zorgen. Daarna vraagt u uitkeringen aan voor 1/2-tijds tijdskrediet met motief gedurende 24 maanden, om een opleiding te volgen. Vermits het krediet van uitkeringen met motief "zorg of opleiding" voorzien is voor maximum 36 maanden voor de 3 vormen van tijdskrediet in het algemeen stelsel, betekent dit dat de RVA u voor de aanvraag om uitkeringen 1/2-tijds tijdskrediet, nog slechts gedurende maximum 12 maanden en niet gedurende de gevraagde 24 maanden uitkeringen kan toekennen omwille van het motief opleiding.

Periodes af te trekken van het krediet van uitkeringen met motief

Van het krediet van 36 of 48 maanden uitkeringen met motief dat geldt vanaf 01.01.2012 moeten de periodes van uitkeringen tijdskrediet met motief, genomen vóór 01.01.2012, afgetrokken worden.

Opgelet: vóór 01.01.2012 konden enkel de uitkeringen voor volledig tijdskrediet gerechtvaardigd worden met een motief. De periodes van uitkeringen genoten vóór 01.01.2012 in het kader van een 1/2-tijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5 worden dan ook nooit afgetrokken van het kapitaal van 36 of 48 maanden uitkeringen met motief.

Voorbeeld: 
Van 01.01.2010 tot 31.12.2010 hebt u uitkeringen voor een volledig tijdskrediet genoten om een opleiding te volgen. Op 01.01.2012 vraagt u, aangezien u de toekenningsvoorwaarden vervult, uitkeringen tijdskrediet 1/5 met motief, gedurende 36 maanden, om voor uw kind jonger dan 8 jaar te zorgen. Vermits u reeds 12 maanden uitkeringen met motief hebt gekregen vóór 01.01.2012, moet deze periode worden afgetrokken van het kapitaal van 36 maanden uitkeringen met motief "zorg of opleiding". De RVA kan u de uitkeringen voor het tijdskrediet 1/5 met motief opleiding dus slechts gedurende 24 maanden toekennen en niet gedurende de gevraagde 36 maanden.

Moet u uw krediet van uitkeringen zonder motief uitgeput hebben vooraleer u gebruik kunt maken van uw krediet van uitkeringen met motief?

Neen. U moet uw krediet van uitkeringen zonder motief niet uitgeput hebben vooraleer u uitkeringen met motief aanvraagt. U kunt naar eigen goeddunken over deze twee vormen van uitkeringen beschikken.

Voorbeeld: 
U hebt een volledig tijdskrediet van 12 maanden gekregen, van 01.02.2012 tot 31.01.2013. U vroeg dit tijdskrediet om te zorgen voor uw kind van 7 jaar. Op voorwaarde dat u voldoet aan de toekenningsvoorwaarden, kunt u dus een aanvraag om uitkeringen met motief "zorgen voor zijn kind jonger dan 8 jaar" indienen tijdens deze periode van 12 maanden. Indien u uw volledig tijdskrediet vervolgens verlengt van 01.02.2013 tot 31.01.2014, kunt u gedurende deze periode van 12 maanden uitkeringen zonder motief krijgen, aangezien uw kind ondertussen ouder is dan 8 jaar.

Mag u de periodes van uitkeringen zonder motief optellen bij de periodes van uitkeringen met motief?

Ja. Voor de 3 vormen van tijdskrediet in het algemeen stelsel (volledig tijdskrediet, 1/2-tijds tijdskrediet en tijdskrediet 1/5) mag u het krediet van uitkeringen zonder en met motief samentellen.

Voorbeeld: 
In de colllectieve arbeidsovereenkomst die van toepassing is bij uw werkgever, kunt u een volledig of 1/2-tijds tijdskrediet bekomen gedurende maximum 60 maanden. Bijgevolg vraagt u het maximum van 60 maanden 1/2-tijds tijdskrediet om zorg te dragen voor uw kind jonger dan 8 jaar. Indien u in het verleden nooit uitkeringen hebt gekregen en op voorwaarde dat u voldoet aan de toekenningsvoorwaarden, kunt u 24 maanden uitkeringen zonder motief aanvragen en vervolgens 36 maanden uitkeringen omwille van het motief "zorg dragen voor zijn kind jonger dan 8 jaar" of omgekeerd.

Kunt u de uitkeringen tijdskrediet van het algemeen stelsel krijgen indien u 50 jaar of ouder bent?

Ja. De uitkeringen in het algemeen stelsel van het tijdskrediet zijn toegankelijk voor alle werknemers, ongeacht hun leeftijd. U kunt dus tijdskrediet in het algemeen stelsel en de in dit kader voorziene uitkeringen aanvragen indien u 50 jaar of ouder bent. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn indien u niet voldoet aan de toekenningsvoorwaarden om uitkeringen tijdskrediet eindeloopbaan te genieten (zie infoblad "tijdskrediet eindeloopbaan").

Voorbeeld: u bent 50 jaar en wenst uw prestaties met 1/5 te verminderen. Aangezien de maximumduur van het tijdskrediet 1/5 in het algemeen stelsel bepaald is op 5 jaar en op voorwaarde dat u voldoet aan de toegangsvoorwaarden die gelden bij uw werkgever, kunt u dit tijdskrediet 1/5 bekomen tussen 50 en 55 jaar.

Indien u voldoet aan de toekenningsvoorwaarden en de maximale vergoedbaarheidsperiodes nog niet bereikt of uitgeput zijn, kunt u dan ook uitkeringen tijdskrediet aanvragen in het algemeen stelsel, met of zonder motief.

  • Indien de uitkeringen gevraagd worden zonder motief:
    • indien u vroeger nog nooit uitkeringen zonder motief hebt genoten, hebt u recht op de uitkeringen tijdskrediet 1/5 gedurende de gevraagde 60 maanden, tussen 50 en 55 jaar;
    • indien u reeds 24 maanden uitkeringen 1/2-tijds tijdskrediet zonder motief hebt genoten tussen 48 en 50 jaar, hebt u geen recht meer op de uitkeringen voor tijdskrediet 1/5 zonder motief tussen 50 en 55 jaar, vermits de maximumduur voor de uitkeringen zonder motief 12 maanden voltijds equivalent bedraagt.
  • Indien de uitkeringen gevraagd worden met motief:
    • indien de uitkeringen worden gevraagd omwille van het motief "zorg of opleiding", kunt u tijdens de 5 jaar tijdskrediet 1/5 gedurende maximum 36 maanden uitkeringen krijgen;
    • indien de uitkeringen worden gevraagd omwille van het motief "zorg voor zijn zwaar ziek of gehandicapt kind", kunt u tijdens de 5 jaar tijdskrediet 1/5 gedurende maximum 48 maanden uitkeringen krijgen.

