Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening 

Voor meer inlichtingen, gelieve contact op te nemen met uw RVA-kantoor. De adressen kunt u vinden in het telefoonboek of op de site : www.rva.be

Delen

Het tijdskrediet - Algemeen stelsel - CAO nr. 103

Infoblad

T150

Laatste update
07-11-2016

BELANGRIJKE OPMERKING VOOR U VERDER LEEST!

De informatie in dit infoblad is gebaseerd op de reglementering die van kracht is vanaf 01.01.2015. 

Deze reglementering wijzigt het recht op onderbrekingsuitkeringen, die door de RVA kunnen worden toegekend tijdens het tijdskrediet (zie deel 2 van dit infoblad). Ze is van toepassing op alle eerste aanvragen om onderbrekingsuitkeringen die ingaan na 31.12.2014. Onder ‘eerste aanvraag’ dient te worden verstaan:

  • alle aanvragen van werknemers die voor de eerste keer onderbrekingsuitkeringen aanvragen in het kader van het algemene stelsel van tijdskrediet;
  • alle aanvragen om onderbrekingsuitkeringen die geen ononderbroken verlenging zijn in dezelfde vorm van onderbreking of van vermindering van prestaties (voltijds, halftijds of 1/5-tijds) en in hetzelfde systeem van tijdskrediet (zonder motief of met motief).

NB: de reglementering die van kracht was vóór 01.01.2015 (genaamd “vroegere reglementering”) blijft verder van toepassing op de aanvragen om verlenging in het kader van dezelfde vorm van onderbreking of van vermindering van prestaties (voltijds, halftijds of 1/5-tijds) en in hetzelfde systeem van tijdskrediet (zonder motief of met motief) van de werknemers die reeds onderbrekingsuitkeringen genoten vóór 01.01.2015. De vorige reglementering wordt u uitgelegd in het infobladT138.

Wat is het algemeen stelsel van tijdskrediet?

Het tijdskrediet past binnen het kader van de reglementering op de loopbaanonderbreking. Het is enkel van toepassing voor de werknemers tewerkgesteld bij een werkgever van de privé-sector. Tijdskrediet biedt u de mogelijkheid om over meer vrije tijd beschikken voor familiale of sociale verplichtingen of om persoonlijke projecten te verwezenlijken.

Ongeacht uw leeftijd biedt het algemeen stelsel van tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties tijdelijk te schorsen of te verminderen. Om het tijdskrediet te bekomen moet u voldoen aan verschillende toegangsvoorwaarden bij uw werkgever.

Het algemene stelsel van tijdskrediet kan worden bekomen zonder motief, dat wil zeggen voor om het even welke reden of voor een van de motieven die zijn voorzien door de reglementering (zie de vragen “Wat is tijdskrediet zonder motief?” en “Wat is tijdskrediet met motief?”).

Indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden bij uw werkgever en aan deze voor de toekenning van uitkeringen, kunt u een maandelijks vervangingsinkomen genieten, betaald door de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA).

Voor een goed begrip van het tijdskrediet dient een onderscheid te worden gemaakt tussen het recht dat kan worden bekomen bij de werkgever (zie deel 1 van dit infoblad) en het recht op onderbrekingsuitkeringen dat kan worden bekomen bij de RVA (zie deel 2 van dit infoblad). Het is immers niet omdat u recht heeft op tijdskrediet bij de werkgever dat u noodzakelijkerwijs recht heeft op onderbrekingsuitkeringen.

NB: het algemeen stelsel van tijdskrediet voorziet niet de mogelijkheid om uw prestaties onbeperkt te verminderen tot u met pensioen gaat. Indien u uw prestaties wenst te verminderen tot uw pensioen, moet u een tijdskrediet eindeloopbaan aanvragen. U vindt daarover alle informatie in het infoblad T 151 “tijdskrediet eindeloopbaan – cao nr. 103” dat beschikbaar is op onze website.

Is de wetgeving inzake tijdskrediet op u van toepassing?

JA, indien u als bediende of arbeider bent tewerkgesteld bij een werkgever van de privé-sector.

Werkt u in de openbare sector (administratie, enz.), in het onderwijs of in een autonoom overheidsbedrijf (Proximus, B-Post, NMBS of Belgocontrol), dan kunt u de betrokken informatie vinden in de andere infobladen van de RVA. U vindt deze infobladen op de website van de RVA, in de verschillende RVA-kantoren en bij de afdeling tijdskrediet van het hoofdbestuur van de RVA.

Wat is de wettelijke basis van het tijdskrediet?

De wettelijke basis van het tijdskrediet is onderverdeeld in:

  • de regels met betrekking tot de voorwaarden die vervuld moeten zijn bij de werkgever, vervat in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103;
  • de regels met betrekking tot de toekenning van de uitkeringen, vervat in het koninklijk besluit van 12.12.2001.

Waarover gaat dit infoblad?

Dit infoblad bestaat :

  • de modaliteiten van het tijdskrediet bij uw werkgever (mogelijkheden om de prestaties te verminderen, duur, toegangsvoorwaarden, recht, aanvraagprocedure, enz.)
  • de modaliteiten verbonden aan de uitkeringen voor tijdskrediet (principe, toekenningsvoorwaarden, bedrag van de uitkeringen, cumulatie van de uitkeringen met andere activiteiten en/of inkomsten, aanvraagprocedure, enz.)
  • diverse nuttige inlichtingen in verband met het tijdskrediet (vroegtijdige stopzetting, bescherming tegen ontslag, gelijkstelling pensioen, enz.)

DEEL 1 - RECHT OP TIJDSKREDIET BIJ UW WERKGEVER

Welke vormen van tijdskrediet voorziet het algemeen stelsel?

Het algemeen stelsel voorziet 3 vormen van tijdskrediet.

Deze 3 vormen van tijdskrediet kunnen aangevraagd worden zonder motief of omwille van één van de motieven bepaald door de reglementering. De toegangsvoorwaarden en de duur van het tijdskrediet verschillen naargelang de aanvraag wordt ingediend zonder of met motief (zie de volgende vragen van dit infoblad).

1. Het voltijdse tijdskrediet

Ongeacht uw leeftijd biedt het voltijdse tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties volledig te schorsen, en zo tijdelijk te stoppen met werken.

U kunt een voltijds tijdskrediet aanvragen, ongeacht uw arbeidsregime (voltijds of deeltijds).

Voorbeelden:

  • indien u voltijds tewerkgesteld bent in het kader van een arbeidsovereenkomst van 38 uur per week, kunt u uw 38 uur per week volledig schorsen;
  • indien u deeltijds tewerkgesteld bent in het kader van een arbeidsovereenkomst van 19 uur per week, terwijl de voltijdse arbeidsduur in uw bedrijf 38 uur is, kunt u uw prestaties 19 uur per week volledig schorsen.

2. Het 1/2-tijds tijdskrediet

Ongeacht uw leeftijd biedt het 1/2-tijds tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties te verminderen om 1/2-tijds verder te werken, dit wil zeggen ten belope van 50 % van het voltijdse uurrooster dat bij uw werkgever is vastgelegd.

U kunt enkel gebruik maken van het 1/2-tijds tijdskrediet indien u ten minste 3/4-tijds tewerkgesteld bent bij de werkgever bij wie u uw prestaties wenst te verminderen.

Voorbeelden:

het voltijdse uurrooster bij uw werkgever bedraagt 38 uur per week.

  • Indien u voltijds werkt, biedt het 1/2-tijds tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties te verminderen tot 19 uur per week;
  • Indien u deeltijds werkt in een arbeidsregime van 32 uur per week, kunt u, omdat uw betrekking meer dan 3/4-tijds is (28,5 uur per week), een 1/2-tijds tijdskrediet krijgen en uw prestaties verminderen tot 19 uur per week;
  • Indien u deeltijds werkt in een arbeidsregime van 25 uur per week, kunt u, omdat uw betrekking minder dan 3/4-tijds is (28,5 uur per week),geen 1/2-tijds tijdskrediet krijgen en uw prestaties verminderen tot 19 uur per week.

Organisatie van de 1/2-tijdse arbeid

Het 1/2-tijdse arbeidsregime dat voortvloeit uit het tijdskrediet moet overeengekomen worden in overleg met uw werkgever en schriftelijk vastgesteld worden in een aanhangsel van de arbeidsovereenkomst. Het moet echter gaan om een arbeidsregime dat voorzien is in het arbeidsreglement.

3. Het tijdskrediet 1/5

Ongeacht uw leeftijd biedt het tijdskrediet 1/5 u de mogelijkheid om uw wekelijkse arbeidsduur te verminderen met 1 dag of 2 halve dagen per week.

Het is enkel toegankelijk indien u voltijds werkt bij de werkgever bij wie u uw prestaties wenst te verminderen. Dit voltijdse arbeidsregime moet verdeeld zijn over 5 dagen of meer.

Voorbeelden:

het voltijdse uurrooster in de onderneming bedraagt 38 uur per week.

  • Indien u voltijds werkt in een regime van 38 uur verdeeld over 5 dagen per week, kunt u tijdskrediet 1/5 krijgen.
  • Indien u voltijds werkt in een regime van 38 uur verdeeld over 4 dagen per week, kunt u geen tijdskrediet 1/5 krijgen.
  • Indien u deeltijds werkt in een regime van 32 uur verdeeld over 5 dagen per week, kunt u geen tijdskrediet 1/5 krijgen.

Organisatie van de 4/5-tijdse arbeid

De algemene regel die geldt voor het tijdskrediet 1/5 is een vermindering van het voltdijse wekelijkse uurrooster met 1 dag of met 2 halve dagen.

Het is echter mogelijk een andere 4/5-tijdse arbeidsorganisatie vast te leggen voor een periode van maximum 12 maanden. Deze mogelijkheid moet voorzien zijn in een collectieve arbeidsovereenkomst van de sector of van de onderneming. Indien er in de onderneming geen syndicale afvaardiging is, dan moet deze mogelijkheid voorzien zijn in het arbeidsreglement en op voorwaarde dat hierover een schriftelijk wederzijds akkoord wordt gesloten met de werkgever.

Voorbeelden:

het voltijdse uurroooster van de onderneming bedraagt 38 uur, verdeeld over 5 dagen per week, van maandag tot vrijdag.

  • Indien u voltijds werkt, kunt u met het tijdskrediet 1/5 uw prestaties verminderen met één dag per week, bijvoorbeeld de vrijdag.
  • Indien u voltijds werkt, kunt u met het tijdskrediet 1/5 uw prestaties verminderen met twee halve dagen per week, bijvoorbeeld de woensdagnamiddag en de vrijdagnamiddag.
  • Indien u voltijds werkt en indien deze mogelijkheid is voorzien, kunt u uw uurrooster verminderen en nog 4/5 van het aantal uren van uw voltijdse betrekking presteren (30,4 uur per week), ongeacht hoe deze uren gespreid zijn.

