U bent hier

Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening 

Voor meer inlichtingen, gelieve contact op te nemen met uw RVA-kantoor. De adressen kunt u vinden in het telefoonboek of op de site : www.rva.be

De tijdelijke individuele vermindering van de arbeidsprestaties door de Brexit

Infoblad

E72

Laatste update
22-03-2021

Inleiding

De wet van 6 maart 2020 tot behoud van tewerkstelling na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie voorziet 3 maatregelen om werkverlies bij werkgevers te vermijden, die wegens de aard van hun activiteiten getroffen worden door de gevolgen van de Brexit.

Die maatregelen kunnen gelijktijdig worden toegepast. Ze zorgen ervoor dat het tewerkstellingsvolume tijdelijk kan afnemen om de loonkosten voor de werkgever te doen dalen, maar dat het loonverlies voor de betrokken werknemers wel beperkt blijft.

Het gaat om de volgende maatregelen:

  • een specifiek systeem van tijdelijke werkloosheid wegens economische oorzaken voor arbeiders en een specifiek systeem van tijdelijke werkloosheid wegens economische oorzaken voor bedienden;
  • een tijdelijke individuele vermindering van de arbeidsprestaties;
  • een tijdelijke collectieve vermindering van de arbeidsprestaties.

Die maatregelen mogen alleen worden gebruikt als de werkgever door de minister van Werk erkend is als werkgever in moeilijkheden als gevolg van de Brexit en enkel tijdens de periode van de erkenning.

De maatregelen gaan in op 22.03.2021 en lopen tot en met 21.03.2022.

Dit infoblad gaat enkel over de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties.

Wat is de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit?

De werkgever die met economische moeilijkheden te kampen heeft door de Brexit kan aan elke voltijds of 3/4 van een voltijdse tewerkgestelde werknemer voorstellen om zijn arbeidsprestaties te verminderen met 1/5 of tot 1/2 voor een periode die niet korter mag zijn dan 1 maand en niet langer dan zes maanden.

Tijdens deze periode van vermindering van prestaties ontvangt de werknemer een maandelijkse uitkering van de RVA als vervangingsinkomen om het inkomensverlies te beperken.

Wat is de wettelijke basis van de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit?

De wet van 6 maart 2020 tot behoud van tewerkstelling na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie en het KB van 31 januari 2021 tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding en buitenwerkingtreding van de titels 1 en 2 van de wet van 6 maart 2020 tot behoud van tewerkstelling na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie.

Wat is de geldigheidsduur van de wetgeving voor de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit?

Deze maatregel is van toepassing van 22.03.2021 tot en met 21.03.2022.

Aan welke voorwaarden moet de onderneming voldoen?

De tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit is van toepassing op de werkgevers die voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • de werkgever moet vallen onder de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités.
    Het betreft:
    • de werknemers van de privésector in de strikte zin (nv, bvba, vzw enz.);
    • het personeel van de vrije universiteiten (ULB, KUL, enz.);
    • de werknemers van gemengde ondernemingen;
    • de niet-gesubsidieerde contractuele personeelsleden van het vrij onderwijs;
    • de werknemers van de gemengde intercommunales voor gas- en elektriciteitsvoorziening;
    • de werknemers van gewestelijke en plaatselijke openbare vervoersmaatschappijen = tram, bus en metro (MIVB, TEC, De Lijn);
    • de contractuele personeelsleden tewerkgesteld in een buitenlandse ambassade, een buitenlands consulaat, een diplomatieke missie of een missie bij een internationale instelling met zetel in België;
    • enz.
  • De werkgever moet zijn gebonden door een sectorale collectieve arbeidsovereenkomst of een ondernemings-cao.
  • De werkgever moet in economische moeilijkheden verkeren ten gevolge van de Brexit.
  • De werkgever moet erkend zijn door de minister van Werk als zijnde een werkgever die wordt getroffen door een daling van ten minste 5% van de omzet, van de productie of van het aantal bestellingen als gevolg van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie.

De onderneming moet een gemotiveerde aanvraag tot erkenning als werkgever in moeilijkheden indienen bij de bevoegde dienst van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. Het is de minister van Werk die de eindbeslissing neemt om al dan niet een erkenning toe te kennen.

Wat zijn de voorziene prestatieverminderingen?

De werkgever in economische moeilijkheden kan aan elke voltijds of 3/4 van een voltijdse tewerkgestelde werknemer voorstellen om zijn arbeidsprestaties te verminderen.

Het is mogelijk om:

  • de prestaties te verminderen met 1/5 (de werknemer moet voltijds zijn tewerkgesteld);
  • of om de prestaties te verminderen tot een halftijdse (de werknemer moet minstens 3/4 van een voltijdse in de onderneming zijn tewerkgesteld).

Wie neemt het initiatief tot de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit?