In voorkomend geval kunt u, in functie van de maximale vergoedbaarheidsperiodes en de eventuele eerder genomen periodes van uitkeringen in de 3 vormen van tijdskrediet in het algemeen stelsel, de 5 jaar tijdskrediet 1/5 combineren met een periode van uitkeringen zonder motief en een periode van uitkeringen met motief.

Op wie zijn de toekenningsvoorwaarden en de maximumduur om de uitkeringen te krijgen van toepassing?

De toekenningsvoorwaarden en de maximumduur om de uitkeringen te krijgen (uitgelegd in de vorige vragen) zijn van toepassing op alle eerste aanvragen en op alle aanvragen tot verlenging van de uitkeringen wanneer het een tijdskrediet betreft dat aanvangt vanaf 01.01.2012.

Bestaat er een overgangsmaatregel?

Ja. De reglementering die van kracht was vóór 01.01.2012 blijft van toepassing, indien de aanvangsdatum van uw tijdskrediet uiterlijk op 02.04.2012 valt, maar enkel indien:

  • de RVA uw uitkeringsaanvraag heeft ontvangen uiterlijk op 01.03.2012;
  • uw werkgever uw schriftelijke kennisgeving (waarin u hem op de hoogte brengt van uw wil om tijdskrediet te bekomen) heeft ontvangen vóór 28.11.2011.

Opgelet: om deze overgangsbepaling te genieten moeten 2 criteria verplicht vervuld zijn.

Wat gebeurt er indien u niet voldoet aan de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen of indien de maximale vergoedbaarheidsduur bereikt of overschreden is?

Indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden om het tijdskrediet te bekomen bij uw werkgever, maar de RVA u de uitkeringen weigert toe te kennen, bent u in tijdskrediet zonder uitkeringen.

Met andere woorden, de schorsing of de vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking of met 1/5, toegekend door uw werkgever, zal verderlopen tot de gevraagde einddatum, maar zonder dat de RVA uitkeringen betaalt. In dat geval:

  • hebt u in geval van volledig tijdskrediet geen enkel inkomen en geen enkele sociale dekking;
  • hebt u in geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5, enkel recht op het loon van uw werkgever en de sociale dekking op basis van uw deeltijds arbeidsregime.

Indien u niet in tijdskrediet zonder uitkeringen wil blijven, moet u het voortijdig stopzetten, mits de toestemming van uw werkgever. Deze toestemming moet betrekking hebben op het principe en op de datum van de vroegtijdige beëindiging. Indien u deze toestemming krijgt, moet u het RVA-kantoor waarvan u afhangt, schriftelijk op de hoogte brengen.

Hoeveel bedragen de uitkeringen?

Indien u voldoet aan de toekenningsvoorwaarden en indien de maximale vergoedbaarheidsduur niet bereikt of overschreden is, ontvangt u ter compensatie van de daling van uw inkomen een maandelijkse uitkering betaald door de RVA.

De uitkering is forfaitair. Het bedrag varieert niet in functie van uw loon. Toch kunnen bepaalde criteria dit bedrag beïnvloeden. Het zijn de volgende:

  • het gekozen type van tijdskrediet (volledig tijdskrediet, 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5);
  • in geval van volledig tijdskrediet of 1/2-tijds tijdskrediet gekregen op basis van een deeltijdse betrekking, wordt de uitkering berekend in verhouding tot de tewerkstellingsbreuk;

Voorbeeld: indien u 4/5-tijds werkt, ontvangt u 4/5 van het uitkeringsbedrag voor volledig of 1/2-tijds tijdskrediet voorzien voor de voltijdse werknemers.

  • wanneer het tijdskrediet geen volle maand duur, wordt een proportioneel gedeelte van het uitkeringsbedrag toegekend op basis van het aantal dagen gedekt door het tijdskrediet;

Voorbeeld: U vraagt een volledig tijdskrediet van 3 maanden van 18 januari tot 17 april

  • Voor de maand januari ontvangt u een proportie van het uitkeringsbedrag gelijk aan de periode tussen 18 en 31 januari;
  • Voor de maand april ontvangt u een proportie van het uitkeringsbedrag gelijk aan de periode tussen 1 en 17 april.
  • bij een aanvraag om tijdskrediet 1/5, varieert de uitkeringen naargelang u samenwonend of alleenwonend bent. Voor de toepassing van deze bepaling wordt u in 2 gevallen beschouwd als alleenwonende werknemer:
    • indien u alleen woont. In dat geval geniet u een verhoogde uitkering;
    • Indien u enkel samenwoont met één of meerdere kinderen waarvan u er minstens één ten laste hebt. In dat geval geniet u een verhoogde uitkering, waarop een lagere bedrijfsvoorheffing geldt.

De uitkering is onderworpen aan de bedrijfsvoorheffing. Dat betekent dat de ontvangen maandelijkse uitkering een netto-uitkering is, waarvan de bedrijfsvoorheffing reeds is afgetrokken.

NB: voor meer informatie over het fiscale aspect en ondermeer over het percentage van de voorheffing die ingehouden wordt op de uitkeringen voor tijdskrediet, zie de vraag: wat is de invloed van de uitkeringen op uw belastingen?

De uitkeringen worden geïndexeerd. De bedragen vermeld in dit document zijn de geïndexeerde bedragen geldig sedert 01.12.2012.

Om de bedragen van de uitkeringen te kennen: zie “Barema's” - 1.1 Tijdskrediet - Algemeen stelsel.

Kunt u een tijdskrediet in het algemeen stelsel genieten zonder uitkeringen?

Ja. U kunt een tijdskrediet in het algemeen stelsel krijgen bij uw werkgever zonder de uitkeringen van de RVA aan te vragen. In dat geval moet u niet voldoen aan de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen en is er geen maximale vergoedbaarheidsduur op u van toepassing. Bovendien bent u niet onderworpen aan de regels inzake cumulatie met andere activiteiten en inkomsten, noch aan de regels inzake de woonplaats (zie de vragen hierover).