Waneer het 4/5-tijdse arbeidsrooster in onderling overleg met de werkgever is overeengekomen, moet het schriftelijk worden vastgelegd in een aanhangsel van de arbeidsovereenkomst.

Wat is tijdskrediet zonder motief?

De 3 vormen van tijdskrediet zonder motief kunnen bekomen worden om eender welke reden (reizen, aan uw huis werken, enz.). U moet uw aanvraag dus niet rechtvaardigen bij uw werkgever.

Wanneer het tijdskrediet wordt gevraagd zonder motief is de maximumduur die u kunt genieten beperkt (zie de vraag "Voor welke duur kunt u het tijdskrediet zonder motief bekomen?")

Wat zijn de toegangsvoorwaarden om een tijdskrediet zonder motief te bekomen?

1. Voorwaarden inzake beroepsverleden en anciënniteit

U moet verplicht voldoen aan de 2 volgende voorwaarden, op de datum van de schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever (zie de vraag in verband met de aanvraag van het tijdskrediet bij de werkgever):

  • een als loontrekkende hebben beroepsverleden van minstens 5 jaar 
  • sinds ten minste 2 jaar door een arbeidsovereenkomst verbonden zijn met de werkgever bij wie het tijdskrediet wordt gevraagd.

Deze toegangsvoorwaarden zijn dezelfde voor de 3 vormen van tijdskrediet voorzien in het algemeen stelsel (voltijds tijdskrediet, 1/2-tijds tijdskrediet en tijdskrediet 1/5).

Voorbeelden:

  • u hebt 12 jaar beroepsverleden als loontrekkende (bij verschillende werkgevers) en u wenst een tijdskrediet zonder motief te bekomen in de onderneming waar u sinds 4 jaar werkt. Vermits is voldaan aan de 2 toegangsvoorwaarden, kunt u het tijdskrediet bekomen;
  • u hebt 8 jaar beroepsverleden als loontrekkende (bij verschillende werkgevers) en u wenst een tijdskrediet zonder motief te bekomen in de onderneming waar u sinds anderhalf jaar werkt. Vermits niet is voldaan aan de twee toegangsvoorwaarden, kunt u het tijdskrediet niet bekomen;
  • u hebt 4 jaar beroepsverleden als loontrekkende (bij verschillende werkgevers) en uw wenst een tijdskrediet zonder motief in de onderneming waar u sinds 2 en een half jaar werkt. Vermits de twee toegangsvoorwaarden niet vervuld zijn, kunt u het tijdskrediet niet bekomen.

Uitzondering

Indien u het tijdskrediet zonder motief aanvat onmiddellijk nadat u uw recht op ouderschapsverlof voor alle rechthebbende kinderen hebt uitgeput, moet u de voorwaarde van 5 jaar beroepsverleden als loontrekkende niet vervullen, noch deze om minstens 2 jaar anciënniteit te hebben bij de werkgever.

Voor de toepassing van deze uitzondering is het absoluut noodzakelijk:

  • indien u meerdere kinderen hebt in de leeftijdsvoorwaarde voor het ouderschapsverlof (dit wil zeggen jonger dan 12 jaar of jonger dan 21 jaar in geval van fysieke of mentale ongeschiktheid van minstens 66%), dat u het ouderschapsverlof hebt genomen vooruw kinderen al 
  • dat u de maximumduur van het ouderschapsverlof met betaling van uitkeringen hebt uitgeput, dit wil zeggen:
    • indien uw kind is geboren of geadopteerd vanaf 08.03.2012:
      • ofwel 4 maanden volledige onderbreking;
      • ofwel 8 maanden vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking;
      • ofwel 20 maanden vermindering van prestaties met 1/5;
      • ofwel een combinatie van de 3 vormen van ouderschapsverlof tot 4 maanden voltijds equivalent;
    • indien uw kind geboren of geadopteerd is vóór 08.03.2012:
      • ofwel 3 maanden volledige onderbreking;
      • ofwel 6 maanden vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking;
      • ofwel 15 maanden vermindering van prestaties met 1/5;
      • ofwel een combinatie van de 3 vormen van ouderschapsverlof tot 3 maanden voltijds equivalent;
  • dat het tijdskrediet van datum tot datum volgt op het ouderschapsverlof.

Voorbeelden:

U hebt 3 jaar beroepsverleden als loontrekkende (bij verschillende werkgevers) en u wenst een voltijds tijdskrediet te bekomen in de onderneming waar u anderhalf jaar hebt gewerkt:

  • u hebt een kind, geboren of geadopteerd vanaf 08.03.2012 waarvoor u de maximumduur van 4 maanden ouderschapsverlof onder de vorm van een voltijdse onderbreking hebt bekomen. Indien u tijdskrediet aanvraagt onmiddellijk aansluitend op uw ouderschapsverlof, kunt u het bekomen zonder motief, zelfs indien u nog geen 5 jaar beroepsverleden als loontrekkende hebt of 2 jaar anciënniteit bij de werkgever;
  • u hebt een kind dat werd geboren of geadopteerd vanaf 08.03.2012, waarvoor u 1 maand ouderschapsverlof hebt genomen onder de vorm van een volledige onderbreking en 5 maanden vermindering van prestateies met 1/5. Omdat u de maximumduur van 4 maanden voltijds equivalent ouderschapsverlof nog niet hebt uitgeput, kunt u het tijdskrediet zonder motief (nog) niet bekomen. In dit geval wacht u ofwel tot u voldoet aan de toegangsvoorwaarden tot het tijdskrediet zonder motief, ofwel vraagt u aan uw werkgever om het saldo van uw ouderschapsverlof uit te putten en daarna het tijdskrediet zonder motief te nemen;
  • u hebt een kind dat werd geboren of geadopteerd vóór 08.03.2012, waarvoor u 3 maanden ouderschapsverlof hebt genomen in de vorm van een voltijdse onderbreking. Indien u het tijdskrediet aanvraagt onmiddellijk na uw ouderschapsverlof kunt u het zonder motief bekomen, zelfs indien u geen 5 jaar beroepsverleden hebt of geen 2 jaar anciënniteit bij de werkgever;

Voor informatie over het ouderschapsverlof verwijzen we u naar infoblad T19. Dit vindt u op onze website, in onze verschillende kantoren en bij de afdeling tijdskrediet van het hoofdbestuur van de RVA.

2. Tewerkstellingsvoorwaarde

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5 moet u, naast de voorwaarden inzake beroepsverleden en anciënniteit, ook voldoen aan een tewerkstellingsvoorwaarde gedurende de 12 maanden vóór de schriftelijke kennisgeving aan de werkgever (zie de vraag over de aanvraag om tijdskrediet bij de werkgever.)

  • In geval van 1/2-tijds tijdskrediet moet ugewerkt hebben minstens 3/4-tijds 
  • In geval van tijdskrediet 1/5 moet u voltijds gewerkt hebben.

Indien u niet in het vereiste arbeidsregime hebt gewerkt gedurende de 12 maanden vóór de schriftelijke kennisgeving, kunnen sommige periodes van afwezigheid of van deeltijdse tewerkstelling gelijkgesteld worden met prestaties of geneutraliseerd worden. Voor meer informatie hierover kunt u terecht bij uw werkgever.

In geval van volledig tijdskrediet legt de reglementering geen tewerkstellingsvoorwaarde op.

Wat is tijdskrediet met motief?

Naast het tijdskrediet zonder motief kunt u eventueel een bijkomend recht op tijdskrediet verkrijgen, indien u uw aanvraag kunt rechtvaardigen met één van de motieven bepaald in de reglementering.

De duur van het bijkomende recht op tijdskrediet varieert naargelang het motief (zie de vraag voor welke duur kunt u het tijdskrediet met motief bekomen?)

Welke motieven voorziet de reglementering?

Zorgen voor uw kind dat jonger is dan 8 jaar

Zorgen voor uw kind betekent hier dat u zich bezighoudt met uw kind.  Er moet een verwantschapsband zij met het kind voor wie dit tijdskrediet wordt gevraagd.  Concreet kunt u tijdskrediet voor dat motief verkrijgen als u :

  • de biologische moeder of vader bent van het kind;
  • de persoon bent die het kind heeft erkend waardoor de afstamming langs vaderszijde komt vast te staan;
  • de echtgenote of de partner bent van de biologishe moeder van het kind van wie u meemoeder bent geworden (Nb : als de echtgenote of de partner van de biologische moeder van het kind in een lesbich koppel - als de biologishce vader van het kind het niet erkend heeft - bewijst dat ze wordt beschouwd als meemoeder dan kan zij ook aanspraak maken op het tijdskrediet voor dat motief);
  • het kind heeft geadopteerd.

Om het tijdskrediet met dit motief te rechtvaardigen moet de aanvangsdatum ervan gelegen zijn vóór de 8ste verjaardag van het kind. Indien het om een geadopteerd kind gaat, mag het tijdskrediet beginnen vanaf de inschrijving in het bevolkingsregister of het vreemdelingenregister van de gemeente waar u woont.

NB: dit motief om tijdskrediet aan te vragen mag niet verward worden met het ouderschapsverlof. Voor meer inlichtingen, zie onze FAQ.

Palliatieve zorgen verlenen

Om het tijdskrediet met dit motief te kunnen rechtvaardigen, wordt verstaan onder palliatieve zorgen elke vorm van bijstand (medische, sociale, administratieve en psychologische) en verzorging van personen die lijden aan een ongeneeslijke ziekte en die terminaal zijn.

NB: dit motief om tijdskrediet aan te vragen mag niet verward worden met het palliatief verlof (zie infoblad T20).

Zorg of bijstand verlenen aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad

Om het tijdskrediet met dit motief te kunnen rechtvaardigen, wordt beschouwd als "zware ziekte", elke ziekte of medische ingreep die de behandelende geneesheer als dusdanig beoordeelt en waarvoor hij elke vorm van sociale, familiale of mentale/morele bijstand noodzakelijk acht voor het herstel.

Zowel uw bloedverwanten als uw aanverwanten tot de 2de graad worden beschouwd als uw familieleden. De leden van uw gezin zijn de personen met wie u samenwoont.

NB: dit motief om tijdskrediet aan te vragen mag niet verward worden met het verlof voor medische bijstand. Voor meer inlichtingen, zie onze FAQ.

Een erkende opleiding volgen

Om het tijdskrediet met dit motief te rechtvaardigen, mag het uitsluitend gaan om:

  • een opleiding erkend door de Gemeenschappen (Vlaamse, Franse of Duitstalige) of door de sector, van minstens 360 uren of 27 studiepunten per jaar of 120 uren of 9 studiepunten per schooltrimester of per ononderbroken periode van 3 maanden;
  • het volgen van onderwijs verstrekt in een Centrum voor basiseducatie of een opleiding gericht op het behalen van een diploma of getuigschrift van het secundair onderwijs, waarbij de grens wordt vastgesteld op 300 uren per jaar of 100 uren per schooltrimester of per ononderbroken periode van 3 maanden.

