Follow us on twitter

U bent hier

Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening 

Voor meer inlichtingen, gelieve contact op te nemen met uw RVA-kantoor. De adressen kunt u vinden in het telefoonboek of op de site : www.rva.be

Delen

Tijdskrediet met motief

Infoblad

T160

Laatste update
01-08-2019

Wat is tijdskrediet met motief?

Het tijdskrediet kadert in de reglementering op de loopbaanonderbreking. Het is enkel van toepassing voor de werknemers tewerkgesteld bij een werkgever van de privésector.

Dankzij het tijdskrediet met motief kunt u tijdelijk uw prestaties onderbreken of ze verminderen voor één van de redenen voorzien in de reglementering (zie hierna).

Om het tijdskrediet te bekomen, moet u voldoen aan verschillende toegangsvoorwaarden bij uw werkgever. Als u aan die voorwaarden en aan die inzake de toekenning van onderbrekingsuitkeringen voldoet, kunt u gedurende het tijdskrediet maandelijks een vervangingsinkomen genieten. Die onderbrekingsuitkeringen worden door de RVA (Rijkdienst voor arbeidsvoorziening) betaald.

Op wie is de inhoud van dit infoblad van toepassing?

Recht op tijdskrediet bij de werkgever

De inlichtingen vervat in dit infoblad zijn gebaseerd op de reglementering die van kracht is vanaf 01.04.2017.

Die reglementering schaft het recht op tijdskrediet zonder motief af en wijzigt het recht op tijdskrediet met motief, zoals in dit infoblad wordt uitgelegd. Ze is van toepassing op alle eerste aanvragen en op alle aanvragen tot verlenging waarvoor u uw werkgever schriftelijk hebt verwittigd van uw wens om tijdskrediet met motief te bekomen, vanaf 01.04.2017.

Wanneer u uw werkgever, vóór 01.04.2017, schriftelijk hebt verwittigd een tijdskrediet met of zonder motief te willen aanvragen of verlengen, zijn de oude bepalingen van toepassing. Om deze te kennen, moet u zich wenden naar het contactcenter van de RVA, op het nummer 02.515.44.44 (uniek telefoonnummer voor heel België), om te vragen om u het juiste infoblad en aanvraagformulier over te maken.

Recht op onderbrekingsuitkeringen

De inlichtingen vervat in dit infoblad zijn gebaseerd op de reglementering die van kracht is vanaf 01.04.2017.

Die reglementering brengt het recht op tijdskrediet dat kan worden bekomen bij de werkgever en het recht op uitkeringen dat kan worden bekomen bij de RVA in overeenstemming. Dankzij die bepalingen, heeft de RVA de mogelijkheid om u een uitkering toe te kennen gedurende de volledige periode van tijdskrediet bekomen bij uw werkgever.

Die bepalingen zijn van toepassing op alle eerste aanvragen en op alle aanvragen tot verlenging waarvoor u de werkgever schriftelijk hebt verwittigd van uw wens om tijdskrediet met motief te bekomen, vanaf 01.06.2017.

Wanneer u uw werkgever, vóór 01.06.2017, schriftelijk hebt verwittigd een tijdskrediet met of zonder motief te willen aanvragen of verlengen, zijn de oude bepalingen van toepassing. Om deze te kennen, moet u zich wenden naar het contactcenter van de RVA, op het nummer 02.515.44.44 (uniek telefoonnummer voor heel België), om te vragen om u het juiste infoblad en aanvraagformulier over te maken.

Wat dient te worden verstaan onder eerste aanvraag of aanvraag tot verlenging?

Zowel op het vlak van het recht bij de werkgever als op het vlak van het recht op onderbrekingsuitkeringen moet voor de toepassing van die bepalingen het volgende worden verstaan:

  • onder eerste aanvraag: alle aanvragen van werknemers die voor de eerste keer tijdskrediet aanvragen en alle aanvragen die geen verlenging betreffen (zie hierna);
  • onder verlenging: alle aanvragen van de werknemers die een vernieuwing vragen, van datum tot datum, van een periode van tijdskrediet die is beëindigd. Om als verlenging te worden beschouwd moet de hernieuwde periode aangevraagd worden in dezelfde regeling van tijdskrediet (dat wil zeggen met motief) en in dezelfde vorm van onderbreking (dat wil zeggen voltijds, halftijds of met een vijfde).

Wat is de wettelijke basis van het tijdskrediet?

Het recht op tijdskrediet bij de werkgever (toegangsvoorwaarden, organisatieregels, aanvraagprocedure, mogelijkheid tot uitstel, …) wordt vastgelegd in de collectieve arbeidsovereenkomst (afgekort cao) nr. 103, zoals gewijzigd door de cao nr. 103ter geldig vanaf 01.04.2017.

Het recht op onderbrekingsuitkeringen die tijdens het tijdskrediet kunnen worden toegekend door de RVA (toegangsvoorwaarden, regels inzake woonplaats, cumulatieregels, aanvraagprocedure ...) wordt vastgelegd in het koninklijk besluit van 12.12.2001, zoals gewijzigd door het koninklijk besluit van 23.05.2017 in werking op 01.06.2017.

Bijkomende informatie?

Wenst u meer informatie over het toepassingsgebied en de wettelijke basis van het tijdskrediet, raadpleeg dan het infoblad T139.

Welke motieven voorziet de reglementering?

Er bestaan 6 vormen van tijdskrediet met motief. Ze worden opgesplitst in 2 categorieën. De vormen van tijdskrediet om te "zorgen" voor een derde en het tijdskrediet om "een opleiding te volgen".

1. "Zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar"

Dat motief van tijdskrediet is voorzien om te zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar.In het kader van dat motief, moet het begrip "zorg" immers niet in de medische zin van het woord worden begrepen.

Om het tijdskrediet voor dit motief te bekomen, moet er een ouderlijke verwantschap zijn met het kind voor wie dit tijdskrediet wordt gevraagd. Concreet kunt u tijdskrediet voor dat motief verkrijgen als u:

  • de biologische moeder of vader bent van het kind;
  • de persoon bent die het kind heeft erkend waardoor de afstamming langs vaderszijde komt vast te staan;
  • de echtgenote of de partner bent van de biologische moeder van het kind van wie u meemoeder bent geworden;

NB: Als de echtgenote of de partner van de biologische moeder van het kind in een lesbisch koppel – als de biologische vader van het kind het niet erkend heeft – bewijst dat ze wordt beschouwd als meemoeder dan kan zij ook aanspraak maken op het tijdskrediet voor dat motief. De bewijzen die moeten worden voorgelegd, worden vernoemd onder de vraag “Hoe vraagt u het tijdskrediet aan uw werkgever?”.

  • het kind heeft geadopteerd.

Om overigens het tijdskrediet met dit motief te rechtvaardigen moet de aanvangsdatum ervan gelegen zijn vóór de 8ste verjaardag van het kind.  Indien het om een geadopteerd kind gaat, mag het tijdskrediet beginnen vanaf de inschrijving in het bevolkingsregister of het vreemdelingenregister van de gemeente waar u woont.

NB:  Dit motief voor het aanvragen van tijdskrediet mag niet worden verward met het ouderschapsverlof dat een thematisch verlof is (zie de vraag van de FAQ over dit onderwerp en het infoblad T19, beschikbaar op onze website).

2. "Palliatieve zorgen verlenen"

Dat motief van tijdskrediet kan worden verkregen om palliatieve zorgen te verstrekken aan iemand die lijdt aan een ongeneeslijke ziekte en terminaal is. Die palliatieve zorgen beogen het instaan voor de globale begeleiding van de patiënt op het einde van zijn leven, zowel op het vlak van het omgaan met de fysieke symptomen en de pijn als een psychologische of geestelijke ondersteuning of een administratieve of familiale bijstand.

NB: Dit motief voor tijdskrediet mag niet worden verward met het palliatief verlof dat een thematisch verlof is (zie infoblad T20, dat u vindt op onze website).