Voorbeeld: indien u een tijdskrediet 1/5 wil bekomen in het algemeen stelsel om een niet-cumuleerbare activiteit uit te oefenen (bijvoorbeeld een zelfstandige activiteit) of indien u een pensioen ontvangt, kunt u het tijdskrediet aanvragen zonder uitkeringen.

U moet van dit tijdskrediet zonder uitkeringen echter aangifte doen bij de RVA. U moet dus een formulier indienen om tijdskrediet aan te vragen bij het RVA-kantoor van uw woonplaats (zie de vraag hierna).

Wat is de aanvraagprocedure bij de RVA?

U moet enkel een aanvraag indienen bij de RVA indien de werkgever u het tijdskrediet heeft toegekend (zie de aanvraagprocedure bij de werkgever in deel 1 van dit infoblad).

De hierna beschreven procedure moet gevolgd worden voor elke aanvraag (eerste aanvraag, verlenging of nieuwe aanvraag)

Welk formulier gebruikt u?

Naargelang de gevraagde vorm van tijdskrediet, moet u het volgende formulier invullen:

  • C61-volledig tijdskrediet – CAO 77bis ;
  • C61-1/2-tijds tijdskrediet – CAO 77bis ;
  • C61-tijdskrediet 1/5– CAO 77bis.

Met deze formulieren kunt u:

  • aangifte doen van het tijdskrediet zonder uitkeringen;
  • uitkeringen aanvragen.
  • U kunt deze formulieren downloaden van de website van de RVA: www.rva.be.
  • Ze zijn ook beschikbaar in de verschillende RVA-kantoren en bij de Informatiedienst loopbaanonderbreking van het hoofdbestuur van de RVA.

Wie moet het formulier invullen?

Het formulier bestaat uit twee delen.

DEEL I vult u zelf in en DEEL II moet ingevuld worden door uw werkgever.

Indien u een tijdskrediet eindeloopbaan zonder uitkeringen aanvraagt:

  • moet u enkel de rubrieken "uw identiteit" en "uw tijdskrediet zonder uitkeringen" van DEEL I van het formulier invullen. Vervolgens gaat u onmiddellijk naar de rubriek handtekening;
  • moet uw werkgever DEEL II van het formulier invullen.

Indien u een tijdskrediet met uitkeringen aanvraagt:

  • moet u DEEL I van het formulier volledig invullen, behalve "uw tijdskrediet zonder uitkeringen";
  • moet uw werkgever DEEL II van dit formulier invullen.

Opgelet: u kunt per formulier slechts één vorm van tijdskrediet (ofwel met motief, ofwel zonder motief) aanvragen

Waarheen en hoe verzendt u het formulier?

U stuurt het volledig ingevulde formulier per aangetekend schrijven naar de dienst Loopbaanonderbreking van het RVA-kantoor van uw woonplaats.

De RVA aanvaardt ook gewone zendingen, maar in geval van betwisting ligt de bewijslast van de verzending van de aanvraag bij u.

Indien u het formulier zelf afgeeft in het bevoegde RVA-kantoor, vraag dan zeker een ontvangstbewijs.

Woont u in ander een land van de Europese Economische Ruimte dan België of in Zwitserland, dan moet u dit formulier indienen bij de Dienst loopbaanonderbreking van het RVA-kantoor bevoegd voor de technische bedrijfseenheid of de administratie waar u werkt.

De gegevens van de verschillende RVA-kantoren staan op de website van de RVA en op de laatste bladzijde van de aanvraagformulieren. U kunt ze ook krijgen bij de Informatiedienst loopbaanonderbreking van het hoofdbestuur van de RVA..

Binnen welke termijn moet u het formulier opsturen?

U moet het formulier ten vroegste 6 maanden vóór de begindatum van het tijdskrediet en ten laatste 2 maanden na de begindatum van het tijdskrediet opsturen.

Zolang de maximumduur niet bereikt is, kunt u uw tijdskrediet laten verlengen of een nieuwe aanvraag indienen.

  • Opmerking: elke nieuwe aanvraag of aanvraag tot verlenging moet ingediend worden in dezelfde vorm en binnen dezelfde termijn als een eerste aanvraag.

Wat gebeurt er wanneer u het formulier te laat opstuurt?

Als rechthebbende op uitkeringen toegekend door de RVA, bent u ervoor verantwoordelijk om het aanvraagformulier binnen de reglementaire termijn in te dienen.

Indien u uitkeringen aanvraagt en het formulier naar de RVA is verzonden na de termijn van 2 maanden die volgt op de begindatum van het tijdskrediet, wordt het recht op uitkeringen pas geopend vanaf de ontvangstdatum van het formulier.

Voorbeeld: voor een tijdskrediet dat begint op 01.07 moet het formulier naar de RVA verzonden zijn ten laatste op 02.09 (dit wil zeggen binnen een termijn van twee maanden).

  • Indien het formulier naar de RVA is verzonden op 15.08, wordt het recht op onderbrekingsuitkeringen met terugwerkende kracht toegekend vanaf 01.07
  • Indien het formulier naar de RVA is verzonden op 15.09, wordt het recht op uitkeringen toegekend vanaf deze datum en verliest u dus twee en een halve maand uitkeringen (van 01.07 tot 14.09).

Wat gebeurt er indien de werkgever of een sectoraal fonds u een aanvullende vergoeding betaalt, boven op de uitkering van de RVA?

In sommige gevallen kan de werkgever of een sectoraal fonds u een aanvullende vergoeding betalen boven op de uitkering toegekend door de RVA (indien een sectorale of ondernemings-CAO dit bepaalt of door een individuele overeenkomst met de werkgever).

In dat geval moet u, enkel in geval van volledig of 1/2-tijds tijdskrediet en indien u 45 jaar of ouder bent, nog andere formaliteiten vervullen naast het sturen van het aanvraagformulier C61-tijdskrediet eindeloopbaan.

Voor meer informatie hierover verwijzen we naar het infoblad – werknemers « Inhoudingen en bijdragen op de pseudobrugpensioenen – aanvullende vergoedingen in geval van volledig of 1/2-tijds tijdskrediet voor de werknemers van minstens 50 jaar ».

Hoe wordt uw aanvraag om tijdskrediet door de RVA behandeld?