Opgelet! Indien u het tijdskrediet aanvraagt omwille van het motief opleiding moet u uw werkgever en de RVA op het einde van elk kwartaal binnen 20 kalenderdagen een attest bezorgen van het regelmatig bijwonen van de opleiding (zie de vraag: moet u andere stappen zetten tijdens het tijdskrediet?). Indien u dit attest van het regelmatig bijwonen van de opleiding niet verstrekt, worden het tijdskrediet en de bijbehorende uitkeringen u het volgende kwartaal niet toegekend.

Zorgen voor uw gehandicapte kind dat jonger is dan 21 jaar

Om het tijdskrediet met dit motief te kunnen rechtvaardigen:

  • moet uw kind een fysieke of mentale ongeschiktheid vertonen van ten minste 66% of een aandoening die voor gevolg heeft dat er minstens 4 punten worden toegekend in pijler I van de medisch-sociale schaal, in de zin van de reglementering op de kinderbijslag;
  • moet de periode waarvoor het tijdskrediet wordt aangevraagd of verlengd ingaan vóór de 21ste verjaardag van het kind.

Dit motief om tijdskrediet aan te vragen mag niet verward worden met het verlof voor medische bijstand of het ouderschapsverlof (zie de infobladen T18 en T19, die u kunt vinden op onze website en in de RVA-kantoren), noch met het motief voor tijdskrediet "een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad bijstaan".

Bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin

Om het tijdskrediet met dit motief te kunnen rechtvaardigen:

  • moet de ernst van het gezondheidsprobleem als dusdanig erkend zijn door de geneesheer van het betrokken kind;
  • moet de periode waarvoor het tijdskrediet wordt aangevraagd of verlengd ingaan vóór het kind meerderjarig wordt (dit wil zeggen 18 jaar wordt);
  • moet het zwaar zieke kind, indien dat niet uw eigen kind is, om beschouwd te worden als een gezinslid, ingeschreven zijn als met u samenwonend in het bevolkingsregister van de gemeente waar u woont, dit wil zeggen, het moet onder uw dak wonen.

Dit motief om tijdskrediet aan te vragen mag niet verward worden met het verlof voor medische bijstand of het ouderschapsverlof (zie de infobladen T18 en T19, die u kunt vinden op onze website en in de RVA-kantoren), noch met het motief voor tijdskrediet "een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad bijstaan".

Wat zijn de toegangsvoorwaarden om een tijdskrediet met motief te bekomen?

1. Anciënniteitsvoorwaarde

Op de datum van de schriftelijke kennisgeving aan uw werkgever (zie de vraag over de aanvraag om tijdskrediet bij de werkgever), moet u minstens 2 jaar anciënniteit hebben in de onderneming.

Om het tijdskrediet met motief te bekomen, bent u reglementair niet verplicht om minstens 5 jaar beroepsverleden als loontrekkende te hebben.

Uitzondering

Indien u het tijdskrediet met motief aanvraagt onmiddellijk nadat u uw recht op ouderschapsverlof voor alle rechthebbende kinderen hebt uitgeput, moet u niet voldoen aan de voorwaarde om 2 jaar anciënniteit te hebben bij de werkgever. Voor de toepassing van deze uitzondering is het absoluut noodzakelijk:

  • indien u meerdere kinderen hebt in de leeftijdsvoorwaarde voor het ouderschapsverlof (dit wil zeggen jonger dan 12 jaar of jonger dan 21 jaar in geval van fysieke of mentale ongeschiktheid van minstens 66%), dat u het ouderschapsverlof hebt genomen voor al uw kinderen;
  • dat u de maximumduur van het ouderschapsverlof met betaling van uitkeringen hebt uitgeput, dit wil zeggen:
    • indien uw kind is geboren of geadopteerd vanaf 08.03.2012:
      • ofwel 4 maanden volledige onderbreking;
      • ofwel 8 maanden vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking;
      • ofwel 20 maanden vermindering van prestaties met 1/5;
      • ofwel een combinatie van de 3 vormen van ouderschapsverlof tot 4 maanden voltijds equivalent;
    • indien uw kind geboren of geadopteerd is vóór 08.03.2012:
      • ofwel 3 maanden volledige onderbreking;
      • ofwel 6 maanden vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking;
      • ofwel 15 maanden vermindering van prestaties met 1/5;
      • ofwel een combinatie van de 3 vormen van ouderschapsverlof tot 3 maanden voltijds equivalent;
  • dat het tijdskrediet van datum tot datum volgt op het ouderschapsverlof.

2. Tewerkstellingsvoorwaarden

Indien u een 1/2-tijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5 aanvraagt, moet u naast de anciënniteitsvoorwaarde bij de werkgever, eveneens een tewerkstellingsvoorwaarde vervullen, gedurende de 12 maanden vóór de schriftelijke kennisgeving aan de werkgever (zie de vraag over de aanvraag om tijdskrediet bij de werkgever).

  • In geval van 1/2-tijds tijdskrediet moet u minstens 3/4-tijds gewerkt hebben.
  • In geval van tijdskrediet 1/5 moet u voltijds gewerkt hebben.

Indien u niet in het vereiste arbeidsregime hebt gewerkt gedurende de 12 maanden vóór de schriftelijke kennisgeving, kunnen sommige periodes van afwezigheid of van deeltijdse tewerkstelling gelijkgesteld worden met prestaties of geneutraliseerd worden. Voor meer informatie hierover kunt u terecht bij uw werkgever.

Indien u een voltijds tijdskrediet aanvraagt, legt de reglementering geen tewerkstellingsvoorwaarde op.

3. Bijzondere voorwaarden

In geval van voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet

In een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) op sectoraal of ondernemingsniveau moet voorzien zijn dat u een voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet kunt bekomen omwille van de volgende motieven:

  • zorgen voor uw kind dat jonger is dan 8 jaar;
  • palliatieve zorgen verlenen;
  • zorg of medische bijstand verlenen aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad;
  • een erkende opleiding volgen.

Dit betekent dat het bijkomende recht op voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet omwille van deze motieven niet in alle ondernemingen bekomen kan worden. U moet dus navragen bij uw werkgever, of de vakbonden en de werkgevers op sectoraal- of ondernemingsniveau een CAO hebben gesloten die de toegang tot het voltijdse of het 1/2-tijdse tijdskrediet omwille van deze motieven toelaat.

NB: indien er vóór 01.09.2012 een sectorale of ondernemings-CAO is gesloten om het recht op het voltijdse of 1/2-tijdse tijdskrediet uit te breiden tot meer dan een jaar, maakt deze CAO het mogelijk om het bijkomende recht op het voltijdse of het 1/2-tijdse tijdskrediet omwille van de voormelde motieven te bekomen, zonder de maximumtermijn van 36 maanden te overschrijden.

Om te weten of er een CAO is die het voltijdse of 1/2-tijdse tijdskrediet omwille van deze motieven mogelijk maakt, moet u inlichtingen vragen aan uw werkgever.

Opmerking: om toegang te krijgen tot het tijdskrediet 1/5 omwille van de voormelde redenen is er geen sectorale of ondernemings-CAO nodig. Het kan dus bekomen worden bij alle werkgevers.

In geval van cumulatie met een activiteit als loontrekkende of als zelfstandige

De toegang tot de 3 vormen van tijdskrediet (voltijds, 1/2-tijds of met 1/5) met motief "zorgen voor zijn kind jonger dan 8 jaar", "palliatieve zorg verlenen", "medische bijstand verlenen aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad" en "een erkende opleiding volgen" is verboden indien u een activiteit opstart of uitbreidt, verricht als loontrekkende of als zelfstandige, die niet mag worden gecumuleerd met onderbrekingsuitkeringen.

U vindt de regels in verband met de cumulatie van een activiteit als loontrekkende of als zelfstandige met onderbrekingsuitkeringen in deel 2 van dit infoblad, na de vraag "Is het mogelijk een activiteit uit te oefenen tijdens het tijdskrediet?"

Voor welke duur kunt u het tijdskrediet zonder motief bekomen?

Minimumduur

  • In geval van voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet is de minimumduur; 3 maanden
  • In geval van tijdskrediet 1/5 is de minimumduur 6 maanden.

De minimumduur van 3 maanden of van 6 maanden moet gerespecteerd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet zonder motief, ook in geval van verlenging.

In geval van een overgang van de ene vorm van tijdskrediet naar een andere kan het eventuele saldo van het tijdskrediet zonder motief, bij wijze van afwijking, voor een kortere periode opgenomen worden.

Maximumduur

Het tijdskrediet zonder motief kan bekomen worden gedurende een maximumperiode van 12 maanden voltijds equivalent. Dat betekent dat bij een aanvraag om:

  • voltijds tijdskrediet, de maximumduur 12 maanden bedraagt;
  • 1/2-tijds tijdskrediet, de maximumduur 24 maanden bedraagt;
  • tijdskrediet 1/5, de maximumduur 60 maanden bedraagt;

Indien u tijdens uw loopbaan verschillende vormen van tijdskrediet zonder motief aanvraagt (voltijds, 1/2-tijds of met 1/5), kunt u dit genieten gedurende een periode van maximum 12 maanden voltijds equivalent. Met andere woorden: 1 maand voltijds tijdskrediet = 2 maanden halftijds tijdskrediet = 5 maanden 1/5 tijdskrediet.

Voorbeelden:

  • U vraagt een voltijds tijdskrediet zonder motief aan gedurende 6 maanden. Op de maximumduur van 12 maanden voltijds equivalent, kunt u later dus nog tijdskrediet zonder motief bekomen:
    • gedurende 6 maanden, indien u opnieuw voltijds tijdskrediet aanvraagt;
    • of gedurende 12 maanden, indien u 1/2-tijds tijdskrediet aanvraagt;
    • of gedurende 30 maanden, indien u tijdskrediet 1/5 aanvraagt;
    • of een andere combinatie.
  • U vraagt een tijdskrediet zonder motief met 1/5 gedurende 60 maanden. Na afloop van deze periode hebt u de maximumduur van 12 maanden voltijds equivalent uitgeput. Indien u later nog een voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet zonder motief aanvraagt, hebt u daar bijgevolg geen recht meer op.

Voor welke duur kunt u het tijdskrediet met motief bekomen?

Duur per aanvraag

Zorgen voor uw kind dat jonger is dan 8 jaar

  • In geval van voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet is de minimumduur per aanvraag 3 maanden
  • In geval van tijdskrediet 1/5 is de minimumduur per aanvraag 6 maanden.