3. "Zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid"

Dat motief voor tijdskrediet kan worden bekomen om te zorgen voor een familie- of gezinslid dat zwaar ziek is of dat lijdt aan een ernstig gezondheidsprobleem.

Om het tijdskrediet voor dit motief te kunnen rechtvaardigen, moet de geneesheer van het zwaar zieke gezins- of familielid van mening zijn dat naast de eventuele professionele hulp die betrokkene krijgt, de volledige of gedeeltelijke onderbreking van uw prestaties nodig is inzake verzorging, voor het herstel van de patiënt.

In dat kader wordt beschouwd als 'zware ziekte', elke ziekte of medische ingreep die de behandelend geneesheer van de patiënt als dusdanig beoordeelt.

Onder "zorgen" moet men elke vorm van medische of sociale, familiale of mentale/morele bijstand verstaan die helpt bij het herstel van het zwaar zieke gezins- of familielid.

De zorgen of de bijstand kunnen worden verstrekt:

  • aan de leden van uw gezin, d.w.z. de personen die onder uw dak wonen (daarvoor hoeft er geen familieverband te zijn);
  • aan de leden van uw familie tot de 2de graad, d.w.z.:
    • uw vader, uw moeder, uw kinderen (1ste graad);
    • uw grootouders, uw kleinkinderen, uw broers en zussen (2de graad).
  • aan de leden van uw aangetrouwde familie (via het huwelijk), tot aan de 1ste graad, dat wil zeggen:
    • aan de ouders (vader en/of moeder) van uw echtgenoot/echtgenote;
    • aan de nieuwe echtgenoot/echtgenote van uw vader en/of moeder (in geval van nieuwe verbintenis);
    • aan de echtgenoot/echtgenote van uw kinderen;
    • aan uw stiefkinderen (kinderen van uw echtgenoot/echtgenote of van uw partner met wie u wettelijk samenwoont).
  • aan de vader en/of moeder en/of de kideren van uw partner met wie u wettelijk samenwoont.

NB: dit motief om tijdskrediet mag niet worden verward met het (thematisch) verlof voor medische bijstand (zie vraag in FAQ en infoblad T18, dat u vindt op onze website en in de RVA-kantoren).

4. "Zorgen voor uw gehandicapte kind dat jonger is dan 21 jaar"

Om het tijdskrediet met dit motief te kunnen rechtvaardigen:

  • moet uw kind een fysieke of mentale ongeschiktheid vertonen van ten minste 66% of een aandoening die voor gevolg heeft dat er minstens 4 punten worden toegekend in pijler I van de medisch-sociale schaal, in de zin van de reglementering op de kinderbijslag;
  • moet de periode waarvoor het tijdskrediet wordt aangevraagd of verlengd ingaan vóór de 21ste verjaardag van het kind.

NB: dit motief om tijdskrediet aan te vragen mag niet worden verward met het (thematisch) verlof voor medische bijstand of het ouderschapsverlof (zie de infobladen T18 en T19), noch met het motief voor tijdskrediet "een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad bijstaan".

5.  "Bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin"

Om het tijdskrediet met dit motief te kunnen rechtvaardigen:

  • moet de ernst van het gezondheidsprobleem als dusdanig erkend zijn door de geneesheer van het betrokken kind;
  • moet de periode waarvoor het tijdskrediet wordt aangevraagd of verlengd ingaan vóór het kind meerderjarig wordt (dit wil zeggen 18 jaar wordt);
  • moet het zwaar zieke kind, indien dat niet uw eigen kind is, om beschouwd te worden als een gezinslid, ingeschreven zijn als met u samenwonend in het bevolkingsregister van de gemeente waar u woont, dit wil zeggen, het moet onder uw dak wonen.

Dit motief om tijdskrediet aan te vragen, mag niet verward worden met het (thematisch) verlof voor medische bijstand of het ouderschapsverlof (zie de infobladen T18 en T19), noch met het motief voor tijdskrediet "een zwaar ziek gezins- of familielid tot de 2de graad bijstaan".

6. Een erkende opleiding volgen

Dit motief voor tijdskrediet kan worden bekomen als u studies wil aanvangen of voortzetten. Er is geen lijst van opleidingen bepaald door de reglementering. Bijgevolg, ongeacht het type studies (bekomen van een universitair diploma, van een diploma hogere niet-universitaire studies, talencursus, cursus informatica, enz.) kan het tijdskrediet voor dit motief worden bekomen, voor zover de opleiding:

  • erkend is door een van de drie Belgische gemeenschappen (Franse, Vlaamse of Duitstalige) of door de sector;
  • minstens 360 lesuren of 27 studiepunten per jaar of 120 lesuren of 9 studiepunten per schooltrimester of per ononderbroken periode van 3 maanden omvat;

Bovendien kan dit motief ook worden bekomen als u onderwijs wenst te volgen verstrekt in een centrum voor basiseducatie of een opleiding gericht op het behalen van een diploma of getuigschrift van het secundair onderwijs, waarbij de grens wordt vastgesteld op 300 uur per jaar of 100 uur per schooltrimester of per ononderbroken periode  van 3 maanden.

Opgelet:
Indien u het tijdskrediet aanvraagt omwille van het motief opleiding moet u uw werkgever en de RVA op het einde van elk kwartaal binnen 20 kalenderdagen een attest bezorgen van het regelmatig bijwonen van de opleiding. Indien u dit attest van het regelmatig bijwonen van de opleiding niet verstrekt, worden het tijdskrediet en de bijbehorende uitkeringen u het volgende kwartaal niet toegekend.

Welke zijn de mogelijke vormen van onderbreking?

Ongeacht uw leeftijd, voorziet het tijdskrediet met motief 3 vormen van onderbreking: voltijds, halftijds of met een vijfde.

1. Het voltijds tijdskrediet

Het betreft een volledige onderbreking die u de mogelijkheid biedt om de totaliteit van uw prestaties te onderbreken zodat u het werk tijdelijk kunt stopzetten.

U kunt een voltijds tijdskrediet aanvragen, ongeacht uw arbeidsregime (voltijds of deeltijds).

Voorbeelden:

  • indien u voltijds tewerkgesteld bent in het kader van een arbeidsovereenkomst van 38 uur per week, kunt u uw 38 uur per week volledig schorsen;
  • indien u deeltijds tewerkgesteld bent in het kader van een arbeidsovereenkomst van 19 uur per week, terwijl de voltijdse arbeidsduur in uw bedrijf 38 uur is, kunt u uw prestaties 19 uur per week volledig schorsen.

2. Het halftijds tijdskrediet

Het betreft een gedeeltelijke onderbreking die u de mogelijkheid biedt om uw prestaties te verminderen om halftijds verder te werken,  dit wil zeggen ten belope van 50% van het voltijdse uurrooster dat bij uw werkgever is vastgelegd.

Let op! U kunt enkel gebruik maken van het halftijds tijdskrediet indien u ten minste 3/4 tewerkgesteld bent bij de werkgever bij wie u uw prestaties wenst te verminderen.

Voorbeelden: het voltijdse uurrooster bij uw werkgever bedraagt 38 uur per week.

  • Indien u voltijds werkt, biedt het halftijds tijdskrediet u de mogelijkheid om uw prestaties te verminderen tot 19 uur per week;
  • Indien u deeltijds werkt in een arbeidsregime van 32 uur per week, kunt u, omdat uw betrekking meer dan 3/4 is (28,5 uur per week), een halftijds tijdskrediet krijgen en uw prestaties verminderen tot 19 uur per week;
  • Indien u deeltijds werkt in een arbeidsregime van 25 uur per week, kunt u, omdat uw betrekking minder dan 3/4 is (28,5 uur per week), geenhalftijds tijdskrediet krijgen en uw prestaties verminderen tot 19 uur per week.