Wanneer de RVA uw aanvraagformulier voor het tijdskrediet ontvangt, wordt dit behandeld en ontvangt u vervolgens een antwoord door middel van de beslissing C62.

U moet het origineel van de beslissing C62 bijhouden. Indien een instelling u vraagt om het bewijs te leveren dat u in tijdskrediet bent, moet u haar een kopie van dit document bezorgen. Indien u een duplicaat wenst, moet u dit aanvragen bij het RVA-kantoor bevoegd voor uw woonplaats of kunt u het afdrukken vanop de portaalsite van de sociale zekerheid (zie de vraag: "Hoe kunt u uw dossier opvolgen?")

Indien u een tijdskrediet met uitkeringen aanvraagt

De RVA:

  • ofwel, kent u de uitkeringen toe.

In dat geval herneemt de beslissing C62 uw identificatiegegevens, de vorm van tijdskrediet (volledig, 1/2-tijds of 1/5), het bedrag van uw uitkeringen en de periode tijdens dewelke ze u worden toegekend.

Elke maand, na vervallen termijn, betaalt de RVA uw uitkering met een circulaire cheque of via een bankoverschrijving.

  • ofwel, weigert de uitkeringen.

In dat geval wordt de beslissing C62 u opgestuurd en wordt een kopie overgemaakt aan uw werkgever. In geval van weigering bent u dus in tijdskrediet zonder uitkeringen. (zie de vraag: Wat gebeurt er indien u niet voldoet aan de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen?)

Indien u een tijdskrediet zonder uitkeringen aanvraagt

De RVA neemt akte van uw tijdskrediet zonder uitkeringen. In dat geval herneemt het document C62 enkel uw identificatiegegevens, de vorm van tijdskrediet (voltijds, 1/2-tijds of 1/5) en de betrokken periode.

Kunt u de beslissing van de RVA betwisten?

Ja, u kunt bij de bevoegde arbeidsrechtbank in beroep gaan tegen de beslissing van de RVA.

Voor meer informatie over de te volgen procedure, verwijzen we naar het infoblad "Beroep tegen de beslissing van de RVA met betrekking tot loopbaanonderbreking / tijdskrediet".

U vindt dit infoblad op de website van de RVA, in de verschillende RVA-kantoren en bij de afdeling tijdskrediet van het Hoofdbestuur van de RVA.

Hoe kunt u uw dossier opvolgen?

U kunt uw dossier raadplegen op de portaalsite van de sociale zekerheid http://www.socialsecurity.be, rubriek “On-line diensten” via De sociaal verzekerde / Dossier loopbaanonderbreking / raadpleging.

U kunt het eveneens raadplegen via een link op de website van de RVA www.rva.be, rubriek "Loopbaanonderbreking" / "Raadpleeg uw dossier".

Om toegang te hebben moet u beschikken over een burgertoken of een elektronische identiteitskaart. Wilt u deze token aanvragen of informatie krijgen over de elektronische identiteitskaart, dan kunt u terecht op dezelfde site.

Dankzij deze toepassing, kunt u de volgende zaken on-line raadplegen:

  • de vooruitgang van uw dossier;
  • en indien u een tijdskrediet met uitkeringen aanvraagt:
    • het bedrag van de uitkeringen;
    • de betaaldatum;
    • de historiek van de uitkeringen ;
    • de belastingfiche;
    • de periodes tijdskrediet die u reeds genoten hebt.

U kunt het attest tijdskrediet afdrukken dat de werkgever vraagt bij een aanvraag tijdskrediet. U kunt het u betreffende document C62 eveneens raadplegen en afdrukken, indien de beslissing positief is.

Moet u tijdens uw tijdskrediet andere stappen ondernemen bij de RVA?

Indien uw gegevens veranderen

Indien één of meer van de gegevens die u in uw aanvraagformulier hebt meegedeeld aan het RVA-kantoor wijzigen tijdens uw tijdskrediet, moet uw RVA-kantoor daar onmiddellijk en schriftelijk van op de hoogte brengen

Het betreft onder meer gebeurtenissen zoals een voortijdige werkhervatting in uw initiële arbeidsregime, een adreswijziging, het einde van uw arbeidsovereenkomst, een verandering van werkgever, een wijziging van rekeningnummer, enz.

In geval van uitkeringsaanvraag met motief "een erkende opleiding volgen"

Indien u de uitkeringen tijdskrediet hebt aangevraagd omwille van het motief "een opleiding volgen", moet u de RVA binnen de 20 kalenderdagen na elk trimester een attest bezorgen waaruit blijkt dat u in de loop van het voorbije trimester regelmatig aanwezig was tijdens de opleiding.

De dagen schoolvakantie tijdens de opleidingsperiode of na deze periode, worden gelijkgesteld met dagen van regelmatige aanwezigheid tijdens een opleiding. U mag in de loop van het trimester niet meer dan 1/10 van de opleidingsduur ongewettigd afwezig zijn.

Indien u een opleiding volgt in een instelling (Universiteit, Hogeschool, ...) waar de aanwezigheid tijdens de lessen niet wordt gecontroleerd, is het mogelijk dat de instelling weigert het attest van regelmatige aanwezigheid af te leveren. Om dit probleem op te lossen, zult u een attest moeten afleveren waarin vermeld staat dat de instelling de regelmatige aanwezigheid tijdens de opleiding niet controleert en dat u tijdens het afgelopen trimester nog steeds geldig was ingeschreven bij de instelling.

Indien de RVA dit attest niet ontvangt of buiten de termijn van 20 kalenderdagen na het einde van het voorbije trimester, wordt het tijdskrediet u het volgende trimester toegekend zonder uitkeringen.

Wat is een verlenging van het tijdskrediet?

Het betreft opeenvolgende periodes in dezelfde vorm van tijdskrediet zoals bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis. Onder opeenvolgend wordt verstaan periodes die elkaar van datum tot datum opvolgen.

In het kader van het algemeen stelsel van tijdskrdiet worden de volgende overgangen dus beschouwd als een verlenging:

  • een volledig tijdskrediet dat van datum tot datum gevolgd wordt door een volledig tijdskrediet;
  • een volledig tijdskrediet dat van datum tot datum gevolgd wordt door een 1/2-tijds tijdskrediet;
  • een 1/2-tijds tijdskrediet dat van datum tot datum gevolgd wordt door een 1/2-tijds tijdskrediet;
  • een 1/2-tijds tijdskrediet dat van datum tot datum gevolgd wordt door een volledig tijdskrediet;
  • een tijdskrediet 1/5 dat van datum tot datum gevolgd wordt door een tijdskrediet 1/5.