De minimumduur van 3 maanden of van 6 maanden moet gerespecteerd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet met dit motief, ook in geval van verlenging.

Voor de maximumduur, zie verder.

Palliatieve zorgen verlenen

Per patiënt die palliatieve zorgen nodig heeft kunt u slechts een periode van 1 maand bekomen, verlengbaar met 1 bijkomende maand.

Indien later andere personen terminaal zijn en palliatieve zorg nodig hebben, kunt u opnieuw tijdskrediet met dit motief bekomen voor een duur van 1 maand per patiënt, verlengbaar met 1 maand, tot u de maximumduur bereikt (zie verder).

Zorg of medische bijstand verlenen aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad

U kunt het tijdskrediet omwille van dit motief bekomen per periode van minimum 1 tot maximum 3 maanden per aanvraag.

Ongeacht of het om dezelfde of om een andere patiënt gaat, kan het tijdskrediet omwille van dit motief vernieuwd worden, als dan niet op ononderbroken wijze, tot de maximumduur bereikt wordt (zie verder).

Een erkende opleiding volgen

  • In geval van voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet is de minimumduur per aanvraag 3 maanden
  • In geval van tijdskrediet 1/5 is de minimumduur per aanvraag 6 maanden.

De minimumduur van 3 maanden of van 6 maanden moet gerespecteerd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet met dit motief, ook in geval van verlenging.

Bovendien moet de duur van de aanvraag beperkt zijn tot de duur van de opleiding.

Voorbeeld:

indien de opleiding 9 maanden duurt, mag u het tijdskrediet met dit motief niet aanvragen voor meer dan 9 maanden.

Voor de maximumduur, zie verder.

Zorgen voor uw gehandicapte kind dat jonger is dan 21 jaar

  • In geval van voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet is de minimumduur per aanvraag 3 maanden
  • In geval van tijdskrediet 1/5 is de minimumduur per aanvraag 6 maanden.

De minimumduur van 3 maanden of van 6 maanden moet gerespecteerd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet met dit motief, ook in geval van verlenging.

Voor de maximumduur, zie verder.

Bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin

U kunt het tijdskrediet omwille van dit motief bekomen per periode van minimum 1 tot maximum 3 maanden per aanvraag.

Het tijdskrediet omwille van dit motief kan al dan niet op ononderbroken wijze verlengd worden, tot de maximumduur bereikt wordt (zie verder).

Maximumduur van het tijdskrediet met motief

Afhankelijk van het motief waarvoor het tijdskrediet wordt gevraagd, kan de maximumduur van het bijkomende recht variëren.

 Het gaat om de volgende maximumduur:

MOTIEVEN

MOTIEVEN

Zorgen voor uw kind dat jonger is dan 8 jaar

Palliatieve zorgen verlenen

Zorg of medische bijstand verlenen aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad

Een erkende opleiding volgen

Zorgen voor uw gehandicapte kind dat jonger is dan 21 jaar

Bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin

MAXIMUMDUUR = 36 maanden

MAXIMUMDUUR = 48 maanden

Opmerkingen

De uitkeringsperiode met motief "zorg of opleiding" voorzien gedurende maximum 36 maanden (linkerkolom van de tabel) en deze met motief "zorgen voor een ziek of gehandicapt kind" gedurende maximum 48 maanden (rechterkolom van de tabel) worden niet samengeteld.

Voorbeeld:

u vraagt een tijdskrediet van 48 maanden met motief "gehandicapt kind jonger dan 21 jaar". Indien u daarna een aanvraag indient met motief "erkende opleiding", hebt u geen recht op het tijdskrediet van 36 maanden met dit motief.

De maximumduur van 36 of 48 maanden is niet uitgedrukt in voltijds equivalent. Dat betekent dat de duur van het bijkomende recht identiek is, ongeacht de vorm van het tijdskrediet dat u aanvraagt omwille van één van de reglementaire motieven (voltijds, 1/2-tijds of met 1/5).

Voorbeeld:

indien u het 1/2-tijds tijdskrediet aanvraagt met motief "zorgen voor zijn kind jonger dan 8 jaar", is de maximumduur slechts 36 maanden en geen 72 maanden.

Ongeacht het motief waarvoor u het tijdskrediet aanvraagt, kan het niet vernieuwd worden wanneer de maximumduur van 36 of 48 maanden is uitgeput.

Voorbeelden:

  • Indien u 2 kinderen hebt die jonger zijn dan 8 jaar, beschikt u geen 2 keer over 36 maanden tijdskrediet met motief "zorgen voor zijn kind jonger dan 8 jaar";
  • Indien u de 36 maanden tijdskrediet met motief "zorgen voor uw kind jonger dan 8 jaar" hebt uitgeput, kunt u niet opnieuw 36 maanden tijdskrediet bekomen omwille van het motief "een erkende opleiding volgen".

Indien u voltijds of halftijds tijdskrediet aanvraagt voor een van de motieven `zorg of opleiding' (linkerkolom van de tabel), hangt de maximale duur die u kunt genieten af van de toepasbare sectorale of ondernemings-cao. Om die maximale duur te kennen, moet u inlichtingen inwinnen bij uw werkgever.

  • met het eventuele saldo?

Indien u het tijdskrediet aanvraagt omwille van verschillende motieven en indien het resterende saldo van de maximumduur van 36 of 48 maanden lager is dan de minimumduur voorzien per aanvraag kan dit saldo toch nog bekomen worden.

Worden de in het verleden opgenomen periodes afgetrokken van de maximumduur van het tijdskrediet zonder motief en met motief?

Ja. De periodes van tijdskrediet en loopbaanonderbreking die u bekomen hebt in het algemeen stelsel moeten afgetrokken worden van de maximumduur van het tijdskrediet zonder motief en met motief.

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T157.

Is het mogelijk een tijdskrediet zonder motief en een tijdskrediet met motief te krijgen?

Ja. U beschikt over een maximumduur van 12 maanden voltijds equivalent tijdskrediet zonder motief + een maximumduur van 36 of 48 maanden (naargelang het voorwerp van de aanvraag) tijdskrediet met motief.

Voorbeeld:

u vraagt een tijdskrediet 1/5 zonder motief gedurende 60 maanden. Daarna kunt u nog een tijdskrediet met motief bekomen gedurende 36 of 48 maanden.

Moet u de maximumduur van het tijdskrediet zonder motief hebben uitgeput vooraleer u een tijdskrediet met motief kunt genieten?

Neen. U kunt gebruik maken van de maximumduur van het tijdskrediet zonder motief en met motief zoals het u het best uitkomt.

Voorbeeld

u wenst een tijdskrediet te bekomen om te zorgen voor uw kind van 7 jaar. Op voorwaarde dat u voldoet aan de toekenningsvoorwaarden, kunt u een aanvraag indienen met motief "zorgen voor zijn kind jonger dan 8 jaar". Daarna kunt een aanvraag om tijdskrediet zonder motief indienen, op voorwaarde dat u de toekenningsvoorwaarden vervult en dat u de maximumduur die in dit kader is voorzien, nog niet hebt uitgeput.

Zijn de verschillende vormen van tijdskrediet (zonder motief of met motief) een recht?

Indien uw werkgever hoogstens 10 werknemers tewerkstelt

De verschillende vormen van tijdskrediet zijn geen recht. Het gaat enkel om een mogelijkheid waarvoor het akkoord van de werkgever vereist is. Dit akkoord moet gaan over het principe van het tijdskrediet, de vorm, de aanvangsdatum en de duur.

Met andere woorden, zelfs indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden bij de werkgever, kan hij u het gevraagde tijdskrediet toekennen of weigeren.

Indien uw werkgever meer dan 10 werknemers tewerkstelt

Indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden die gelden bij uw werkgever, hebt u recht op de gevraagde vorm van tijdskrediet. De toegang tot de verschillende vormen van tijdskrediet is echter beperkt tot een quotum van gelijktijdige afwezigheden.

Quotum van de gelijktijdige afwezigheden

Volgens de algemene regel is het recht op de verschillende vormen van tijdskrediet (dit wil zeggen het voltijdse tijdskrediet, het 1/2-tijdse tijdskrediet en het tijdskrediet 1/5 in het algemeen stelsel met of zonder motief en het 1/2-tijds tijdskrediet en het tijdskrediet 1/5 in het eindeloopbaanstelsel) beperkt tot 5 % van het personeel van de onderneming. Deze beperking tot 5% kan eventueel gewijzigd worden door een sectorale of ondernemings-CAO, of zelfs door het arbeidsreglement.

Van zodra het quotum van de gelijktijdige afwezigheden bereikt is, voorziet de wetgeving een mechanisme om de gelijktijdige afwezigheden te beperken. Dat betekent dat de aanvang van het tijdskrediet zal uitgesteld worden tot er opnieuw een plaats vrijkomt.

Uitzondering

De werknemers van 55 jaar of ouder die een tijdskrediet 1/5 aanvragen in het algemeen stelsel (zonder motief of met motief) of in het eindeloopbaanstelsel, vallen buiten het quotum. Dat betekent dat alle werknemers van 55 jaar of ouder het tijdskrediet 1/5 kunnen bekomen, los van de andere werknemers bij dezelfde werkgever voor wie het quotum wel geldt.

Uitsluiting van het recht door een CAO

Ongeacht het aantal werknemers tewerkgesteld in de onderneming, kunnen sommige personeelscategorieën worden uitgesloten van het recht op de verschillende soorten tijdskrediet d.m.v. een collectieve arbeidsovereenkomst op sector- of ondernemingsniveau. Indien zij voldoen aan de toegangsvoorwaarden, kunnen zij echter het tijdskrediet bekomen, op voorwaarde dat de werkgever akkoord gaat.

Voorbeeld: de ondernemings-CAO bepaalt dat de leidinggevende personeelsleden uitgesloten kunnen worden van het recht op het tijdskrediet. Indien één van de leidinggevende personeelsleden een tijdskrediet aanvraagt, kan de werkgever het dan ook weigeren overeenkomstig de CAO, of het toekennen indien de toegangsvoorwaarden vervuld zijn.

Wie moet bepalen of u recht hebt op het tijdskrediet?

Het is uw werkgever die moet bepalen of u voldoet aan de toegangsvoorwaarden en zo ja, of u recht hebt op het gevraagde tijdskrediet.

Voor meer informatie hierover dient u contact op te nemen met uw werkgever.

Kan de werkgever de aanvangsdatum van het tijdskrediet uitstellen?

Ja. Indien er meer dan 10 werknemers zijn en los van de bepalingen rond het quotum van de gelijktijdige afwezigheden (zie de vraag "zijn de verschillende vormen van tijdskrediet een recht?"), kan de werkgever de aanvangsdatum van uw tijdskrediet in twee gevallen uitstellen.