Organisatie van de halftijdse arbeid

Het halftijdse arbeidsregime dat voortvloeit uit het tijdskrediet moet overeengekomen worden in overleg met uw werkgever en schriftelijk vastgesteld worden in een aanhangsel van de arbeidsovereenkomst. Als het arbeidsreglement het voorziet, moet het stelsel van halftijdse arbeid ten minste een stelsel zijn dat is voorzien in de onderneming.

3. Het tijdskrediet met een vijfde

Het betreft een deeltijdse onderbreking die u de mogelijkheid biedt om uw wekelijks uurrooster tijdelijk te verminderen met 1 dag of 2 halve dagen per week, zodat u verder kunt blijven werken aan 80% van de voltijdse arbeidsduur in de onderneming.

Het tijdskrediet met een vijfde is enkel toegankelijk indien u voltijds bent tewerkgesteld. Dit voltijdse arbeidsregime moet verdeeld zijn over 5 dagen of meer.

Voorbeelden: het voltijdse uurrooster in de onderneming bedraagt 38 uur per week.

  • Indien u voltijds werkt in een regime van 38 uur verdeeld over 5 dagen per week, kunt u tijdskrediet 1/5 krijgen.
  • Indien u voltijds werkt in een regime van 38 uur verdeeld over 4 dagen per week, kunt u geen tijdskrediet 1/5 krijgen.
  • Indien u deeltijds werkt in een regime van 32 uur verdeeld over 5 dagen per week, kunt u geen tijdskrediet 1/5 krijgen.

Organisatie van de 4/5 arbeid

De algemene regel die geldt voor het tijdskrediet 1/5 is een vermindering van het voltijdse wekelijkse uurrooster met 1 dag of met 2 halve dagen.

Het is echter mogelijk een andere 4/5 arbeidsorganisatie vast te leggen voor een periode van maximum 12 maanden.  Deze mogelijkheid moet voorzien zijn in een collectieve arbeidsovereenkomst van de sector of van de onderneming.  Indien er in de onderneming geen syndicale afvaardiging is, dan moet deze mogelijkheid voorzien zijn in het arbeidsreglement en op voorwaarde dat hierover een schriftelijk wederzijds akkoord wordt gesloten met de werkgever.

Voorbeelden: het voltijdse uurrooster van de onderneming bedraagt 38 uur, verdeeld over 5 dagen per week, van maandag tot vrijdag.

  • Indien u voltijds werkt, kunt u met het tijdskrediet 1/5 uw prestaties verminderen met een dag per week, bijvoorbeeld de vrijdag.
  • Indien u voltijds werkt, kunt u met het tijdskrediet 1/5 uw prestaties verminderen met twee halve dagen per week, bijvoorbeeld de woensdagnamiddag en de vrijdagnamiddag.
  • Indien u voltijds werkt en indien deze mogelijkheid is voorzien, kunt u uw uurrooster verminderen en nog 4/5 van het aantal uren van uw voltijdse betrekking presteren (30,4 uur per week), ongeacht hoe deze uren gespreid zijn.

Wanneer het 4/5 arbeidsrooster in onderling overleg met de werkgever is overeengekomen, moet het schriftelijk worden vastgelegd in een aanhangsel van de arbeidsovereenkomst.

Is het mogelijk om tijdskrediet met motief te bekomen in geval van tewerkstelling bij 2 verschillende werkgevers?

Ja. In geval van tewerkstelling bij twee verschillende werkgevers mag u:

  • ofwel uw prestaties volledig onderbreken bij 1 van uw 2 werkgevers of bij de beide werkgevers;
  • uw prestaties gedeeltelijk onderbreken:
    • tot halftijds, voor zover de globale tewerkstelling bij uw 2 werkgevers ten minste gelijk is aan een 3/4de tewerkstelling;
    • met een vijfde, voor zover de globale tewerkstelling bij uw 2 werkgevers ten minste gelijk is aan een voltijdse tewerkstelling, verdeeld over ten minste 5 dagen per week.

In geval van halftijdse of 1/5de onderbreking kan tijdskrediet worden aangevraagd:

  • ofwel bij 1 van de 2 werkgevers;
  • ofwel verhoudingsgewijs bij elk van de 2 werkgevers, op voorwaarde dat het begin en de duur van de 2 prestatieverminderingen identiek zijn en ze samen een halftijdse vermindering of een vermindering met 1/5 vormen.

Om te bepalen hoe de vermindering van de prestaties moet gebeuren, moet rekening worden gehouden met de voltijdse arbeidsduur bij de werkgever bij wie de aanvraag is gebeurd.

Opgelet:
Om het tijdskrediet te kunnen bekomen in één van die hypotheses, is het akkoord van de werkgever bij wie de aanvraag is gebeurd, onontbeerlijk. M.a.w. dit is geen recht. Dit betekent dat de werkgever de toekenning van het door u gevraagde tijdskrediet kan weigeren, zelfs als u aan alle hierna opgesomde toegangsvoorwaarden voldoet.

Consulteer het infoblad T163 voor meer informatie over dit onderwerp.

Wat zijn de toegangsvoorwaarden om een tijdskrediet te bekomen?

Om het tijdskrediet te kunnen bekomen moet u verplicht cumulatief voldoen aan de hierna opgesomde voorwaarden.

Anciënniteitsvoorwaarde

Op de datum van de schriftelijke kennisgeving overgemaakt aan uw werkgever, moet u minstens 24 maanden anciënniteit hebben in de onderneming.

Onder anciënniteit wordt verstaan het verbonden zijn door een arbeidsovereenkomst bij de werkgever bij wie u het tijdskrediet aanvraagt.

NB: om de procedure van schriftelijke kennisgeving te kennen die aan uw werkgever moet worden overgemaakt (vormen en termijn) raadpleeg infoblad T159.

Uitzondering

Indien u het tijdskrediet met motief aanvraagt onmiddellijk nadat u uw recht op ouderschapsverlof voor alle rechthebbende kinderen hebt uitgeput, moet u niet voldoen aan de voorwaarde om 2 jaar anciënniteit te hebben bij de werkgever.  Voor de toepassing van deze uitzondering is het absoluut noodzakelijk:

  • indien u meerdere kinderen hebt in de leeftijdsvoorwaarde voor het ouderschapsverlof (dit wil zeggen jonger dan 12 jaar of jonger dan 21 jaar in geval van fysieke of mentale ongeschiktheid van minstens 66%), dat u het ouderschapsverlof hebt genomen voor al uw kinderen;
  • dat u de maximumduur van het ouderschapsverlof met betaling van uitkeringen hebt uitgeput, dit wil zeggen:
    • indien uw kind is geboren of geadopteerd vanaf 08.03.2012:
      • ofwel 4 maanden volledige onderbreking;
      • ofwel 8 maanden vermindering van prestaties tot een halftijdse betrekking;
      • ofwel 20 maanden vermindering van prestaties met 1/5;
      • ofwel een combinatie van de 3 vormen van ouderschapsverlof tot 4 maanden voltijds equivalent;
    • indien uw kind geboren of geadopteerd is vóór 08.03.2012:
      • ofwel 3 maanden volledige onderbreking;
      • ofwel 6 maanden vermindering van prestaties tot een halftijdse betrekking;
      • ofwel 15 maanden vermindering van prestaties met 1/5;
      • ofwel een combinatie van de 3 vormen van ouderschapsverlof tot 3 maanden voltijds equivalent;
  • dat het tijdskrediet, van datum tot datum, volgt op het ouderschapsverlof.

Tewerkstellingsvoorwaarden

Enkel in geval van aanvraag van halftijds tijdskrediet of van 1/5 tijdskrediet, moet u ook voldoen aan een tewerkstellingsvoorwaarde gedurende de 12 maanden voorafgaand aan de schriftelijke kennisgeving overgemaakt aan de werkgever.

  • In geval van halftijds tijdskrediet moet u minstens 3/4 gewerkt hebben.
  • In geval van tijdskrediet 1/5 moet u voltijds gewerkt hebben.