Gevolgen van een verlenging van het tijdskrediet

De verlengingen van het tijdskrediet zijn onderworpen aan dezelfde modaliteiten als deze voorzien voor de oorspronkelijke aanvragen.

Dit betekent onder meer dat, om een tijdskrediet te verlengen:

  • de te vervullen formaliteiten identiek zijn aan deze verricht bij de oorspronkelijke aanvraag;
  • de minimumduur opnieuw gerespecteerd moet worden;
  • enz.

Waar moet u wonen tijdens het tijdskrediet met uitkeringen?

Gedurende de periodes van tijdskrediet waarin u uitkeringen ontvangt, moet u wonen, ofwel:

  • in België;
  • in een ander land van de Europese economische ruimte (EER), dit wil zeggen de 28 landen van de Europese Unie + Noorwegen, Ijsland en Liechtenstein;
  • in Zwitserland.

Uitzondering

Indien u uw echtgeno(o)t(e) of uw wettelijk samenwonende volgt die tijdelijk en beroepshalve voor rekening van zijn/haar werkgever naar een land vertrekt dat gelegen is buiten de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dan mag u voor de duur van deze opdracht daar gedomicilieerd zijn.

Onder wettelijke samenwoning wordt verstaan de samenlevingsvorm van 2 personen (ongeacht de aard van de verhouding en het geslacht) die een verklaring van wettelijke samenwoning hebben afgelegd bij de ambtenaar van de burgelijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats.

In dat geval moet u een attest van de werkgever van uw echtgeno(o)t(e) of van de werkgever van uw wettelijk samenwonende toevoegen, waaruit blijkt dat de professionele opdracht niet vereist dat u zich definitief in het buitenland vestigt.

Als u uw wettelijk samenwonende volgt, moet u eveneens een bewijs van wettelijke samenwoning voegen bij uw uitkeringsaanvraag.

Waar mogen de onderbrekingsuitkeringen betaald worden?

De betaling van de onderbrekingsuitkeringen kan verricht worden per circulaire cheque of bankoverschrijving.

In het geval van een bankoverschrijving, kan de betaling verricht worden op een financiële rekening in:

  • België;
  • een land dat behoort tot de gemeenschappelijke betalingsruimte voor de euro, of SEPA ( = Single Euro Payments Area).

NB: Het gaat om de volgende landen: België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk ( inclusief Guadeloupe, Martinique, Frans Guyana en Réunion), Griekenland, Hongarije, Ierland, IJsland, Italië, Kroatië, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Monaco, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal (inclusief Azoren en Madeira), Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje (inclusief Canarische Eilanden, Ceuta en Mellila), Tjechië, Verenigd Koninkrijk (inclusief Gibraltar en Noord-Ierland), Zweden, Zwitserland.

Is het mogelijk een activiteit uit te oefenen tijdens het tijdskrediet?

Indien u een tijdskrediet zonder uitkeringen aanvraagt, mag u eender welke activiteit uitoefenen, zonder dit aan te geven bij de RVA.

Indien u een tijdskrediet met uitkeringen aanvraagt is het, in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden, mogelijk een andere activiteit uit te oefenen dan deze die het voorwerp vormt van de vermindering van uw prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking of met een 1/5 en de eventuele inkomsten die eruit voortvloeien te cumuleren met de uitkeringen toegekend door de RVA.

Activiteiten die cumuleerbaar zijn met uitkeringen

Voor zover u dit vooraf hebt aangegeven, kunnen de uitkeringen toegekend door de RVA gecumuleerd worden met de hierna opgesomde activiteiten en de eventuele inkomsten die eruit voortvloeien:

  • een politiek mandaat van gemeenteraadslid, OCMW-raadslid, districtsraadslid of provincieraadslid;
  • een vooraf bestaande bijkomende activiteit als loontrekkende.

Deze activiteit als loontrekkende moet al minstens uitgeoefend zijn gedurende de 12 maanden vóór de aanvang van het volledig tijdskrediet, het 1/2-tijds tijdskrediet of het tijdskrediet 1/5.

Deze activiteit in loondienst moet tegelijkertijd uitgeoefend zijn met de activiteit waarvoor tijdskrediet wordt aangevraagd.

Het aantal uren van deze vooraf bestaande bijkomende activiteit als loontrekkende, mag tijdens het tijdskrediet niet verhoogd worden. Indien u deze regel niet naleeft, verliest u uw uitkeringen vanaf de dag waarop het aantal uren van de bijkomende activiteit als loontrekkende verhoogd is.

  • een zelfstandige activiteit of een activiteit als helper van een zelfstandige.

OPGELET! De cumulatie met een zelfstandige activiteit is enkel mogelijk in geval van volledig tijdskrediet

Om de cumulatie toe te laten moet de zelfstandige activiteit of de activiteit als helper van een zelfstandige trouwens gedurende minstens de 12 maanden die voorafgaan aan de aanvang van de schorsing van de prestaties, tegelijkertijd met de activiteit die het voorwerp vormt van de aanvraag om volledig tijdskrediet, zijn uitgeoefend In dat geval mag u deze zelfstandige activiteit gedurende maximum 12 maanden cumuleren met de uitkeringen voor volledig tijdskrediet.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5 is deze cumulatie verboden, zelfs indien de activiteit al 12 maanden vóór het tijdskrediet bestond.

In het kader van de reglementering van het tijdskrediet, is een zelfstandige activiteit of een activiteit als helper van een zelfstandige een activiteit waarvoor een inschrijving is vereist bij het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen (RSVZ).

Indien u ingeschreven bent of indien u zich moet inschrijven onder het statuut van zelfstandige of van helper van een zelfstandige, is deze activiteit, zelfs al levert ze geen inkomsten op, alleen cumuleerbaar met de uitkeringen voor volledig tijdskrediet als ze reeds gedurende de 12 maanden voorafgaand werd uitgeoefend.

NB: indien u informatie wenst over het zelfstandigenstatuut en de activiteiten waarvoor een inschrijving nodig is, moet u zich wenden tot de RSVZ, http://www.rsvz-inasti.fgov.be

Naast de hierboven opgesomde cumuleerbare activiteiten, is het ook mogelijk vrijwilligerswerk te verrichten, dit wil zeggen activiteiten waarvoor u niet vergoed wordt.