1. Uitstel om ernstige interne of externe redenen

Omwille van ernstige interne of externe redenen kan uw werkgever de uitoefening van het recht op tijdskrediet uitstellen.

Ernstige interne of externe redenen zijn onder meer organisatorische behoeften, de continuïteit van het werk en de reële mogelijkheden tot vervanging. De ondernemingsraad kan die redenen verduidelijken.

In geval van uitstel omwille van ernstige interne of externe redenen, moet het recht op tijdskrediet ingaan uiterlijk 6 maanden te rekenen vanaf de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest. De werkgever kan evenwel andere modaliteiten overeenkomen met u.

2. Uitstel van het tijdskrediet 1/5 van de werknemers van 55 jaar of ouder

Indien u minstens 55 jaar bent en een tijdskrediet 1/5 aanvraagt, is het quotum van de gelijktijdige afwezigheden niet van toepassing (zie de vraag: Is het tijdskrediet een recht?).

Om de continuïteit van de arbeidsorganisatie niet in het gedrang te brengen, kan de werkgever in dat geval het recht op het tijdskrediet 1/5 uitstellen, indien u een sleutelfunctie uitoefent. Het begrip sleutelfunctie kan worden verduidelijkt door een sectorale of ondernemings-CAO of, indien er geen vakbondsafvaardiging is, door middel van het arbeidsreglement.

Voorbeeld:

uw rol in de onderneming is zo belangrijk dat uw afwezigheid de organisatie van de arbeid in het gedrag zou brengen, en er kan voor deze afwezigheid geen enkele oplossing gevonden worden via de overplaatsing van personeel of interne mutaties.

In geval van uitstel om deze reden moet het recht op tijdskrediet 1/5 ingaan na uiterlijk 12 maanden te rekenen vanaf de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest. De werkgever kan evenwel andere modaliteiten overeenkomen met u.

Mogen de verschillende redenen voor uitstel gebruikt worden voor een zelfde aanvraag om tijdskrediet?

De termijn van het uitstel omwille van ernstige interne of externe redenen en de termijn voorzien wanneer het quotum van de gelijktijdige afwezigheden is bereikt of overschreden, mogen niet gebruikt worden voor een zelfde aanvraag om tijdskrediet (zie de vraag "is het tijdskrediet een recht?").

Het specifieke uitstel van 12 maanden voor de werknemers van 55 jaar of ouder die een sleutelfunctie uitoefenen en het uitstel van 6 maanden omwille van ernstige interne of externe redenen, komen trouwens tegelijkertijd voor, zonder te kunnen worden opgeteld.

Hoe vraagt u het tijdskrediet aan uw werkgever?

Telkens wanneer u tijdskrediet (of een verlenging ervan) aanvraagt, u moet uw werkgever verplicht schriftelijk op de hoogte brengen van het feit dat u een tijdskrediet wil bekomen.

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Binnen welke termijn moet uw werkgever u antwoorden?

Zie infoblad T159

Wat zullen uw inkomsten zijn gedurende het tijdskrediet?

Indien u een voltijds tijdskrediet aanvraagt, betaalt de werkgever u geen loon tijdens de periode waarin u uw prestaties schorst, aangezien u niet meer voor hem werkt.

Vraagt u een 1/2-tijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5, dan wordt u door uw werkgever betaald op basis van uw deeltijdse prestaties, dit wil zeggen, naargelang het geval, 1/2-tijds of 4/5-tijds.

Om het bedrag te kennen van uw 1/2-tijdse of 4/5-tijdse loon, dient u zich te wenden tot uw werkgever.

In voorkomend geval kunt u tijdens uw voltijds tijdskrediet, uw 1/2-tijds tijdskrediet of uw tijdskrediet 1/5, als vervangingsinkomen, een maandelijkse uitkering krijgen van de RVA (zie deel 2 van dit infoblad).


DEEL 2 - RECHT OP ONDERBREKINGSUITKERINGEN

Belangrijke opmerking!

U kunt van de RVA onderbrekingsuitkeringen ontvangen tijdens het tijdskrediet, maar dan moet u voldoen aan de toekenningsvoorwaarden bepaald in de reglementering.

Indien u aan deze voorwaarden voldoet kunt u tijdens de periode van het tijdskrediet een maandelijkse uitkering ontvangen, die de RVA betaalt ter compensatie van het verlies of de vermindering van uw inkomen.

Opgelet: deze reglementering voorziet enkel onderbrekingsuitkeringen in geval van aanvraag om tijdskrediet met motief.   Anderzijds, in geval van aanvraag tijdskrediet zonder motief, krijgt u het tijdskrediet zonder uitkeringen.

Wat zijn de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen?

Tijdskrediet zonder motief

In geval van eerste aanvraag om tijdskrediet of in geval van aanvraag die geen verlenging is, van datum tot datum, van hetzelfde type onderbreking (voltijds, halftijds, 1/5-tijds) voorziet de reglementering sedert 01.01.2015 dat u van de RVA geen uitkeringen meer kunt bekomen.

Tijdskrediet met motief

Om de onderbrekingsuitkeringen te bekomen, moet u vooraf bij de werkgever voldoen aan de toegangsvoorwaarden voor het tijdskrediet met motief, dat wil zeggen, de anciënniteitsvoorwaarde en, in geval van vermindering van prestaties, de tewerkstellingsvoorwaarde (u vindt die voorwaarden in deel 1 van dit infoblad).  U moet ook het bestaan van het motief bewijzen.

Naast deze voorwaarden:

  • mag u geen activiteit en/of een inkomen hebben waarmee cumulatie verboden is (zie de vraag "Is het mogelijk een bijkomende activiteit uit te oefenen tijdens het tijdskrediet met uitkeringen?")
  • moet u in België wonen of in een ander land van de Europese Economische Ruimte of in Zwitserland (zie de vraag "waar moet u wonen om de uitkeringen te bekomen?");
  • moet u per aanvraag de vastgelegde minimumduur van het tijdskrediet respecteren, dit wil zeggen, naargelang het geval, 1, 3 of 6 maanden (u vindt de minimumduur per aanvraag om tijdskrediet met motief in deel 1 van dit infoblad).

Wat gebeurt er indien u de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen niet vervult?

Indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden om het tijdskrediet te bekomen bij uw werkgever, maar de RVA u de uitkeringen weigert toe te kennen, bent u in tijdskrediet zonder uitkeringen.

Met andere woorden, de schorsing of de vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking of met 1/5, toegekend door uw werkgever, zal verderlopen tot de gevraagde einddatum, maar zonder dat de RVA uitkeringen betaalt. In dit geval:

  • hebt u in geval van voltijds tijdskrediet geen enkel inkomen en geen enkele sociale dekking;
  • hebt u in geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5, enkel recht op het loon van uw werkgever en de sociale dekking op basis van uw deeltijds arbeidsregime.

Indien u niet in tijdskrediet zonder uitkeringen wil blijven, moet u het voortijdig stopzetten, mits de toestemming van uw werkgever. Deze toestemming moet betrekking hebben op het principe en op de datum van de vroegtijdige beëindiging. Indien u deze toestemming krijgt, moet u het RVA-kantoor waarvan u afhangt, schriftelijk op de hoogte brengen.

Opgelet ! Indien u het tijdskrediet aanvraagt omwille van het motief "zorgen voor uw kind jonger dan 8 jaar", "palliatieve zorgen verstrekken", "bijstand of zorgen verstrekken aan een zwaar ziek familielid of gezinslid tot de 2de graad" of "een erkende opleiding volgen" en de RVA u de uitkering weigert toe te kennen omdat u een activiteit uitoefent waarmee cumulatie verboden is of omdat u niet het bewijs levert van het bestaan van het motief, verliest u eveneens het recht op het tijdskrediet bij uw werkgever (zie ook de vraag "kunt u een tijdskrediet genieten zonder uitkeringen? ».

Welk is de maximumduur van vergoeding van het tijdskrediet met motief?

Zie infoblad T157

Welke zijn de uitkeringsbedragen van het tijdskrediet met motief?

De uitkeringen zijn forfaitair. Hun bedrag varieert niet in functie van uw loon Toch kunnen bepaalde criteria dit bedrag beïnvloeden, te weten:

  • de gekozen vorm van tijdskrediet (voltijds tijdskrediet, 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5);
  • in geval van voltijds tijdskrediet of 1/2-tijds tijdskrediet gekregen op basis van een deeltijdse betrekking, wordt de uitkering berekend in verhouding tot de tewerkstellingsbreuk;
    • Voorbeeld: indien u 4/5-tijds werkt, ontvangt u voor een voltijds of een 1/2-tijds tijdskrediet 4/5 van het uitkeringsbedrag voorzien voor de voltijdse werknemers.
  • wanneer het tijdskrediet geen volle maand duur, wordt een proportioneel gedeelte van het uitkeringsbedrag toegekend op basis van het aantal dagen gedekt door het tijdskrediet;
    • Voorbeeld: u vraagt een voltijds tijdskrediet van 3 maanden van 18 januari tot 17 april:
      • Voor de maand januari ontvangt u een proportie van het uitkeringsbedrag gelijk aan de periode tussen 18 en 31 januari;
      • Voor de maand april ontvangt u een proportie van het uitkeringsbedrag gelijk aan de periode tussen 1 en 17 april.
  • bij een aanvraag om tijdskrediet 1/5, variëren de uitkeringen naargelang u samenwonend of alleenwonend bent. Voor de toepassing van deze bepaling wordt u in 2 gevallen beschouwd als alleenwonende werknemer:
    • indien u alleen woont. In dat geval geniet u een verhoogde uitkering;
    • Indien u enkel samenwoont met één of meerdere kinderen waarvan u er minstens één ten laste hebt. In dat geval geniet u een verhoogde uitkering, waarop een lagere bedrijfsvoorheffing geldt.

De uitkering is onderworpen aan de bedrijfsvoorheffing. Dat betekent dat de ontvangen maandelijkse uitkering een netto-uitkering is, waarvan de bedrijfsvoorheffing reeds is afgetrokken.

NB: voor meer informatie over het fiscale aspect en ondermeer over percentage van de voorheffing die ingehouden wordt op de uitkeringen voor tijdskrediet, zie de vraag: "wat is de invloed van de uitkeringen op uw belastingen?"

Om de bedragen van de uitkeringen te kennen: zie “Barema's” - 1.1 Tijdskrediet - Algemeen stelsel.

Waar moet u wonen om de uitkeringen te bekomen?

Om de uitkeringen te bekomen moet u gedurende heel de periode van het tijdskrediet:

  • in België;
  • of in een ander land van de Europese economische ruimte (EER), dit wil zeggen de 27 landen van de Europese Unie + Noorwegen, Ijsland en Liechtenstein;
  • of in Zwitserland wonen.

