Delen

Wijzigingen van het tijdskrediet “landingsbaan” voor de werknemers van de privésector

29-03-2017

1. Recht op verlof bij de werkgever

In toepassing van cao nr. 103 kan het recht op verlof in het kader van een tijdskrediet “landingsbaan” bij de werkgever vanaf 55 jaar worden verkregen indien op het ogenblik van de schriftelijke kennisgeving de betrokkene:

  • minstens 25 jaar beroepsloopbaan als loontrekkende heeft;
  • minstens 24 maanden anciënniteit heeft bij de werkgever;
  • tewerkgesteld is geweest tijdens de 24 voorgaande maanden:
    • voltijds tewerkgesteld is geweest in geval van vermindering met 1/5;
    • minstens 3/4-tijds tewerkgesteld is geweest in geval van halftijdse vermindering.

NB: bij wijze van uitzondering op dit principe kan de werknemer het recht verkrijgen vanaf 50 jaar indien hij aan één van de afwijkende voorwaarden voorzien in de cao nr. 103, voldoet (bv. in geval van vermindering met 1/5: de uitoefening van een zwaar beroep, 28 jaar beroepsverleden als loontrekkende indien de sectorale cao in die uitzondering voorziet ...)

Cao nr. 103ter tot wijziging van de cao nr. 103 preciseert de berekeningswijze voor de 25 jaar beroepsverleden als loontrekkende. Ieder kalenderjaar moet 312 arbeidsdagen in loondienst of gelijkgestelde dagen tellen. In totaal moeten de 25 jaar beroepsverleden dus 7800 arbeidsdagen in loondienst of gelijkgestelde dagen tellen. De bepalingen betreffende de berekening van de 25 jaar beroepsverleden zijn van toepassing op alle aanvragen en verlengingen van tijdskrediet “landingsbaan” die schriftelijk aan de werkgever werden meegedeeld vanaf 01.04.2017.

2.  Recht op onderbrekingsuitkeringen

Het koninklijk besluit betreffende het recht op onderbrekingsuitkeringen voorziet dat de werknemer die het recht op verlof in het kader van het tijdskrediet “landingsbaan” geniet, volgens de algemene regel vanaf 60 jaar kan worden vergoed.

Bij wijze van uitzondering op dit principe en overeenkomstig de bepalingen van de cao nr. 127 van 21.03.2017 tot vaststelling, voor 2017 en 2018, van het interprofessioneel kader voor de verlaging (…) van de leeftijdsgrens voor wat de toekenning van uitkeringen betreft voor een landingsbaan (…), kunnen de werknemers vanaf 55 jaar worden vergoed indien ze aan één van de volgende voorwaarden voldoen:

  • minstens 35 jaar beroepsverleden hebben als loontrekkende, in de zin van de reglementering van werkloosheid met bedrijfstoeslag;
  • minstens 25 jaar beroepsverleden hebben als loontrekkende, in de zin van cao nr. 103 en:
    • ofwel een zwaar beroep of een beroep met nachtprestaties hebben uitgeoefend tijdens het vereiste aantal jaren;
    • ofwel een beroep in de bouwsector hebben uitgeoefend en over een attest van de arbeidsgeneesheer beschikken dat de ongeschiktheid tot voortzetting van de beroepsactiviteit bevestigt;
    • ofwel tewerkgesteld zijn in een onderneming die erkend is als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering;

Opgelet!  Om de uitkeringen van de RVA vanaf 55 jaar te kunnen ontvangen in toepassing van één van de uitzonderingsvoorwaarden, is het absoluut nodig dat een sectorale cao de toepassing van de bepalingen van cao nr. 127 mogelijk maakt. In geval van tewerkstelling in een onderneming die erkend is als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering, moet een ondernemings-cao de toepassing van de bepaling van cao nr. 127 mogelijk maken.

Opmerking

De werknemers van 55 of 56 jaar die al een aanvraag voor een tijdskrediet “landingsbaan” met een ingangsdatum vanaf 01.01.2017 bij de RVA hebben ingediend en die het recht zonder uitkeringen hebben verkregen, want de kader-cao en de sectorale cao betreffende de verlaging van de leeftijdsgrens van 55 jaar waren nog niet afgesloten, kunnen een regularisatie van hun dossier vragen. 

Met die regularisatie zullen ze onderbrekingsuitkeringen kunnen ontvangen met terugwerkende kracht vanaf 01.01.2017 voor zover aan alle toekenningsvoorwaarden wordt voldaan. Daarvoor moeten ze een naar behoren ingevuld en ondertekend, nieuw formulier C61 - tijdskrediet landingsbanen – CAO 103 indienen bij het RVA-kantoor van het ambtsgebied van hun woonplaats (of bij het kantoor waarvan hun Belgische werkgever afhangt, indien ze in het buitenland gedomicilieerd zijn).

Een RVA-kantoor zoeken