Activiteiten die niet cumuleerbaar zijn met uitkeringen

De uitkeringen zijn niet cumuleerbaar met:

  • Een politiek mandaat van schepen, burgemeester, voorzitter van een OCMW, volksvertegenwoordiger, minister alsmede alle andere politieke mandaten dan deze cumuleerbaar met uitkeringen;
  • Een activiteit als zelfstandige of als helper van een zelfstandige in het geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5.

In het kader van de reglementering van het tijdskrediet, is een zelfstandige activiteit of een activiteit als helper van een zelfstandige een activiteit waarvoor een inschrijving is vereist bij het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen (RSVZ).

Indien u ingeschreven bent of zich moet inschrijven onder het statuut van zelfstandige of helper van een zelfstandige, mag deze activiteit dus niet gecumuleerd worden met de uitkeringen voor 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5, zelfs indien ze geen inkomsten voortbrengt.

NB: Indien u informatie wenst over het zelfstandigenstatuut en de activiteiten waarvoor een inschrijving nodig is, moet u inlichtingen inwinnen bij het RSVZ : http://www.rsvz-inasti.fgov.be.

  • Een vergoede activiteit in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking voor rekening van een erkende niet-gouvernementele organisatie voor ontwikkelingssamenwerking.

Tijdens een tijdskrediet (ongeacht hetwelk), is het overigens verboden gelijk welke vergoede activiteit aan te vatten, dit wil zeggen eender welke activiteit als loontrekkende, zelfstandige, ... bij eender welke werkgever (privé, openbaar, ...) of voor eigen rekening. Indien u deze regel niet naleeft, verliest u uw uitkeringen vanaf de dag waarop u deze vergoede activiteit aanvat.

Welke formaliteiten moet u vervullen indien u een activiteit uitoefent tijdens uw tijdskrediet met uitkeringen?

Indien u vóór de aanvang van uw tijdskrediet reeds een politiek mandaat uitoefent, een bijkomende activiteit in loondienst of een zelfstandige activiteit, dient u hiervan aangifte te doen bij de RVA op het ogenblik dat u uw aanvraag indient. Bij afwezigheid van een aangifte of in geval van laattijdige aangifte, zullen de reeds betaalde uitkeringen teruggevorderd worden vanaf het begin van het tijdskrediet tot de dag van de eventuele laattijdige aangifte.

Indien u denkt een politiek mandaat, eender welke vergoede activiteit (als loontrekkende, zelfstandige, ....) te zullen aanvatten tijdens de periode tijdskrediet, moet u hiervan aangifte doen bij het RVA-kantoor waarvan u afhangt, schriftelijk en voorafgaandelijk. Indien u die aangifte niet of laattijdig doet, moet u de uitkeringen die reeds betaald zijn sinds het begin van de activiteit, terugbetalen.

Zijn de uitkeringen cumuleerbaar met een pensioen?

Neen, u kunt uw uitkeringen niet cumuleren met een pensioen, ongeacht hetwelke.

Onder pensioen dient u elk ouderdoms-, rust-, anciënniteits- of overlevingspensioen te verstaan en alle voordelen die eruit voortvloeien. Het betreft alle pensioenen, ongeacht of zij toegekend zijn door of krachtens een Belgische of buitenlandse wet of door een sociale zekerheidsinstelling, een Belgische of buitenlandse openbare instelling of instelling van openbaar nut.

Indien u een pensioen ontvangt, moet u dit aangeven bij de RVA op het ogenblik dat u uw aanvraag indient.

Bij afwezigheid van een aangifte of in geval van laattijdige aangifte, zullen de reeds betaalde uitkeringen teruggevorderd worden vanaf het begin van het tijdskrediet tot de dag van de eventuele laattijdige aangifte.

Wanneer verliest u uw recht op uitkeringen?

Uw recht op uitkeringen tijdskrediet gaat verloren:

  • aan het einde van de maximum vergoedbaarheidstermijn of aan het einde van de termijn vermeld in het akkoord met uw werkgever, behalve indien deze termijn in onderling overleg wordt verlengd;
  • vanaf de dag waarop u het werk hervat bij dezelfde of bij een andere werkgever;
  • vanaf de dag waarop uw arbeidsovereenkomst eindigt;
  • vanaf de dag waarop u een pensioen ontvangt;
  • vanaf de dag waarop u een zelfstandige activiteit aanvat tijdens een volledig tijdskrediet, een 1/2-tijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5;
  • vanaf de dag waarop u een eender welke bijkomende activiteit in loondienst aanvat;
  • vanaf de dag waarop u het aantal uren van uw vooraf bestaande bijkomende activiteit in loondienst die u mag cumuleren, uitbreidt;
  • vanaf de dag waarop u een niet toegelaten politiek mandaat uitoefent;
  • vanaf de dag waarop u een vergoede activiteit uitoefent in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking voor rekening van een erkende niet-gouvernementele organisatie voor ontwikkelingssamenwerking.

Wat is het gevolg van het verlies van het recht op uitkeringen voor uw tijdskrediet?

In geval van verlies van het recht op uitkeringen, blijft u in tijdskrediet zonder uitkeringen bij uw werkgever. Dit betekent dat de gevraagde periode van tijdskrediet verder loopt tot de oorspronkelijk aangevraagde einddatum. Deze periode van tijdskrediet zonder uitkeringen zal dus meegerekend worden voor het bepalen van de maximumduur van het tijdskrediet waarop u recht hebt tijdens uw volledige loopbaan.

Indien u het recht op uitkeringen verliest gedurende de periode tijdskrediet, kunt u eventueel, met de goedkeuring van uw werkgever, het tijdskrediet stopzetten en opnieuw aan het werk gaan volgens uw oorspronkelijk uurrooster. In dat geval moet u het RVA-kantoor waarvan u afhangt hiervan schriftelijk op de hoogte brengen.

Wanneer worden uw uitkeringen teruggevorderd?