Uitzondering

Indien u uw echtgeno(o)t(e) of uw wettelijk samenwonende volgt die tijdelijk en beroepshalve voor rekening van zijn/haar werkgever naar een land vertrekt buiten de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dan mag u voor de duur van deze opdracht daar gedomicilieerd zijn.

Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder "wettelijke samenwoning" verstaan de samenlevingsvorm van 2 personen (ongeacht de aard van de verhouding en het geslacht) die een verklaring van wettelijke samenwoning hebben afgelegd bij de ambtenaar van de burgelijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats.

Om deze uitzondering te kunnen genieten, moet u een attest van de werkgever van uw echtgeno(o)t(e) of van de werkgever van uw wettelijk samenwonende toevoegen, waaruit blijkt dat de professionele opdracht die hij of zij buiten Europa verricht voor zijn of haar werkgever niet vereist dat u zich definitief in het buitenland vestigt.

Als u uw wettelijk samenwonende volgt, moet u eveneens een bewijs van wettelijke samenwoning voegen bij uw uitkeringsaanvraag.

Waar mogen de onderbrekingsuitkeringen betaald worden ?

De betaling van de onderbrekingsuitkeringen kan verricht worden per circulaire cheque of bankoverschrijving. In het geval van een bankoverschrijving, kan de betaling verricht worden op een financiële rekening in:

  • in België;
  • een land dat behoort tot de gemeenschappelijke betalingsruimte voor de euro, of SEPA ( = Single Euro Payments Area).

NB: het gaat om de volgende landen: Frankrijk, Guadeloupe, Martinique, Frans Guyana, La Réunion, Oostenrijk, Bulgarije, Zwitserland, Cyprus, Tsjechische Republiek, Duitsland, Denemarken, Estland, Spanje (met inbegrip van de Canarische Eilanden, Ceuta & Melilla), Finland, Verenigd Koninkrijk (met inbegrip van Gibraltar en Noord-Ierland), Griekenland, Hongarije, Ierland, IJsland, Italië, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Letland, Malta, Noorwegen, Polen, Portugal (met inbegrip van de Azoren en Madeira), Roemenië, Zweden, Slovenië, Nederland.

Is het mogelijk een bijkomende activiteit uit te oefenen tijdens het tijdskrediet met uitkeringen?

Indien u een tijdskrediet met uitkeringen aanvraagt is het, in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden, mogelijk een andere activiteit uit te oefenen dan deze die het voorwerp vormt van de vermindering van uw prestaties en de eventuele inkomsten die eruit voortvloeien te cumuleren met de uitkeringen toegekend door de RVA.

Activiteiten die cumuleerbaar zijn met uitkeringen

Voor zover u dit vooraf hebt aangegeven, kunnen de uitkeringen toegekend door de RVA gecumuleerd worden met de hierna opgesomde activiteiten en de eventuele inkomsten die eruit voortvloeien:

  • een politiek mandaat van gemeenteraadslid, OCMW-raadslid, districtsraadslid of provincieraadslid;
  • een vooraf bestaande bijkomende activiteit als loontrekkende.

Deze activiteit als loontrekkende moet al minstens uitgeoefend zijn gedurende de 12 maanden vóór de aanvang van het voltijds tijdskrediet, het 1/2-tijds tijdskrediet of het tijdskrediet 1/5.

Deze bijkomende activiteit in loondienst moet tegelijkertijd uitgeoefend zijn met de activiteit waarvoor tijdskrediet wordt aangevraagd.

Het aantal uren van deze vooraf bestaande bijkomende activiteit als loontrekkende, mag tijdens het tijdskrediet niet verhoogd worden. Indien u deze regel niet naleeft, verliest u uw uitkeringen vanaf de dag waarop het aantal uren van de bijkomende activiteit als loontrekkende verhoogd is.

  • een vooraf bestaande zelfstandige activiteit of een bijkomende activiteit als helper van een zelfstandige.

Opgelet! De cumulatie met een zelfstandige activiteit is enkel mogelijk in geval van voltijds tijdskrediet

Om de cumulatie toe te laten moet de zelfstandige activiteit of de activiteit als helper van een zelfstandige trouwens gedurende minstens 12 maanden die voorafgaan aan de aanvang van de schorsing van de prestaties, tegelijkertijd met de activiteit die het voorwerp vormt van de aanvraag om voltijds tijdskrediet, zijn uitgeoefend. In dat geval mag u deze zelfstandige activiteit gedurende maximum 12 maanden cumuleren met de uitkeringen voor voltijds tijdskrediet.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5 is deze cumulatie verboden, zelfs indien de activiteit al 12 maanden vóór het tijdskrediet bestond.

In het kader van de reglementering van het tijdskrediet, is een zelfstandige activiteit of een activiteit als helper van een zelfstandige een activiteit waarvoor een inschrijving is vereist bij het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen (RSVZ). Indien u ingeschreven bent of indien u zich moet inschrijven onder het statuut van zelfstandige of van helper van een zelfstandige, is deze activiteit, zelfs al levert ze geen inkomsten op, alleen cumuleerbaar met de uitkeringen voor voltijds tijdskrediet als ze reeds gedurende de 12 maanden voorafgaand werd uitgeoefend.

NB: indien u informatie wenst over het zelfstandigenstatuut en de activiteiten waarvoor een inschrijving nodig is, moet u zich wenden tot de RSVZ: www.rsvz.be

Naast de hierboven opgesomde cumuleerbare activiteiten, is het ook mogelijk vrijwilligerswerk te verrichten, dit wil zeggen activiteiten waarvoor u niet vergoed wordt.

Activiteiten die niet cumuleerbaar zijn met uitkeringen

De uitkeringen zijn niet cumuleerbaar met:

  • Een politiek mandaat van schepen, burgemeester, voorzitter van een OCMW, volksvertegenwoordiger, minister alsmede alle andere politieke mandaten dan deze cumuleerbaar met uitkeringen.
  • Een bijkomende activiteit als zelfstandige of als helper van een zelfstandige in het geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5 (zelfs indien deze activiteit vooraf al bestond!).

In het kader van de reglementering van het tijdskrediet, is een zelfstandige activiteit of een activiteit als helper van een zelfstandige een activiteit waarvoor een inschrijving is vereist bij het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen (RSVZ).

Indien u ingeschreven bent of zich moet inschrijven onder het statuut van zelfstandige of helper van een zelfstandige, mag deze activiteit dus niet gecumuleerd worden met de uitkeringen voor 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5, zelfs indien ze geen inkomsten voortbrengt.

NB: indien u informatie wenst over het zelfstandigenstatuut en de activiteiten waarvoor een inschrijving nodig is, moet u inlichtingen inwinnen bij het RSVZ: www.rsvz.be .

  • Een vergoede activiteit in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking voor rekening van een erkende niet-gouvernementele organisatie voor ontwikkelingssamenwerking.

Tijdens een tijdskrediet (ongeacht hetwelk), is het overigens verboden gelijk welke vergoede activiteit aan te vatten, dit wil zeggen eender welke activiteit als loontrekkende, zelfstandige, enz. bij eender welke werkgever (privé, openbaar, ...) of voor eigen rekening. Indien u deze regel niet naleeft, verliest u uw uitkeringen vanaf de dag waarop u deze vergoede activiteit aanvat.

Welke formaliteiten moet u vervullen indien u een activiteit uitoefent tijdens uw tijdskrediet met uitkeringen?

Indien u vóór de aanvang van uw tijdskrediet reeds een politiek mandaat uitoefent, een bijkomende activiteit in loondienst of een zelfstandige activiteit, dient u hiervan aangifte te doen bij de RVA op het ogenblik dat u uw aanvraag indient. Bij afwezigheid van een aangifte of in geval van laattijdige aangifte, zullen de reeds betaalde uitkeringen teruggevorderd worden vanaf het begin van het tijdskrediet tot de dag van de eventuele laattijdige aangifte.

Indien u denkt een politiek mandaat, eender welke vergoede activiteit (als loontrekkende, zelfstandige, ....) te zullen aanvatten tijdens de periode tijdskrediet, moet u hiervan aangifte doen bij het RVA-kantoor waarvan u afhangt, schriftelijk en voorafgaandelijk

Zijn de uitkeringen tijdskrediet cumuleerbaar met een pensioen?

Principe

U kunt uw uitkeringen niet cumuleren met een pensioen.

Onder pensioen dient u elk ouderdoms-, rust- of anciënniteitspensioen te verstaan en alle voordelen die eruit voortvloeien. Het betreft alle pensioenen, ongeacht of zij toegekend zijn door of krachtens een Belgische of buitenlandse wet of door een sociale zekerheidsinstelling, een Belgische of buitenlandse openbare instelling of instelling van openbaar nut.

Indien u een pensioen ontvangt, moet u dit aangeven bij de RVA op het ogenblik dat u uw aanvraag indient.

Bij afwezigheid van een aangifte of in geval van laattijdige aangifte, zullen de reeds betaalde uitkeringen teruggevorderd worden vanaf het begin van het tijdskrediet tot de dag van de eventuele laattijdige aangifte.

Uitzondering in geval van overlevingspensioen

Sinds 01.07.2014 kunnen de uitkeringen tijdskrediet worden gecumuleerd met een overlevingspensioen gedurende een (al dan niet opeenvolgende) periode van maximaal 12 kalendermaanden.

Die periode van 12 maanden moet worden verminderd met het aantal maanden waarin een overlevingspensioen (zonder het genot van uitkeringen tijdskrediet) reeds werd gecumuleerd met werkloosheidsuitkeringen en/of uitkeringen in het kader van arbeidsongeschiktheid.

Mag u een overgangsuitkering cumuleren met tijdskrediet uitkeringen ?

Wie weduwe / weduwnaar wordt na 31.12.2014 en op dat ogenblik jonger is dan 45 jaar, heeft vanaf 01.01.2015 recht op een overgangsuitkering in plaats van een overlevingspensioen. De leeftijd van 45 jaar wordt tegen 2025 opgetrokken tot 50 jaar, met 6 maanden per jaar. De overgangsuitkering is beperkt in de tijd en wordt toegekend voor een periode van 12 of 24 maanden, al naargelang er kinderen zijn of niet. U mag een overgangsuitkering onbeperkt cumuleren met uitkeringen in het kader van tijdskrediet. U moet aan de RVA niet aangeven dat u een overgangsuitkering geniet.

Kunt u een tijdskrediet aanvragen zonder uitkeringen?

JA, in geval van aanvraag om:

  • tijdskrediet zonder motief, wordt de onderbreking of de vermindering van prestaties u automatisch toegekend zonder uitkeringen;
  • tijdskrediet met motief "zorgen voor uw gehandicapt kind dat jonger is dan 21 jaar";
  • tijdskrediet met motief "bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin".

In deze hypothesen kunt een tijdskrediet aanvragen bij uw werkgever zonder uitkeringen aan te vragen bij de RVA.

