Nieuwsbrief FSO nr. 85 – Cumulatie tussen de vergoeding wegens ontslag om discriminerende redenen en de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag
Inhoud van deze pagina
Juridische vraag
Is het mogelijk om een vergoeding wegens ontslag om discriminerende redenen en een vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag te cumuleren?
Standpunt FSO
Overeenkomstig artikel 9, § 2, van de cao nr. 109 is de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag enkel cumuleerbaar met vier andere vergoedingen, waaronder geen vergoeding wegens ontslag een discriminerende reden valt (wet van 10.05.2007). Op basis van deze bepaling kan het FSO niet gelijktijdig tussenkomen voor beide vergoedingen.
Motivering
Arbeidsrechtbank Henegouwen, afdeling La Louvière (9de kamer), 23 mei 2025, AR nr. 24/722/A
Feiten
Een werkneemster had bij het FSO een aanvraagformulier F1 ingediend op basis van een bij verstek uitgesproken vonnis van de arbeidsrechtbank op 24.11.2023. Ze vorderde een forfaitaire burgerlijke boete, een vergoeding wegens ontslag om een discriminerende reden (gezondheidstoestand) en een vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag.
Het FSO vervult zijn opdracht op grond van een wettelijke verplichting. Het betaalt daarbij niet de schulden van een derde (de werkgever), maar treedt op in eigen naam en voor eigen rekening. Om die reden verifieert het FSO of de vergoedingen die op het aanvraagformulier F1 zijn vermeld, ook daadwerkelijk verschuldigd zijn. In dit dossier stelde het FSO vast dat er twee vergoedingen waren aangevraagd die niet cumuleerbaar zijn. Aangezien het vonnis kracht van gewijsde had, tekende het FSO derdenverzet aan tegen dit vonnis.
Het FSO betwist niet de vordering van de betrokkene tot betaling van de burgerlijke boete voorzien in artikel 7 van cao nr. 109, noch de vordering tot betaling van de vergoeding voorzien in artikel 18, § 2, van de wet van 10.05.2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie.
Het FSO betwist daarentegen wel gehouden te zijn tot betaling van de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, voorzien in artikel 9, § 2, van cao nr. 109.
De meerderheid van de rechtspraak baseert zich op de letterlijke bewoording zoals voorzien in artikel 9, §3 van de cao nr. 109 waarin staat enkel toe dat de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag wordt gecumuleerd met vier andere vergoedingen, waaronder geen vergoeding wegens ontslag om discriminerende redenen valt (wet van 10.05.2007).
Daarnaast wordt verwezen naar het feit dat een slachtoffer niet tweemaal voor dezelfde schade kan worden vergoed. Wat betreft de vergoeding wegens ontslag om discriminerende redenen en de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, oordeelt de meerderheidsstroming dat beide schadevergoedingen gebaseerd zijn op (de onwettigheid van) de reden(en) voor het ontslag. Bovendien wordt in beide gevallen hetzelfde doel nagestreefd, zijnde de bestraffing van de onvoorzichtige en onzorgvuldige werkgever.
Beslissing van de rechtbank
De arbeidsrechtbank oordeelde dat de tekst van artikel 9 van de cao nr. 109 duidelijk en uitvoerig geformuleerd is, en dat die verbiedt om de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag te cumuleren met 'enig welke andere' vergoeding die is verschuldigd door de werkgever 'naar aanleiding van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst', met uitzondering van de vier volgende vergoedingen: de opzeggingsvergoeding, de vergoeding in het kader van het niet-concurrentiebeding, de uitwinningsvergoeding en de vergoeding die wordt toegekend ter aanvulling van de sociale uitkeringen.
De rechtbank verduidelijkt dat de vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag zijn grondslag vindt in de redenen voor het ontslag, inclusief de redelijkheid en de rechtmatigheid ervan, en dat de vergoeding wegens ontslag om discriminerende redenen ook zijn grondslag vindt in de redenen voor het ontslag. De twee vergoedingen hebben hetzelfde doel, namelijk het bestraffen van de fout van de werkgever die een werknemer om een onwettige reden heeft ontslagen en het vergoeden van die werknemer.
De rechtbank besluit dat de werknemer over een keuze beschikt tussen de twee vergoedingen en niet over een mogelijkheid om die te cumuleren. Het vonnis van 24.11.2023 waarin de werkgever werd veroordeeld tot het betalen van een vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, werd vernietigd ten aanzien van het FSO.
Conclusie
Die beslissing bevestigt het standpunt van het FSO en bevestigt dat twee deze vergoedingen voor dezelfde schade niet cumuleerbaar zijn. De vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag is niet cumuleerbaar met een vergoeding wegens ontslag om discriminerende redenen.