Alle onrechtmatig ontvangen uitkeringen worden teruggevorderd, onder meer:

  • wanneer uw effectieve periode van tijdskrediet met uitkeringen de minimumduur van 3 maanden niet bereikt in geval van 1/2-tijds tijdskrediet en van 6 maanden in geval van tijdskrediet 1/5;

Wanneer u omwille van uitzonderlijke omstandigheden de vereiste minimumduur niet naleeft, kunt u een gemotiveerde aanvraag tot ontheffing indienen bij de directeur van uw RVA-kantoor, die deze overmaakt aan de administrateur-generaal. Indien de ingeroepen omstandigheden als uitzonderlijk worden beschouwd, kan de administrateur-generaal van de RVA verzaken aan de terugvordering van de uitkeringen.

  • wanneer u het RVA-kantoor vooraf niet schriftelijk verwittigt dat u een activiteit als loontrekkende aanvat of het aantal uren van een vooraf bestaande bijkomende activiteit als loontrekkende verhoogt, dat u een zelfstandige activiteit uitoefent of een politiek mandaat, dat u een vergoede activiteit verricht in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking of dat u een pensioen geniet.

Welk bedrag wordt teruggevorderd?

De RVA vordert het brutobedrag van de uitkering terug, hoewel u het nettobedrag van deze uitkering hebt ontvangen.

Op uw belastingfiche wordt rekening gehouden met de terugbetaalde bedragen.

DEEL 3 - NUTTIGE INFORMATIE

Kunt u uw tijdskrediet vroegtijdig stopzetten?

Ja, maar het gaat enkel om een mogelijkheid waarvoor het akkoord van de werkgever vereist is. Deze toestemming moet betrekking hebben op het principe en op de datum van de vroegtijdige beëindiging.

In geval van akkoord moet de werknemer het RVA-kantoor waar hij van afhangt vooraf schriftelijk op de hoogte brengen van de datum van het vroegtijdige einde van zijn tijdskrediet.

Bent u beschermd tegen ontslag tijdens uw tijdskrediet?

JA. De wetgeving voorziet een bescherming tegen ontslag. De wet wil u het gebruik van het recht op tijdskrediet garanderen en, in voorkomend geval, de mogelijkheid geven om het oorspronkelijke uurrooster van de betrekking waarin u uw prestaties hebt geschorst of verminderd, terug te krijgen.

Deze bescherming gaat in op de dag van het akkoord of, indien u gebruik maakt van een recht op tijdskrediet, op de dag van de schriftelijke kennisgeving aan de werkgever. Zij eindigt 3 maanden na de einddatum van het tijdskrediet.

Dankzij deze bescherming kan uw werkgever uw arbeidsovereenkomst niet éénzijdig opzeggen.. De bescherming is echter niet van toepassing indien het ontslag gerechtvaardigd wordt door een dringende of voldoende voldoende. Voor de toepassing van die maatregel:

  • wordt beschouwd als dringende reden, elke zware fout die elke professionele samenwerking tussen de werkgever en de werknemer onmiddellijk en definitief onmogelijk maakt;
  • als voldoende reden geldt een door de rechter als zodanig erkende reden waarvan de aard en de oorzaak vreemd zijn aan de loopbaanonderbreking. Zo wordt het ontslag wegens conventioneel brugpensioen beschouwd als voldoende reden.

Wat gebeurt er indien de werkgever u ondanks de bescherming toch ontslaat?

Als u de werkgever u ontslaat tijdens de beschermingsperiode om een andere reden dan een dwingende of een voldoende reden moet hij u een forfaitaire vergoeding betalen gelijk aan 6 maanden loon, bovenop de opzeggingsvergoeding (zie hierna).

Welke modaliteiten zijn van toepassing in geval van ontslag?

Los van de wettelijk bepaalde bescherming en van de eventuele betaling van de forfaitaire vergoeding geiljk aan 6 maanden loon, kan het gebeuren dat de werkgever u tijdens uw tijdskrediet ontslaat.

Indien de werkgever u een opzeggingstermijn betekent

In geval van volledig tijdskrediet:

De opzeggingstermijn mag pas beginnen lopen na afloop van het volledig tijdskrediet. Dat betekent dat het volledig tijdskrediet voortduurt tot aan de einddatum ervan en dat u de uitkeringen tijdskrediet verder blijft ontvangen.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5

Wanneer u wordt ontslagen met een opzeggingsperiode, blijft de arbeidsovereenkomst gedurende deze opzeggingsperiode voortbestaan. Dat betekent dat de werkgever u tijdens deze opzeggingstermijn betaalt op basis van uw deeltijdse prestaties en dat de RVA u de uitkeringen voor het tijdskrediet verder blijft betalen, in functie van de fractie van de verminderde prestaties.

Indien de werkgever uw overeenkomst verbreekt met betaling van een compenserende opzeggingsvergoeding

Als het ontslag wordt gegeven zonder dat een opzeggingstermijn betekend wordt of als de opzeggingstermijn niet volstaat, wordt de arbeidsovereenkomst onmiddellijk verbroken. In dat geval moet de werkgever u een vergoeding betalen, de verbrekingsvergoeding genoemd, gedurende een periode die ofwel gelijk is aan de duur van de opzeggingstermijn die u had moeten betekend worden, ofwel aan het verschil tussen de betekende termijn en de verschuldigde termijn.

Aangezien de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang wordt verbroken, houdt het tijdskrediet op en worden de uitkeringen van de RVA dus niet meer betaald vanaf de datum van die verbreking. U ontvangt echter een compenserende opzeggingsvergoeding.

In geval van volledig tijdskrediet:

De compenserende opzeggingsvergoeding wordt berekend op basis van het loon dat u had ontvangen indien u uw loopbaan niet volledig had onderbroken.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5

De compenserende opzeggingsvergoeding wordt berekend op basis van het deeltijdse loon dat verschuldigd is in het kader van de vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking of met 1/5.

Wat moet u doen indien uw werkgever u ontslaat tijdens het tijdskrediet?

U moet onmiddellijk het RVA-kantoor waarvan u afhangt schriftelijk op de hoogte brengen van de datum van de verbreking van uw arbeidsovereenkomst.

Recht op werkloosheidsuitkeringen

Na de periode gedekt door de opzeggingstermijn of de verbrekingsvergoeding, hebt u recht op werkloosheidsuitkeringen, berekend op basis van het loon waarop u recht had gehad indien u het tijdskrediet niet had aangevraagd.

Wat is de invloed van de uitkeringen op uw belastingen?

De uitkering is belastbaar. Fiscaal gezien wordt zij beschouwd als een vervangingsinkomen.