Indien u niet in het vereiste arbeidsregime hebt gewerkt gedurende de 12 maanden vóór de schriftelijke kennisgeving, kunnen sommige periodes van afwezigheid of van deeltijdse tewerkstelling gelijkgesteld worden met prestaties of geneutraliseerd worden.  Voor meer informatie hierover kunt u terecht bij uw werkgever.

NB: om de procedure van schriftelijke kennisgeving te kennen die aan uw werkgever moet worden overgemaakt (vormen en termijn), raadpleeg infoblad T159.

Bijzondere voorwaarden

Noodzaak van een cao in geval van voltijds of halftijds tijdskrediet

Een collectieve arbeidsovereenkomst (cao) op sectoraal of ondernemingsniveau moet verplicht worden afgesloten om een voltijds of halftijds tijdskrediet te bekomen omwille van de volgende motieven:

  • “zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar”;
  • “palliatieve zorgen verlenen”;
  • “zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid”;
  • “een erkende opleiding volgen”.

Dat betekent dat het recht op voltijds of halftijds tijdskrediet voor die motieven enkel kan worden bekomen in de ondernemingen waar een dergelijke overeenkomst wordt afgesloten! 

U moet dus navragen bij uw werkgever, of de vakbonden en de werkgevers een cao hebben gesloten die de toegang tot het voltijdse of het halftijdse tijdskrediet omwille van deze motieven toelaat.

NB: indien een sectorale of ondernemings-cao werd afgesloten vóór  01.09.2012, in het kader van de cao nr. 77bis, om het recht op voltijds  of halftijds tijdskrediet uit te breiden tot meer dan een jaar, laat die  cao toe dat het bijkomend recht op voltijds of halftijds tijdskrediet kan worden bekomen voor de voormelde motieven zonder dat dat het maximum van 36 of 51 maanden mag overschrijden.

Opmerking betreffende het tijdskrediet van een vijfde

Om toegang te krijgen tot het tijdskrediet 1/5 omwille van de voormelde redenen is er geen sectorale of ondernemings-cao nodig.  Het kan dus bekomen worden bij alle werkgevers.

Verbod om een loontrekkende of zelfstandige activiteit te beginnen of uit te breiden

Indien u een tijdskrediet aanvraagt voor één van de hieronder vermelde motieven, is het u verboden om een loontrekkende nevenactiviteit of een nevenactiviteit als zelfstandige te beginnen. Als u die activiteit al uitoefende en de cumulatie ervan met de onderbrekingsuitkeringen werd toegestaan, is het u verboden om het aantal uren van die activiteit uit te breiden tijdens het tijdskrediet voor de onderstaande motieven.

Deze motieven zijn de volgende:

  • “zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar”;
  • “palliatieve zorgen verlenen”;
  • “zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid”;
  • “een erkende opleiding volgen”.

Als u die regel niet naleeft, verliest u het recht op het tijdskrediet en op de daarbijhorende onderbrekingsuitkeringen vanaf de begindatum van de verboden activiteit of vanaf de uitbreiding van de activiteit.

NB: u vindt de regels in verband met de cumulatie van een activiteit als loontrekkende of als zelfstandige met onderbrekingsuitkeringen na de vraag "Is het mogelijk een activiteit uit te oefenen tijdens het tijdskrediet?"

Voor welke duur kunt u het tijdskrediet met motief bekomen?

Maximumduur

U beschikt over een maximumduur van tijdskrediet met motief over uw hele loopbaan. Die duur wordt uitgedrukt in kalendermaanden. Dat betekent dat ze niet varieert in functie van de aangevraagde vorm van onderbreking (voltijds, halftijds of met 1/5).

Let op! De maximumduur kan variëren in functie van het motief.

Die duur bedraagt maximum 51 maanden voor alle motieven 'zorgen', d.w.z. de motieven:

  • “zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar”;
  • “palliatieve zorgen verlenen”;
  • “zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid”;
  • “zorgen voor uw gehandicapte kind dat jonger is dan 21 jaar”;
  • “bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin”.

Voor het motief “een erkende opleiding volgen”, is de maximumduur beperkt tot 36 maanden.

Worden de maximale duurtijden samengeteld?

Neen. De maximumduur van 51 maanden voor de motieven “zorgen” en die van 36 maanden voor het motief “een erkende opleiding volgen” worden niet samengeteld.

Voorbeeld: u vraagt tijdskrediet voor het motief 'zorgen voor uw gehandicapt kind dat jonger is dan 21 jaar' gedurende 51 maanden. Indien u daarna een aanvraag indient met motief 'erkende opleiding', hebt u geen recht op het tijdskrediet gedurende 36 extra maanden met dit motief. 

Kan de maximumduur voor elk motief worden verkregen?

Neen. Ongeacht het motief waarvoor het tijdskrediet wordt aangevraagd, kan het niet vernieuwd worden wanneer de maximumduur van 51 of 36 maanden is uitgeput.

Voorbeelden:

  • Indien u 2 kinderen hebt die jonger zijn dan 8 jaar, beschikt u geen 2 keer over 51 maanden tijdskrediet met motief “zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar”;
  • Als u de 51 maanden tijdskrediet voor het motief “zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar” heeft uitgeput, kunt u niet opnieuw 51 maanden tijdskrediet voor het motief “zorgen voor zijn zwaar ziek minderjarig kind bekomen”.

Eventuele beperking van de duur van het voltijds of halftijds tijdskrediet

Een sectorale of ondernemings-cao is nodig om een voltijdse of gedeeltelijke halftijdse onderbreking te bekomen voor de volgende tijdskredieten:

  • “zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar”;
  • “palliatieve zorgen verlenen”;
  • “zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid”;
  • “een erkende opleiding volgen”.

In geval van aanvraag om voltijds of halftijds tijdskrediet voor een van die motieven, is de maximumduur waar de werknemer aanspraak kan op maken vastgelegd in de sectorale of ondernemings-cao die van toepassing is, zonder de 51 of 36 maanden, voorzien volgens de algemene regel, te overschrijden.  

Bijgevolg kan de maximumduur, in functie van de akkoorden afgesloten door de sociale partners in de toepasselijke cao, minder bedragen dan 51 maanden voor de motieven 'zorgen' of minder dan 36 maanden voor het motief 'erkende opleiding'.

Voorbeeld: u bent tewerkgesteld in een onderneming waarvan het sectoraal paritair comité een cao heeft afgesloten die, voor die motieven, een maximumduur van voltijds of halftijds tijdskrediet van maximum 24 maanden voorziet voor de werknemers met minder dan 5 jaar anciënniteit en maximum 36 maanden voor de werknemers met 5 jaar of meer anciënniteit. In dat geval kunt u geen 51 maanden voltijds of halftijds tijdskrediet bekomen met het motief "zorgen", maar enkel de maximumduur voorzien in functie van uw anciënniteit bij de werkgever.

Om de maximumduur te kennen waarop u aanspraak kunt maken, moet u zich wenden tot uw werkgever.

Duur per aanvraag

Opmerking: Indien u uw loopbaan wenst te onderbreken met volledige maanden, dan moet u een periode aanvragen die loopt van datum tot de dag voor datum. Bijvoorbeeld: 3 maanden van 1 maart tot en met 31 mei (en niet tot 1 juni) of 10 maanden van 15 mei tot en met 14 maart van het jaar dat volgt (en niet tot 15 maart).

Zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar

  • In geval van voltijds of halftijds tijdskrediet is de minimumduur per aanvraag 3 maanden;
  • In geval van tijdskrediet 1/5 is de minimumduur per aanvraag 6 maanden.

De minimumduur van 3 maanden of van 6 maanden moet gerespecteerd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet met dit motief, ook in geval van verlenging.

Palliatieve zorgen verlenen

Per patiënt die palliatieve zorgen nodig heeft kunt u slechts een periode van 1 maand bekomen, verlengbaar met 1 bijkomende maand.

Indien later andere personen terminaal zijn en palliatieve zorg nodig hebben, kunt u opnieuw tijdskrediet met dit motief bekomen voor een duur van 1 maand per patiënt, verlengbaar met 1 maand, tot u de hierboven vermelde maximumduur bereikt.

Zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid

U kunt het tijdskrediet omwille van dit motief bekomen per periode van minimum 1 tot maximum 3 maanden per aanvraag. 

Ongeacht of het om dezelfde of om een andere patiënt gaat, kan het tijdskrediet omwille van dit motief vernieuwd worden, als dan niet op ononderbroken wijze, tot de hierboven vermelde maximumduur bereikt wordt.

Zorgen voor uw gehandicapte kind dat jonger is dan 21 jaar

  • In geval van voltijds of halftijds tijdskrediet is de minimumduur per aanvraag 3 maanden;
  • In geval van tijdskrediet 1/5 is de minimumduur per aanvraag 6 maanden.

De minimumduur van 3 maanden of van 6 maanden moet gerespecteerd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet met dit motief, ook in geval van verlenging.

Bijstand of zorg verlenen aan uw zwaar ziek minderjarig kind of aan een zwaar ziek minderjarig kind dat deel uitmaakt van uw gezin

U kunt het tijdskrediet omwille van dit motief bekomen per periode van minimum 1 tot maximum 3 maanden per aanvraag. 

Het tijdskrediet omwille van dit motief kan al dan niet op ononderbroken wijze verlengd worden, tot de hierboven vermelde maximumduur bereikt wordt.

Een erkende opleiding volgen

  • In geval van voltijds of halftijds tijdskrediet is de minimumduur per aanvraag 3 maanden;
  • In geval van tijdskrediet 1/5 is de minimumduur per aanvraag 6 maanden.

De minimumduur van 3 maanden of van 6 maanden moet gerespecteerd worden bij elke aanvraag om tijdskrediet met dit motief, ook in geval van verlenging.

Bovendien moet de duur van de aanvraag beperkt zijn tot de duur van de opleiding.

Voorbeeld: indien de opleiding 9 maanden duurt, mag u het tijdskrediet met dit motief niet aanvragen voor meer dan 9 maanden.

Wat met het eventuele saldo?

Indien u het tijdskrediet aanvraagt omwille van verschillende motieven en indien het resterende saldo van de maximumduur van 51 of 36 maanden lager is dan de minimumduur voorzien per aanvraag kan dit saldo toch nog bekomen worden.

Worden de in het verleden opgenomen periodes afgetrokken van de maximumduur van het tijdskrediet met motief?

Ja. Alle periodes van tijdskrediet en loopbaanonderbreking moeten worden afgetrokken van de maximumduur van het tijdskrediet met motief.

De eerste 12 maanden voltijds equivalent van het tijdskrediet zonder motief of loopbaanonderbreking worden echter niet aangerekend op de maximumduur van het tijdskrediet met motief. Als u meer dan 12 maanden voltijds equivalent hebt gekregen van het tijdskrediet zonder motief of loopbaanonderbreking, wordt de overschot proportioneel afgetrokken van de maximumduur van het tijdskrediet met motief.

Als u reeds periodes van tijdskrediet met motief hebt bekomen, worden die in kalendermaanden in mindering gebracht op de maximumduur waarop u aanspraak kunt maken.

Voorbeelden:

  • U hebt al tijdskrediet van 1/5 zonder motief bekomen van 01.01.2011 tot  31.12.2015 en u hebt nog geen tijdskrediet met motief bekomen. De 60 maanden 1/5 tijdskrediet zonder motief komen overeen met 12 maanden voltijds. Bijgevolg wordt die periode zonder motief niet afgetrokken van de maximumduur van het tijdskrediet met motief waarop u aanspraak kan maken.
  • U hebt al 12 maanden voltijds tijdskrediet zonder motief bekomen van 01.01.2015 tot 31.12.2015 en 12 maanden voltijds tijdskrediet met motief 'zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar' van 01.01.2016 tot 31.12.2016. De 12 maanden voltijds tijdskrediet zonder motief worden niet afgetrokken van de maximumduur van tijdskrediet met motief. Daarentegen worden de al bekomen 12 maanden met motief afgetrokken van de maximumduur van 51 maanden tijdskrediet met motief 'zorgen' en 36 maanden met motief 'erkende opleiding'. Volgens het gevraagde motief zou u bijgevolg nog recht hebben op maximum 39 maanden tijdskrediet met motief 'zorgen' of op 24 maanden tijdskrediet met motief 'erkende opleiding'.

Worden de in het verleden opgenomen thematische verloven afgetrokken van de maximumduur van het tijdskrediet met motief?

Neen. De periodes die u bekomen hebt in het kader van een verlof (ouderschapsverlof, verlof voor medische bijstand of palliatief verlof) moeten nooit afgetrokken worden van de maximumduur van het tijdskrediet met of zonder motief.

Voorbeeld: u hebt voltijds ouderschapsverlof bekomen van 4 maanden van 01.01.2017 tot 30.04.2017. Deze periode wordt niet in mindering gebracht van de maximumduur van het tijdskrediet met motief. Bijgevolg kunt u de 51 maanden tijdskrediet met motief 'zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar' bekomen.

Hoe kan u weten welke de duur van het tijdskrediet met motief is waarop u nog aanspraak kan maken?

Met de onlinetoepassing van de RVA kan u het 'krediet' berekenen waarop u nog aanspraak kan maken. Volgens uw keuze en in functie van de periodes die u al voordien hebt genoten, kunt u de duur van het tijdskrediet kennen (maar ook dat van het ouderschapsverlof, van het verlof voor medische bijstand en van het palliatief verlof), waarop u nog aanspraak kunt maken. Daartoe dient u de vragen te beantwoorden die u door de toepassing zullen worden gesteld. In functie van uw antwoorden zal het systeem de berekening doen en u het resultaat geven voor het type onderbreking van uw keuze.

U kan deze toepassing online terugvinden in de rubriek 'burger' van de portaalsite van de sociale zekerheid. Er is ook meer informatie beschikbaar in de rubriek 'Online services' van die site.

Is het tijdskrediet met motief een recht?

Indien uw werkgever hoogstens 10 werknemers tewerkstelt

In dit geval is het tijdskrediet geen recht. Het gaat enkel om een mogelijkheid waarvoor het akkoord van de werkgever vereist is.  Dit akkoord moet gaan over het principe van het tijdskrediet, de vorm, de aanvangsdatum en de duur.

Met andere woorden, zelfs indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden bij de werkgever en als u uw aanvraag kunt rechtvaardigen door één van de motieven van tijdskrediet, kan hij u het gevraagde tijdskrediet toekennen of weigeren.

Indien uw werkgever meer dan 10 werknemers tewerkstelt

Als aan de toegangsvoorwaarden voorzien bij de werkgever is voldaan en als u uw aanvraag kunt rechtvaardigen door één van de motieven van tijdskrediet, dan gaat het om een recht. Binnen de onderneming is de toegang tot de verschillende vormen van tijdskrediet evenwel beperkt tot een quotum van gelijktijdige afwezigheden.

Quotum van de gelijktijdige afwezigheden

Volgens de algemene regel is het recht op tijdskrediet beperkt tot 5 % van het personeel van de onderneming.  Deze beperking tot 5% kan eventueel gewijzigd worden door een sectorale of ondernemings-cao, of zelfs door het arbeidsreglement.

Van zodra het quotum van de gelijktijdige afwezigheden bereikt is, voorziet de wetgeving een mechanisme om de gelijktijdige afwezigheden te beperken.  Dat betekent dat de aanvang van het tijdskrediet zal uitgesteld worden tot er opnieuw een plaats vrijkomt.

Voorbeeld: volgens de algemene regel kunnen enkel 5 werknemers (5%) in een onderneming met 100 werknemers, gelijktijdig tijdskrediet met motief of halftijds tijdskrediet bekomen in het landingsbaanstelsel. Als een zesde werknemer van die onderneming een van die vormen van tijdskrediet aanvraagt, zal de werkgever het mechanisme van de planning van de afwezigheden moeten toepassen en bijgevolg hem moeten laten wachten tot er een plaats vrijkomt in het quotum.