Het is de werkgever die erkend is als in moeilijkheden die aan zijn werknemers die voldoen aan de tewerkstellingsvoorwaarden kan voorstellen om hun prestaties te verminderen in het kader van de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties.

Is de werknemer verplicht om het voorstel van de werkgever te aanvaarden?

Nee. De werknemer is niet verplicht om het voorstel van zijn werkgever te aanvaarden.

Gaat de werknemer akkoord om zijn prestaties te verminderen in het kader van de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties? Dan moet de overeenkomst die dat akkoord vastlegt schriftelijk worden opgemaakt. Die overeenkomst kan worden hernieuwd voor zover ze de maximumperiode van 6 maanden niet overschrijdt.

NB Voor meer informatie over de wet van 03.07.1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, kunt u zich wenden tot de algemene directie Individuele Arbeidsbetrekkingen van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg https://werk.belgie.be/nl

Hoelang kan men aanspraak maken op de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit?

De tijdelijke individuele vermindering van de prestaties is van toepassing vanaf 22.03.2021 tot en met 21.03.2022.

De overeengekomen periode moet wel volledig gesitueerd zijn binnen de periode van erkenning als werkgever in economische moeilijkheden door de Brexit.

Wat is de minimum- en de maximumduur?

De werknemer kan aanvragen indienen van minimum 1 maand en van maximum 6 maanden die al dan niet opeenvolgend zijn. De overeengekomen periode moet wel volledig gesitueerd zijn binnen de periode van erkenning als werkgever die in economische moeilijkheden verkeert als gevolg van de Brexit.

Wordt de periode van tijdelijke individuele vermindering van de prestaties in aanmerking genomen voor de berekening van de maximumperiode van tijdskrediet?

Nee, de periodes die worden verkregen in het kader van een tijdelijke individuele vermindering van de prestaties worden niet afgetrokken van de maximumperiode waarop de werknemer recht heeft in het kader van tijdskrediet.

Wat zijn de uitkeringen tijdens de periode van de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties?

De RVA betaalt een onderbrekingsuitkering om het loonverlies van de werknemer te compenseren.

Die uitkering is forfaitair. Ze varieert niet in functie van het loon.

De bedragen zijn de bedragen voorzien voor een volledige maand. Als de prestatievermindering geen volledige maand dekt, dan zal de uitkering worden berekend naar rato van het aantal gedekte dagen door de prestatievermindering.

De onderbrekingsuitkeringen zijn dezelfde als die voor tijdskrediet met motief en tijdskrediet landingsbaan. De uitkeringen verschillen dus naargelang de leeftijd, anciënniteit en gezinstoestand.

Het bedrag van de uitkeringen staat in de rubriek Barema's (Bedragen) – Loopbaanonderbreking – Tijdskrediet | Documentatie | RVA

Hoe de uitkering verkrijgen die is verbonden aan de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties?

Werd er schriftelijk in onderling akkoord overeengekomen dat uw werknemer de arbeidsprestaties vermindert in het kader van de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties? Dan moet een aanvraagformulier worden ingediend bij de RVA.

Welk formulier moet worden gebruikt?

Het gaat om het formulier C61 – Tijdelijke individuele vermindering van de arbeidsprestaties als gevolg van de Brexit. Dat formulier is beschikbaar op https://www.rva.be/nl.

Naar waar moet dat formulier worden opgestuurd?

Wanneer de werknemer het formulier naar behoren heeft ingevuld en ondertekend, moet u uw deel invullen en ondertekenen. Het formulier moet naar het kantoor van de RVA waarvan de werknemer afhangt worden opgestuurd.

Hoe moet dat formulier worden opgestuurd?

Het formulier moet aangetekend worden verstuurd. Het RVA-kantoor aanvaardt echter gewone zendingen, maar bij betwisting ligt de bewijslast van de verzending van de aanvraag bij de werknemer.

Binnen welke termijn moet het formulier worden opgestuurd?

Het correct ingevulde en ondertekende formulier moet het bevoegde RVA-kantoor bereiken ten laatste binnen een termijn van 2 maanden die volgt op de begindatum van de tijdelijke individuele vermindering van de arbeidsprestaties.

Wat gebeurt er als het formulier te laat wordt opgestuurd?

Als het formulier bij de RVA aankomt na de termijn van 2 maanden die volgt op de begindatum van de tijdelijke individuele vermindering van de arbeidsprestaties, wordt het recht op uitkeringen pas geopend vanaf de ontvangstdatum van het formulier.

Wat bij ontslag van de werknemer tijdens de tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit?

Stel: u maakt een einde aan een arbeidsovereenkomst door een opzeggingsvergoeding te betalen, in toepassing van artikel 39 van de wet van 03.07.1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten tijdens tijdelijke individuele vermindering van de prestaties door de Brexit. Dan zal de werknemer recht hebben op een vergoeding die gelijk is aan het loon waarop de werknemer recht zou hebben gehad als hij de arbeidsprestaties niet zou hebben verminderd.

Top