Bedrijfsvoorheffing

Alle uitkeringen zijn sinds 01.01.2004 nderworpen aan een bedrijfsvoorheffing.

Door deze inhouding aan de bron daalt het nettobedrag van de uitkering tijdskrediet maar het voordeel daarvan is dat na de definitieve berekening van de belastingen minder moet bijbetaald worden.

In geval van volledig tijdskrediet:

De bedrijfsvoorheffing ingehouden op uw uitkering bedraagt 10,13 %.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet

Het percentage bedrijfsvoorheffing dat ingehouden wordt op uw uitkering bedraagt:

  • 17,15%, indien u alleenwonende bent, dit wil zeggen indien u alleen woont of indien u enkel samenwoont met één of meerdere kinderen waarvan er minstens één ten laste is van u en dit, ongeacht uw leeftijd;
  • 30%, indien u jonger bent dan 50 jaar en geen alleenwonende bent;
  • 35%, indien u 50 jaar of ouder bent en geen alleenwonende bent.

In geval van tijdskrediet 1/5

Ongeacht uw leeftijd bedraagt de bedrijfsvoorheffing ingehouden op uw uitkering:

  • 35 %, indien u geen alleenwonende bent;
  • 35% indien u alleenwonende bent en alleen woont;
  • 17,15% indien u alleenwonende bent en enkel samenwoont met één of meerdere kinderen waarvan er minstens één ten laste is van u en dit, ongeacht uw leeftijd.

Eventuele vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing

Indien u een Franse grensarbeider bent of een Franse fiscale inwoner met de Franse nationaliteit die een loon ontvangt van een Belgische openbare werkgever, kunt u vrijgesteld worden van de bedrijfsvoorheffing

Indien u tijdens het tijdskrediet dit statuut niet meer hebt, moet u het RVA-kantoor hiervan op de hoogte brengen, want u hebt geen recht meer op de vrijstelling van bedrijfsvoorheffing.

Indien u hierover inlichtingen wenst, kunt u het infoblad raadplegen "Kunt u vrijgesteld worden van de bedrijfsvoorheffing ingehouden op de onderbrekingsuitkeringen?"

Loonfiche

Voor het invullen van uw belastingaangifte ontvangt u van de RVA een fiche 281.18, waarop het totaal van de in het fiscale jaar ontvangen uitkeringen vermeld staat en, in voorkomend geval, het totaal van de bedrijfsvoorheffing ingehouden tijdens het belastingjaar.

In geval van laattijdige betaling, zullen de ontvangen sommen vermeld staan op de fiche 281.18 van het jaar van de betaling.

Bijkomende informatie

Voor alle bijkomende vragen over de invloed van de uitkeringen voor tijdskrediet op de berekening van uw belastingen, dient u zich te wenden tot uw belastingadministratie, die hiervoor bevoegd is.

U vindt de gegevens van de belastingsadministratie waarvan u afhangt in het telefoonboek of op de website van de Federale Overheidsdienst Financiën: http://www.minfin.fgov.be.

Welke invloed heeft het tijdskrediet eindeloopbaan op uw pensioen?

De periodes tijdskrediet kunnen enkel gelijkgesteld worden met prestaties, indien u uitkeringen ontvangt van de RVA.

Om de modaliteiten te kennen in verband met de gelijkstelling van het tijdskrediet voor uw pensioen, dient u zich te wenden tot de Rijksdienst voor Pensioenen (RVP), die hiervoor bevoegd is.

RVP: Zuidertoren te 1060 BRUSSEL – Tel 1765 (gratis nummer). Internet : http://www.onprvp.fgov.be of http://www.mypension.be.

Hebt u recht op een aanmoedigingspremie?

In sommige gevallen en onder bepaalde voorwaarden, betaalt de Vlaamse Gemeenschap een aanmoedigingspremie bovenop de uitkering van de RVA.

U vindt alle nuttige informatie omtrent voormelde aanmoedigingspremies die toegekend worden door de Vlaamse Gemeenschap op de website van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap: http://www.werk.be.

Voor alle inlichtingen en voorwaarden kunt u gratis bellen naar het nummer van de Vlaamse Infolijn 1700 of contact opnemen via e-mail: aanmoedigingspremie@vlaanderen.be.

Bestaan er andere mogelijkheden om de loopbaan te onderbreken dan deze voorzien in het kader van het tijdskrediet?

JA. Naast de verschillende soorten tijdskrediet bestaan er 3 thematische verloven.

De thematische verloven zijn specifieke vormen van loopbaanonderbreking om te voldoen aan precieze behoeften. Die 3 thematische verloven zijn de volgende:

  • Het ouderschapsverlof. Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien voor de opvoeding van uw kinderen jonger dan 12 jaar (of jonger dan 21 jaar in geval van handicap).
  • Het verlof voor medische bijstand. Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien voor de zorg voor zwaar zieke leden van uw familie of uw gezin
  • Het palliatief verlof. Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien om een persoon met een ongeneeslijke ziekte die terminaal is, bij te staan.

Net zoals het tijdskrediet bieden deze 3 thematische verloven de mogelijkheid om uw arbeidsovereenkomst te schorsen of uw arbeidsprestaties te verminderen tot een 1/2-tijdse betrekking of met 1/5.

Als u informatie wenst over die thematische verloven kunt u de infobladen raadplegen die de RVA ter zake heeft uitgegeven. Zij zijn beschikbaar op onze website, in de verschillende RVA-kantoren en bij de afdeling loopbaanonderbreking / tijdskrediet van het hoofdbestuur van de RVA.

Is het mogelijk een thematisch verlof te krijgen tijdens een tijdskrediet?

Onder bepaalde voorwaarden is het mogelijk om een thematisch verlof, dit wil zeggen een ouderschapsverlof, een verlof voor medische bijstand of een palliatief verlof, te krijgen tijdens de lopende periode tijdskrediet.

De voorwaarden en de procedure die u moet volgen om een thematisch verlof te krijgen tijdens een 1/2-tijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5, worden beschreven in het infoblad "Overgang van een 1/2-tijds of 1/5-tijds tijdskrediet naar een thematisch verlof en omgekeerd"

Dit infoblad is beschikbaar op onze website, in de verschillende RVA-kantoren en bij de informatie-afdeling tijdskrediet van het hoofdbestuur van de RVA.