Uitsluiting van het recht door een cao voor sommige werknemerscategorieën

Ongeacht het aantal werknemers tewerkgesteld in de onderneming, kunnen sommige personeelscategorieën worden uitgesloten van het recht op de verschillende soorten tijdskrediet d.m.v. een collectieve arbeidsovereenkomst op sector- of ondernemingsniveau.  Indien zij voldoen aan de toegangsvoorwaarden, kunnen zij echter het tijdskrediet bekomen, op voorwaarde dat de werkgever akkoord gaat.

Voorbeeld: de ondernemings-cao bepaalt dat de leidinggevende personeelsleden uitgesloten kunnen worden van het recht op het tijdskrediet.  Indien een van de leidinggevende personeelsleden een tijdskrediet aanvraagt, kan de werkgever het dan ook weigeren overeenkomstig de cao, of het toekennen indien de toegangsvoorwaarden vervuld zijn.

Aanvraag van tijdskrediet in geval van tewerkstelling bij 2 werkgevers

Ongeacht het aantal bij de werkgever tewerkgestelde werknemers, om het tijdskrediet te kunnen bekomen wanneer men tewerkgesteld is bij twee verschillende werkgevers,  is het akkoord van de werkgever, bij wie de aanvraag is gebeurd onontbeerlijk

In die hypothese betekent dit dat het tijdskrediet geen recht is en dat, zelfs al is voldaan aan de voorwaarden inzake anciënniteit en tewerkstelling en als het motief kan worden aangetoond.

In geval van gedeeltelijke onderbreking (halftijds of met een vijfde) verhoudingsgewijs aangevraagd bij de 2 werkgevers, moet bovendien elk van de werkgevers zijn akkoord geven. De respectievelijke akkoorden van de 2 werkgevers moeten betrekking hebben op het principe van de gevraagde vermindering, de ingangsdatum en de duur.

Consulteer het infoblad T163 voor meer informatie over dit onderwerp.

Wie moet bepalen of u recht hebt op het tijdskrediet?

Het is uw werkgever die moet bepalen of u voldoet aan de toegangsvoorwaarden en zo ja, of u recht hebt op het gevraagde tijdskrediet.

Voor meer informatie hierover dient u contact op te nemen met uw werkgever.

Kan de werkgever de aanvangsdatum van het tijdskrediet uitstellen?

Ja.  Als er meer dan 10 werknemers zijn en er nog plaats is in het quotum van de gelijktijdige afwezigheden (zie hoger) kan de werkgever de ingangsdatum van uw tijdskrediet uitstellen in 2 hypotheses.

1. Uitstel om ernstige interne of externe redenen

Ernstige interne of externe redenen zijn onder meer organisatorische behoeften, de continuïteit van het werk en de reële mogelijkheden tot vervanging.  De ondernemingsraad kan die redenen verduidelijken.

In geval van uitstel omwille van ernstige interne of externe redenen, moet het recht op tijdskrediet ingaan uiterlijk 6 maanden te rekenen vanaf  de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest.  De werkgever kan evenwel andere modaliteiten overeenkomen met u.

2. Uitstel van het tijdskrediet 1/5 van de werknemers van 55 jaar of ouder

Indien u minstens 55 jaar bent en een tijdskrediet 1/5 aanvraagt, is het quotum van de gelijktijdige afwezigheden niet van toepassing (zie hoger).

Om de continuïteit van de arbeidsorganisatie niet in het gedrang te brengen, kan de werkgever in dat geval het recht op het tijdskrediet 1/5 uitstellen, indien u een sleutelfunctie uitoefent.  Het begrip sleutelfunctie kan worden verduidelijkt door een sectorale of ondernemings-cao of, indien er geen vakbondsafvaardiging is, door middel van het arbeidsreglement.

Voorbeeld: uw rol in de onderneming is zo belangrijk dat uw afwezigheid de organisatie van de arbeid in het gedrag zou brengen, en er kan voor deze afwezigheid geen enkele oplossing gevonden worden via de overplaatsing van personeel of interne mutaties.

In geval van uitstel om deze reden moet het recht op tijdskrediet 1/5 ingaan na uiterlijk 12 maanden te rekenen vanaf  de dag waarop het zou zijn ingegaan als er geen uitstel was geweest.  De werkgever kan evenwel andere modaliteiten overeenkomen met u.

Mogen de verschillende redenen voor uitstel gebruikt worden voor een zelfde aanvraag om tijdskrediet?

De termijn van het uitstel omwille van ernstige interne of externe redenen en de termijn voorzien wanneer het quotum van de gelijktijdige afwezigheden is bereikt of overschreden, mogen niet gebruikt worden voor een zelfde aanvraag om tijdskrediet (zie de vraag "is het tijdskrediet een recht?").

Het specifieke uitstel van 12 maanden voor de werknemers van 55 jaar of ouder die een sleutelfunctie uitoefenen en het uitstel van 6 maanden omwille van ernstige interne of externe redenen, komen trouwens tegelijkertijd voor, zonder te kunnen worden opgeteld.

Hoe vraagt u het tijdskrediet aan uw werkgever?

Telkens wanneer u tijdskrediet (of een verlenging ervan) aanvraagt, u moet uw werkgever verplicht schriftelijk op de hoogte brengen van het feit dat u een tijdskrediet wil bekomen.

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Wat zullen uw inkomsten zijn gedurende het tijdskrediet?

Indien u een voltijds tijdskrediet aanvraagt, betaalt de werkgever u geen loon tijdens de periode waarin u uw prestaties schorst, aangezien u niet meer voor hem werkt.

Vraagt u een halftijds tijdskrediet of een tijdskrediet 1/5, dan wordt u door uw werkgever betaald op basis van uw deeltijdse prestaties, dit wil zeggen, naargelang het geval, halftijds of 4/5. Om het bedrag te kennen van uw halftijdse of 4/5 loon, dient u zich te wenden tot uw werkgever.

In voorkomend geval kunt u tijdens uw voltijds tijdskrediet, uw halftijds tijdskrediet of uw tijdskrediet 1/5, als vervangingsinkomen, een maandelijkse uitkering krijgen van de RVA (zie deel 2 van dit infoblad).

Recht op onderbrekingsuitkeringen tijdens het tijdskrediet

U kunt van de RVA maandelijkse onderbrekingsuitkeringen ontvangen tijdens het tijdskrediet met motief, maar dan moet u voldoen aan de toekenningsvoorwaarden bepaald in de reglementering (zie hierna).

Wat zijn de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen?

Om de onderbrekingsuitkeringen te bekomen, moet u vooraf bij de werkgever voldoen aan de toegangsvoorwaarden voor het tijdskrediet met motief, dat wil zeggen, de anciënniteitsvoorwaarde en, in geval van vermindering van prestaties, de tewerkstellingsvoorwaarde.  U moet ook het bestaan van het motief bewijzen.

Naast deze voorwaarden:

  • mag u geen activiteit en/of een inkomen hebben waarmee cumulatie verboden is (zie hierna);
  • moet u in België wonen of in een ander land van de Europese Economische Ruimte of in Zwitserland (zie hierna);
  • moet u per aanvraag de vastgelegde minimumduur van het tijdskrediet respecteren, dit wil zeggen, naargelang het geval, 1, 3 of 6 maanden (zie hierna).

Wat gebeurt er indien u de toekenningsvoorwaarden voor de uitkeringen niet vervult?

Indien u voldoet aan de toegangsvoorwaarden om het tijdskrediet te bekomen bij uw werkgever (anciënniteit, tewerkstelling, bewijs van motief), maar de RVA u de uitkeringen weigert toe te kennen omwille van een verboden cumul of omdat u niet woonachtig bent in een van de landen voorzien in de reglementering, bent u in tijdskrediet zonder uitkeringen.