Indien u geen uitkeringen aanvraagt bij de RVA, bent u bovendien niet onderworpen aan de regels inzale cumulatie met andere activiteiten en inkomsten, noch aan de regels inzake de woonplaats (zie hierover de vragen eerder in dit infoblad).

Voorbeelden:

  • U wenst een tijdskrediet 1/5 zonder motief met als doel een bijkomende zelfstandige activiteit aan te vatten op uw inactiviteitsdag. Aangezien het tijdskrediet zonder motief wordt toegekend zonder uitkeringen, kunt u dus uw zelfstandige activiteit uitoefenen zonder die te moeten aangeven bij de RVA;
  • U wenst voltijds tijdskrediet te bekomen met motief “zorgen voor zijn gehandicapt kind van minder dan 21 jaar” met de bedoeling u te vestigen in de Verenigde Staten om er de handicap van uw kind te laten behandelen.  Aangezien de reglementering inzake de toekenning van de uitkeringen het niet toelaat dat u zich buiten Europa vestigt, kunt u het tijdskrediet met motief zonder uitkeringen aanvragen.

Indien u het tijdskrediet aanvraagt zonder uitkeringen, moet er toch aangifte van doen bij de RVA. Hiertoe moet u een formulier indienen om tijdskrediet aan te vragen bij het RVA-kantoor van uw woonplaats (zie de vraag hierna).

Opmerking

Als u een activiteit als loontrekkende of zelfstandige, waarbij de cumulatie met uitkeringen verboden is, opstart of uitbreidt (zie de vraag "Is het mogelijk een bijkomende activiteit uit te oefenen tijdens het tijdskrediet met uitkeringen?", kunt u geen tijdskrediet zonder uitkeringen bekomen voor de volgende motieven:

  • "zorgen voor uw kind dat jonger is dan 8 jaar";
  • "palliatieve zorgen verlenen";
  • "zorg of medische bijstand verlenen aan een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad";
  • "een erkende opleiding volgen".

Wat is de aanvraagprocedure bij de RVA?

U moet enkel een aanvraag indienen bij de RVA indien de werkgever u het tijdskrediet heeft toegekend. De procedure moet gevolgd worden voor elke aanvraag (eerste aanvraag, verlenging of nieuwe aanvraag).

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Wat gebeurt er indien de werkgever of een sectoraal fonds u een aanvullende vergoeding betaalt, boven op de uitkering van de RVA?

In sommige gevallen kan de werkgever of een sectoraal fonds u een aanvullende vergoeding betalen boven op de uitkering toegekend door de RVA (indien een sectorale of ondernemings-CAO dit bepaalt of door een individuele overeenkomst met de werkgever).

In dat geval moet u, enkel in geval van voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet en indien u 45 jaar of ouder bent, nog andere formaliteiten vervullen naast het sturen van het aanvraagformulier C61-voltijds tijdskrediet - CAO nr. 103 of van het formulier C61-1/2-tijds tijdskrediet - CAO nr. 103.

Voor meer informatie hierover verwijzen we naar het infoblad - werknemers « Inhoudingen en bijdragen op de pseudobrugpensioenen - aanvullende vergoedingen in geval van volledig of 1/2-tijds tijdskrediet voor de werknemers van minstens 50 jaar ».

Hoe wordt uw aanvraag om tijdskrediet door de RVA behandeld?

Wanneer de RVA uw aanvraagformulier voor het tijdskrediet ontvangt, wordt dit behandeld en ontvangt u vervolgens een antwoord door middel van de beslissing C62.

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Kunt u de beslissing van de RVA betwisten?

Ja, u kunt bij de bevoegde arbeidsrechtbank in beroep gaan tegen de beslissing van de RVA. 

Voor meer informatie over de te volgen procedure, verwijzen we naar het infoblad T110.

Hoe kunt u uw dossier opvolgen?

Zie infoblad T159.

Moet u tijdens uw tijdskrediet andere stappen ondernemen bij de RVA?

Indien één of meer van de gegevens die u in uw aanvraagformulier hebt meegedeeld aan het RVA-kantoor wijzigen tijdens uw tijdskrediet, moet uw RVA-kantoor daar onmiddellijk en schriftelijk van op de hoogte brengen.

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Wat is een verlenging van het tijdskrediet?

Het betreft opeenvolgende periodes in dezelfde vorm van tijdskrediet zoals bepaald in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103. Onder opeenvolgend wordt verstaan periodes die elkaar van datum tot datum opvolgen.

Gevolgen van een verlenging van het tijdskrediet

De verlengingen van het tijdskrediet zijn onderworpen aan dezelfde modaliteiten als deze voorzien voor de oorspronkelijke aanvragen.

Dit betekent onder meer dat, om een tijdskrediet te verlengen:

  • de te vervullen formaliteiten identiek zijn aan deze verricht bij de oorspronkelijke aanvraag;
  • de minimumduur opnieuw gerespecteerd moet worden;
  • enz.

Wanneer verliest u uw recht op uitkeringen?

Uw recht op uitkeringen tijdskrediet gaat verloren:

  • aan het einde van de maximum vergoedbaarheidstermijn of aan het einde van de termijn vermeld in het akkoord met uw werkgever, behalve indien deze termijn in onderling overleg wordt verlengd;
  • vanaf de dag waarop u het werk hervat bij dezelfde of bij een andere werkgever;
  • vanaf de dag waarop uw arbeidsovereenkomst eindigt;
  • vanaf de dag waarop u een pensioen ontvangt;
  • vanaf de dag waarop u een zelfstandige activiteit aanvat tijdens een voltijds tijdskrediet, een 1/2-tijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5;
  • vanaf de dag waarop u een eender welke bijkomende activiteit in loondienst aanvat;
  • vanaf de dag waarop u het aantal uren van uw vooraf bestaande bijkomende activiteit in loondienst die u mag cumuleren, uitbreidt;
  • vanaf de dag waarop u een niet toegelaten politiek mandaat uitoefent;
  • vanaf de dag waarop u een vergoede activiteit uitoefent in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking voor rekening van een erkende niet-gouvernementele organisatie voor ontwikkelingssamenwerking.

Wat is het gevolg van het verlies van het recht op uitkeringen voor uw tijdskrediet?

Algemene regel

In geval van verlies van het recht op uitkeringen, blijft u in tijdskrediet zonder uitkeringen bij uw werkgever.

Dit betekent dat de gevraagde periode van tijdskrediet verder loopt tot de oorspronkelijk aangevraagde einddatum. Deze periode van tijdskrediet zonder uitkeringen zal dus meegerekend worden voor het bepalen van de maximumduur van het tijdskrediet waarop u recht hebt tijdens uw volledige loopbaan.

Indien u het recht op uitkeringen verliest tijdens de periode tijdskrediet, kunt u eventueel, met de goedkeuring van uw werkgever, het tijdskrediet stopzetten en opnieuw aan het werk gaan volgens uw oorspronkelijk uurrooster. In dat geval moet u het RVA-kantoor waarvan u afhangt hiervan schriftelijk op de hoogte brengen.

Uitzondering

Indien u in tijdskrediet bent omwille van de motieven "zorgen voor zijn kind jonger dan 8 jaar", "palliatieve zorgen verstrekken", "bijstand of zorgen verlenen aan een zwaar ziek familielid tot de 2de graad of een zwaar ziek gezinslid" of "erkende opleiding", en u het recht op uitkeringen verliest omdat u een activiteit als loontrekkende of zelfstandige uitoefent waarmee geen cumulatie toegelaten is of indien u niet de nodige attesten aflevert aan de RVA om het bestaan van het motief te bewijzen, verliest u eveneens het recht op het tijdskrediet. Dat betekent dat de schorsing of de vermindering van prestaties bekomen bij de werkgever eindigt vanaf de dag waarop u uw uitkeringen verliest.

Wanneer worden uw uitkeringen teruggevorderd?

Alle onrechtmatig ontvangen uitkeringen worden teruggevorderd, onder meer:

  • wanneer uw effectieve periode van tijdskrediet met uitkeringen de minimumduur van 3 maanden niet bereikt in geval van voltijds of 1/2-tijds tijdskrediet en van 6 maanden in geval van tijdskrediet 1/5.

Wanneer u omwille van uitzonderlijke omstandigheden de vereiste minimumduur niet naleeft, kunt u een gemotiveerde aanvraag tot ontheffing indienen bij de directeur van uw RVA-kantoor, die deze overmaakt aan de administrateur-generaal. In dat geval kan de administrateur-generaal van de RVA verzaken aan de terugvordering van de uitkeringen, indien hij van mening is dat de ingeroepen omstandigheden uitzonderlijk zijn.

  • wanneer u het RVA-kantoor vooraf niet schriftelijk verwittigt dat u een activiteit als loontrekkende aanvat of het aantal uren van een vooraf bestaande bijkomende activiteit als loontrekkende verhoogt, dat u een zelfstandige activiteit uitoefent of een politiek mandaat, dat u een vergoede activiteit verricht in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking of dat u een pensioen geniet.

Welk bedrag wordt teruggevorderd?

De RVA vordert het brutobedrag van de uitkering terug, hoewel u het nettobedrag van deze uitkering hebt ontvangen.

Op uw belastingfiche wordt rekening gehouden met de terugbetaalde bedragen.

Worden de onderbrekingsuitkeringen betaald tijdens een periode van gevangenzetting?

Neen. De betaling van de onderbrekingsuitkeringen wordt geschorst tijdens een periode van gevangenzetting. Bijgevolg bent u verplicht, als u gevangengezet wordt tijdens een periode tijdens dewelke u onderbrekingsuitkeringen ontvangt, om dat schriftelijk te melden aan het RVA-kantoor, waarvan u afhangt. Als u onderbrekingsuitkeringen ontvangt terwijl u al opgesloten zit, dan moet u die terugbetalen.

Als de periode van opsluiting korter is dan die van uw onderbreking of uw vermindering van prestaties, moet u aan het RVA-kantoor een officieel document overmaken met daarop de datum waarop uw gevangenneming een einde neemt, zodat uw recht op onderbrekingsuitkeringen opnieuw kan worden geopend.

DEEL 3 - NUTTIGE INLICHTINGEN

Kunt u uw tijdskrediet vroegtijdig stopzetten?

JA, maar het gaat enkel om een mogelijkheid waarvoor het akkoord van de werkgever vereist is. Deze toestemming moet betrekking hebben op het principe en op de datum van de vroegtijdige beëindiging.

In geval van akkoord moet de werknemer het RVA-kantoor waar hij van afhangt vooraf schriftelijk op de hoogte brengen van de datum van het vroegtijdige einde van zijn tijdskrediet.

Bent u beschermd tegen ontslag tijdens uw tijdskrediet?