Met andere woorden, de schorsing of de vermindering van prestaties tot een halftijdse betrekking of met 1/5, toegekend door uw werkgever, zal verderlopen tot de gevraagde einddatum, maar zonder dat de RVA uitkeringen betaalt.  In dit geval:

  • hebt u in geval van voltijds tijdskrediet geen enkel inkomen en geen enkele sociale dekking;
  • hebt u in geval van halftijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5, enkel recht op het loon van uw werkgever en de sociale dekking op basis van uw deeltijds arbeidsregime. 

Indien u niet in tijdskrediet zonder uitkeringen wil blijven, moet u het voortijdig stopzetten, mits de toestemming van uw werkgever. Deze toestemming moet betrekking hebben op het principe en op de datum van de vroegtijdige beëindiging.  Indien u deze toestemming krijgt, moet u het RVA-kantoor waarvan u afhangt, schriftelijk op de hoogte brengen. Daartoe kunt u de 'aangifte van wijziging van gegevens …' gebruiken, waarvan u het model kunt downloaden op de site.

Opgelet: In geval van tijdskrediet met motief "zorgen voor zijn kind(eren) jonger dan 8 jaar", "palliatieve zorgen verstrekken", "bijstand of zorgen verstrekken aan een zwaar ziek familielid of gezinslid" of "een erkende opleiding volgen", als een loontrekkende of zelfstandige activiteit aanvat of indien u een al bestaande loontrekkende activiteit uitbreidt waarvoor de cumul werd toegestaan, verliest u het recht op de uitkeringen en het recht op tijdskrediet bij uw werkgever.

Kunt u uitkeringen ontvangen gedurende de volledige periode van tijdskrediet toegestaan door de werkgever?

Ja. Als u de werkgever schriftelijk hebt verwittigd van uw wens om tijdskrediet met motief te bekomen vanaf 01.06.2017, is de maximumduur van toekenning van de onderbrekingsuitkeringen gelijk aan de maximumduur van het recht op tijdskrediet met motief 'zorgen' of 'opleiding" die kan worden bekomen in uw onderneming.    

Welke zijn de bedragen van de onderbrekingsuitkeringen?

De uitkeringen zijn forfaitair. Hun bedrag varieert niet in functie van uw loon. Toch kunnen bepaalde criteria dit bedrag beïnvloeden, te weten: 

  • de gekozen vorm van tijdskrediet (voltijds tijdskrediet, halftijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5);
  • in geval van volledige onderbreking of halftijdse gedeeltelijke onderbreking wordt het bedrag van de uitkering vermeerderd als u meer dan 5 jaar anciënniteit hebt bij de werkgever;
  • in geval van volledige onderbreking of gedeeltelijke halftijdse onderbreking gekregen op basis van een deeltijdse betrekking, wordt de uitkering berekend in verhouding tot de tewerkstellingsbreuk;

Voorbeeld: indien u 4/5 werkt, ontvangt u voor een voltijds of een halftijds tijdskrediet 4/5 van het uitkeringsbedrag voorzien voor de voltijdse werknemers.

  • wanneer het tijdskrediet geen volle maand duur, wordt een proportioneel gedeelte van het uitkeringsbedrag toegekend op basis van het aantal dagen gedekt door het tijdskrediet;

Voorbeeld: u vraagt een voltijds tijdskrediet van 3 maanden van 18 januari tot 17 april

    • Voor de maand januari ontvangt u een proportie van het uitkeringsbedrag gelijk aan de periode tussen 18 en 31 januari;
    • Voor de maand april ontvangt u een proportie van het uitkeringsbedrag gelijk aan de periode tussen 1 en 17 april.
  • bij een aanvraag om tijdskrediet 1/5, variëren de uitkeringen naargelang u samenwonend of alleenwonend bent. Voor de toepassing van deze bepaling wordt u in 2 gevallen beschouwd als alleenwonende werknemer:
    • indien u alleen woont.  In dat geval geniet u een verhoogde uitkering;
    • indien u enkel samenwoont met één of meerdere kinderen van wie u er minstens één ten laste hebt. In dat geval geniet u een verhoogde uitkering, waarop een lagere bedrijfsvoorheffing geldt.

De uitkering is onderworpen aan de bedrijfsvoorheffing.  Dat betekent dat de ontvangen maandelijkse uitkering een netto-uitkering is, waarvan de bedrijfsvoorheffing reeds is afgetrokken.

NB: voor meer informatie over het fiscale aspect en ondermeer over percentage van de voorheffing die ingehouden wordt op de uitkeringen voor tijdskrediet, zie de vraag: "wat is de invloed van de uitkeringen op uw belastingen?"

Om de bedragen van de onderbrekingsuitkeringen te kennen: zie 'Barema's'.

Waar moet u wonen om de uitkeringen te bekomen?

Om de uitkeringen te bekomen moet u gedurende heel de periode van het tijdskrediet:

  • in België;
  • of in een ander land van de Europese economische ruimte (EER), dit wil zeggen de 27 landen van de Europese Unie + Noorwegen, IJsland en Liechtenstein;
  • of in Zwitserland wonen.

Uitzondering

Indien u uw echtgeno(o)t(e) of uw wettelijk samenwonende volgt die tijdelijk en beroepshalve voor rekening van zijn/haar werkgever naar een land vertrekt buiten de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, dan mag u voor de duur van deze opdracht daar gedomicilieerd zijn.

NB: voor de toepassing van deze bepaling wordt onder "wettelijke samenwoning" verstaan de samenlevingsvorm van 2 personen (ongeacht de aard van de verhouding en het geslacht) die een verklaring van wettelijke samenwoning hebben afgelegd bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeenschappelijke woonplaats.

Om deze uitzondering te kunnen genieten, moet u een attest van de werkgever van uw echtgeno(o)t(e) of van de werkgever van uw wettelijk samenwonende toevoegen, waaruit blijkt dat de professionele opdracht die hij of zij buiten Europa verricht voor zijn of haar werkgever niet vereist dat u zich definitief in het buitenland vestigt.

Als u uw wettelijk samenwonende volgt, moet u eveneens een bewijs van wettelijke samenwoning voegen bij uw uitkeringsaanvraag.

Waar mogen de onderbrekingsuitkeringen betaald worden?

De betaling van de onderbrekingsuitkeringen kan verricht worden per circulaire cheque of  bankoverschrijving. In het geval van een bankoverschrijving, kan de betaling verricht worden op een financiële rekening in:

  • in België;
  • een land dat behoort tot de gemeenschappelijke betalingsruimte voor de euro, of SEPA ( = Single Euro Payments Area).

NB: het gaat om de volgende landen: Frankrijk, Guadeloupe, Martinique, Frans Guyana, LaRéunion, Oostenrijk, Bulgarije, Zwitserland, Cyprus, Tsjechische Republiek, Duitsland, Denemarken, Estland, Spanje (met inbegrip van de Canarische Eilanden, Ceuta & Melilla), Finland, Verenigd Koninkrijk (met inbegrip van Gibraltar en Noord-Ierland), Griekenland, Hongarije, Ierland, IJsland, Italië, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Letland, Malta, Noorwegen, Polen, Portugal (met inbegrip van de Azoren en Madeira), Roemenië, Zweden, Slovenië, Nederland.

Met welke inkomsten of activiteiten kan je de onderbrekingsuitkeringen cumuleren?

Raadpleeg het infoblad T1 inzake cumulatie op www.rva.be.

Wat is de aanvraagprocedure bij de RVA?

U moet enkel een aanvraag indienen bij de RVA indien de werkgever u het tijdskrediet heeft toegekend. De procedure moet gevolgd worden voor elke aanvraag (eerste aanvraag, verlenging of nieuwe aanvraag).

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Wat gebeurt er indien de werkgever of een sectoraal fonds u een aanvullende vergoeding betaalt, boven op de uitkering van de RVA?

In sommige gevallen kan de werkgever of een sectoraal fonds u een aanvullende vergoeding betalen boven op de uitkering toegekend door de RVA (indien een sectorale of ondernemings-cao dit bepaalt of door een individuele overeenkomst met de werkgever).