JA. De wetgeving voorziet een bescherming tegen ontslag. De wet wil u het gebruik van het recht op tijdskrediet garanderen en, in voorkomend geval, de mogelijkheid geven om het oorspronkelijke uurrooster van de betrekking waarin u uw prestaties hebt geschorst of verminderd, terug te krijgen.

Deze bescherming gaat in op de dag van het akkoord of, indien u gebruik maakt van een recht op tijdskrediet, op de dag van de schriftelijke kennisgeving aan de werkgever. Zij eindigt 3 maanden na de einddatum van het tijdskrediet.

Dankzij deze bescherming kan uw werkgever uw arbeidsovereenkomst niet éénzijdig opzeggen.. De bescherming is echter niet van toepassing indien het ontslag gerechtvaardigd wordt door een dringende of voldoende voldoende. Voor de toepassing van deze maatregel:

  • wordt beschouwd als dringende reden, elke zware fout die elke professionele samenwerking tussen de werkgever en de werknemer onmiddellijk en definitief onmogelijk maakt;
  • als voldoende reden geldt een door de rechter als zodanig erkende reden waarvan de aard en de oorzaak vreemd zijn aan de loopbaanonderbreking. Zo wordt het ontslag wegens conventioneel brugpensioen beschouwd als voldoende reden.

Wat gebeurt er indien de werkgever u ondanks de bescherming toch ontslaat?

Als de werkgever u ontslaat tijdens de beschermingsperiode om een andere reden dan een dwingende of een voldoende reden moet hij u een forfaitaire vergoeding betalen gelijk aan 6 maanden loon, bovenop de opzeggingsvergoeding (zie hierna).

Welke modaliteiten zijn van toepassing in geval van ontslag?

Los van de wettelijk bepaalde bescherming en van de eventuele betaling van de forfaitaire vergoeding geiljk aan 6 maanden loon, kan het gebeuren dat de werkgever u tijdens uw tijdskrediet ontslaat.

Indien de werkgever u een opzeggingstermijn betekent

In geval van voltijds tijdskrediet

De opzeggingstermijn mag pas beginnen lopen na afloop van het voltijds tijdskrediet. Dat betekent dat het voltijds tijdskrediet voortduurt tot aan de einddatum ervan en dat u de uitkeringen tijdskrediet verder blijft ontvangen.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5

Wanneer u wordt ontslagen met een opzeggingsperiode, blijft de arbeidsovereenkomst gedurende deze opzeggingsperiode voortbestaan. Dat betekent dat de werkgever u tijdens deze opzeggingstermijn betaalt op basis van uw deeltijdse prestaties en dat de RVA u de uitkeringen voor het tijdskrediet verder blijft betalen, in functie van de fractie van de verminderde prestaties.

Indien de werkgever uw overeenkomst verbreekt met betaling van een compenserende opzeggingsvergoeding

Als het ontslag wordt gegeven zonder dat een opzeggingstermijn betekend wordt of als de opzeggingstermijn niet volstaat, wordt de arbeidsovereenkomst onmiddellijk verbroken. In dat geval moet de werkgever u een vergoeding betalen, de verbrekingsvergoeding genoemd, gedurende een periode die ofwel gelijk is aan de duur van de opzeggingstermijn die u had moeten betekend worden, ofwel aan het verschil tussen de betekende termijn en de verschuldigde termijn.

Aangezien de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang wordt verbroken, houdt het tijdskrediet op en worden de uitkeringen van de RVA dus niet meer betaald vanaf de datum van die verbreking. U ontvangt echter een compenserende opzeggingsvergoeding.

In geval van voltijds tijdskrediet

De compenserende opzeggingsvergoeding wordt berekend op basis van het loon dat u had ontvangen indien u uw loopbaan niet volledig had onderbroken.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5

De compenserende opzeggingsvergoeding wordt berekend op basis van het deeltijdse loon dat verschuldigd is in het kader van de vermindering van prestaties tot een 1/2-tijdse betrekking of met 1/5.

Wat moet u doen indien uw werkgever u ontslaat tijdens het tijdskrediet?

U moet onmiddellijk het RVA-kantoor waarvan u afhangt schriftelijk op de hoogte brengen van de datum van de verbreking van uw arbeidsovereenkomst.

Recht op werkloosheidsuitkeringen

Na de periode gedekt door de opzeggingstermijn of de verbrekingsvergoeding, hebt u recht op werkloosheidsuitkeringen, berekend op basis van het loon waarop u recht had gehad indien u het tijdskrediet niet had aangevraagd.

wat is de invloed van de uitkeringen op uw belastingen?

De uitkering is belastbaar. Fiscaal gezien wordt zij beschouwd als een vervangingsinkomen.

Bedrijfsvoorheffing

Alle uitkeringen zijn sinds 01.01.2004 nderworpen aan een bedrijfsvoorheffing.

Door deze inhouding aan de bron daalt het nettobedrag van de uitkering tijdskrediet maar het voordeel daarvan is dat na de definitieve berekening van de belastingen minder moet bijbetaald worden.

In geval van voltijds tijdskrediet

De bedrijfsvoorheffing ingehouden op uw uitkering bedraagt 10,13 %.

In geval van 1/2-tijds tijdskrediet

Het percentage bedrijfsvoorheffing dat ingehouden wordt op uw uitkering bedraagt:

  • 17,15%, indien u alleenwonende bent, dit wil zeggen indien u alleen woont of indien u enkel samenwoont met één of meerdere kinderen waarvan er minstens één ten laste is van u en dit, ongeacht uw leeftijd;
  • 30%, indien u jonger bent dan 50 jaar en geen alleenwonende bent;
  • 35%, indien u jonger bent dan 50 jaar en geen alleenwonende bent.

In geval van tijdskrediet 1/5

Ongeacht uw leeftijd bedraagt de bedrijfsvoorheffing ingehouden op uw uitkering:

  • 35%, indien u geen alleenwonende bent;
  • 35% indien u alleenwonende bent en alleen woont;
  • 17,15% indien u alleenwonende bent en enkel samenwoont met één of meerdere kinderen waarvan er minstens één ten laste is van u en dit, ongeacht uw leeftijd.

Eventuele vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing

Indien u een Franse grensarbeider bent of een Franse fiscale inwoner met de Franse nationaliteit die een loon ontvangt van een Belgische openbare werkgever, kunt u vrijgesteld worden van de bedrijfsvoorheffing

Indien u hierover inlichtingen wenst, kunt u het infoblad raadplegen "Kunt u vrijgesteld worden van de bedrijfsvoorheffing ingehouden op de onderbrekingsuitkeringen?".

Loonfiche

Met de fiche 281.18, waarop het totaal van de ontvangen uitkeringen vermeld staat en, in voorkomend geval, het totaal van de bedrijfsvoorheffing ingehouden tijdens het belastingjaar kunt u uw belastingsaangifte invullen.

In geval van laattijdige betaling, zullen de ontvangen sommen vermeld staan op de fiche 281.18 van het jaar van de betaling.

Vanaf 2015 (inkomsten 2014) zal die fiche niet meer op papier worden verstuurd.
U kunt de fiche raadplegen in uw "eBox" (zie hierna) of via uw dossier "loopbaanonderbreking/tijdskrediet", alsook via "Tax-on-web/My Minfin".

Als u toch nog een papieren exemplaar van uw fiscale fiche wenst te ontvangen, dan kunt u dat vragen aan het RVA-kantoor dat bevoegd is voor uw woonplaats.

Wat is de "eBox"?

De "eBox" is de onlinedienst van de sociale zekerheid. Het is een persoonlijke en beveiligde mailbox waarmee elke burger op een gecentraliseerde manier officiële documenten kan ontvangen van de verschillende diensten van de sociale zekerheid, waaronder de RVA.

Uw "eBox" is beschikbaar op de website www.mysocialsecurity.be.. Om hem te activeren, moet u enkel uw e-mailadres meedelen. Vervolgens zult u per mail worden verwittigd zodra een mededeling beschikbaar is in uw "eBox". Om in te loggen en de documenten die beveiligd werden doorgestuurd te raadplegen, moet u zich enkel aanmelden met uw elektronische identiteitskaart (ook "eID" genoemd) of met een "burgertoken".

Bijkomende informatie

Voor alle bijkomende vragen over de invloed van de uitkeringen voor tijdskrediet op de berekening van uw belastingen, dient u zich te wenden tot uw belastingadministratie, die hiervoor bevoegd is.

U vindt de gegevens van de belastingsadministratie waarvan u afhangt in het telefoonboek of op de website van de Federale Overheidsdienst Financiën: www.minfin.fgov.be.

Welke invloed heeft het tijdskrediet op uw pensioen?

De periodes tijdskrediet kunnen enkel gelijkgesteld worden met prestaties, indien u uitkeringen ontvangt van de RVA.

Om de modaliteiten te kennen in verband met de gelijkstelling van het tijdskrediet voor uw pensioen, dient u zich te wenden tot de Federale Pensioendienst (FPD), die hiervoor bevoegd is.

FPD: Zuidertoren te 1060 BRUSSEL // Tel : 1765.

Hebt u recht op een aanmoedigingspremie?

In sommige gevallen en onder bepaalde voorwaarden, betaalt de Vlaamse Gemeenschap een aanmoedigingspremie bovenop de uitkering van de RVA.

U vindt alle nuttige informatie omtrent voormelde aanmoedigingspremies die toegekend worden door de Vlaamse Gemeenschap op de website van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap: www.werk.be.

Voor alle inlichtingen en voorwaarden kunt u gratis bellen naar het nummer van de Vlaamse Infolijn 1700 of contact opnemen via e-mail: aanmoedigingspremie@vlaanderen.be.

Bestaan er andere mogelijkheden om de loopbaan te onderbreken dan deze voorzien in het kader van het tijdskrediet?

JA. Naast de verschillende soorten tijdskrediet bestaan er 3 thematische verloven.

De thematische verloven zijn specifieke vormen van loopbaanonderbreking om te voldoen aan precieze behoeften. Die 3 thematische verloven zijn de volgende:

  • Het ouderschapsverlof. Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien voor de opvoeding van uw kinderen jonger dan 12 jaar (of jonger dan 21 jaar in geval van handicap).
  • Het verlof voor medische bijstand. Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien voor de zorg voor zwaar zieke leden van uw familie of uw gezin
  • Het palliatief verlof. Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien om een persoon met een ongeneeslijke ziekte die terminaal is, bij te staan.

Net zoals het tijdskrediet bieden deze 3 thematische verloven de mogelijkheid om uw arbeidsovereenkomst te schorsen of uw arbeidsprestaties te verminderen tot een 1/2-tijdse betrekking of met 1/5.

U vindt meer informatie over de thematische verloven in de infobladen die de RVA hierover heeft uitgegeven. Zij zijn beschikbaar op onze website, in de verschillende RVA-kantoren en bij de afdeling loopbaanonderbreking / tijdskrediet van het hoofdbestuur van de RVA.