In dat geval moet u, enkel in geval van voltijds of halftijds tijdskrediet en indien u 45 jaar of ouder bent, nog andere formaliteiten vervullen naast het sturen van het aanvraagformulier C61-voltijds tijdskrediet - cao nr. 103 of van het formulier C61-halftijds tijdskrediet - cao nr. 103.

Voor meer informatie hierover verwijzen we naar het infoblad – werknemers “Inhoudingen en bijdragen op de pseudobrugpensioenen – aanvullende vergoedingen in geval van volledig of halftijds tijdskrediet voor de werknemers van minstens 50 jaar”.

Hoe wordt uw aanvraag om tijdskrediet door de RVA behandeld?

Wanneer de RVA uw aanvraagformulier voor het tijdskrediet ontvangt, wordt dit behandeld en ontvangt u vervolgens een antwoord door middel van de beslissing C62.

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Kunt u de beslissing van de RVA betwisten?

Ja, u kunt bij de bevoegde arbeidsrechtbank in beroep gaan tegen de beslissing van de RVA.

Voor meer informatie over de te volgen procedure, verwijzen we naar het infoblad T110.

Hoe kunt u uw dossier opvolgen?

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Moet u tijdens uw tijdskrediet andere stappen ondernemen bij de RVA?

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Wanneer verliest u uw recht op uitkeringen?

Uw recht op uitkeringen tijdskrediet gaat verloren:

  • aan het einde van de maximum vergoedbaarheidstermijn of aan het einde van de termijn vermeld in het akkoord met uw werkgever, behalve indien deze termijn in onderling overleg wordt verlengd;
  • vanaf de dag waarop u het werk hervat bij dezelfde of bij een andere werkgever;
  • vanaf de dag waarop uw arbeidsovereenkomst eindigt;
  • vanaf de dag waarop u een pensioen ontvangt;
  • vanaf de dag waarop u gedurende meer dan 12 maanden een voltijds tijdskrediet cumuleert met een zelfstandige activiteit;
  • vanaf de dag waarop u gedurende meer dan 24 maanden een halftijdse tijdskrediet of 60 maanden een tijdskrediet 1/5 cumuleert met een zelfstandige activiteit;
  • vanaf de dag waarop u een zelfstandige activiteit aanvat;
  • vanaf de dag waarop u een eender welke bijkomende activiteit in loondienst aanvat;
  • vanaf de dag waarop u het aantal uren van uw vooraf bestaande bijkomende activiteit in loondienst die u mag cumuleren, uitbreidt;
  • vanaf de dag waarop u een niet toegelaten politiek mandaat uitoefent;
  • vanaf de dag waarop u een vergoede activiteit uitoefent in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking voor rekening van een erkende niet-gouvernementele organisatie voor ontwikkelingssamenwerking.
  • op het einde van elke periode van 3 maanden tijdskrediet met motief 'erkende opleiding', wanneer u aan het bureau van de RVA waarvan u afhangt, geen attest van regelmatige aanwezigheid op de opleiding voorlegt, binnen de 20 kalenderdagen die volgen op het einde van die periode.

Voor meer inlichtingen betreffende dit onderwerp, zie infoblad T159.

Wat is het gevolg van het verlies van het recht op uitkeringen voor uw tijdskrediet?

Algemene regel

In geval van verlies van het recht op uitkeringen, blijft u in tijdskrediet zonder uitkeringen bij uw werkgever. 

Dit betekent dat de gevraagde periode van tijdskrediet verder loopt tot de oorspronkelijk aangevraagde einddatum.  Deze periode van tijdskrediet zonder uitkeringen zal dus meegerekend worden voor het bepalen van de maximumduur van het tijdskrediet waarop u recht hebt tijdens uw volledige loopbaan.

Indien u het recht op uitkeringen verliest tijdens de periode tijdskrediet, kunt u eventueel, met de goedkeuring van uw werkgever, het tijdskrediet stopzetten en opnieuw aan het werk gaan volgens uw oorspronkelijke uurrooster.  In dat geval moet u het RVA-kantoor waarvan u afhangt hiervan schriftelijk op de hoogte brengen.

Uitzondering

Indien u in tijdskrediet bent omwille van de motieven "zorgen voor zijn kind jonger dan 8 jaar", "palliatieve zorgen verstrekken", "bijstand of zorgen verlenen aan een zwaar ziek familielid tot de 2de graad of een zwaar ziek gezinslid" of "erkende opleiding", en u het recht op uitkeringen verliest omdat u een activiteit als loontrekkende of zelfstandige uitoefent waarmee geen cumulatie toegelaten is of indien u niet de nodige attesten aflevert aan de RVA om het bestaan van het motief te bewijzen, verliest u eveneens het recht op het tijdskrediet.   Dat betekent dat de schorsing of de vermindering van prestaties bekomen bij de werkgever eindigt vanaf de dag waarop u uw uitkeringen verliest.

Wanneer worden uw uitkeringen teruggevorderd?

Alle onrechtmatig ontvangen uitkeringen worden teruggevorderd, onder meer:

  • -     wanneer uw effectieve periode van tijdskrediet met uitkeringen de minimumduur van 3 maanden niet bereikt in geval van voltijds of halftijds tijdskrediet en van 6 maanden in geval van tijdskrediet 1/5.

Wanneer u omwille van uitzonderlijke omstandigheden de vereiste minimumduur niet naleeft, kunt u een gemotiveerde aanvraag tot ontheffing indienen bij de directeur van uw RVA-kantoor, die deze overmaakt aan de administrateur-generaal.  In dat geval kan de administrateur-generaal van de RVA verzaken aan de terugvordering van de uitkeringen, indien hij van mening is dat de ingeroepen omstandigheden uitzonderlijk zijn.

  • wanneer u het RVA-kantoor vooraf niet schriftelijk verwittigt dat u een activiteit als loontrekkende aanvat of het aantal uren van een vooraf bestaande bijkomende activiteit als loontrekkende verhoogt, dat u een zelfstandige activiteit uitoefent of een politiek mandaat, dat u een vergoede activiteit verricht in het buitenland in het kader van een erkend project van ontwikkelingssamenwerking of dat u een pensioen geniet.
  • wanner u de RVA-kantoor niet verwittigt van het einde van uw arbeidsovereenkomst tijdens uw tijdskrediet;
  • wanner u de RVA-kantoor niet verwittigt dat u gedomicilieerd bent buiten de Europese economische ruimte;

Welk bedrag wordt teruggevorderd?

De RVA vordert het brutobedrag van de uitkering terug, hoewel u het nettobedrag van deze uitkering hebt ontvangen.

Op uw belastingsfiche wordt rekening gehouden met de terugbetaalde bedragen.

Wanneer u bewijst dat u ter goeder trouw uitkeringen hebt ontvangen waarop u geen recht had, wordt de terugvordering beperkt tot de laatste 150 dagen van onverschuldigde toekenning. Deze beperking wordt niet in acht genomen in geval van cumulatie met een prestatie toegekend krachtens een regeling van sociale zekerheid.

Worden de onderbrekingsuitkeringen betaald tijdens een periode van gevangenzetting?

Neen. De betaling van de onderbrekingsuitkeringen wordt geschorst tijdens een periode van gevangenzetting. Bijgevolg bent u verplicht, als u gevangengezet wordt tijdens een periode tijdens dewelke u onderbrekingsuitkeringen ontvangt, om dat schriftelijk te melden aan het RVA-kantoor, waarvan u afhangt. Als u onderbrekingsuitkeringen ontvangt terwijl u al opgesloten zit, dan moet u die terugbetalen.

Als de periode van opsluiting korter is dan die van uw onderbreking of uw vermindering van prestaties, moet u aan het RVA-kantoor een officieel document overmaken met daarop de datum waarop uw gevangenneming een einde neemt, zodat uw recht op onderbrekingsuitkeringen opnieuw kan worden geopend.

Kunt u uw tijdskrediet vroegtijdig stopzetten?

Ja, maar het gaat enkel om een mogelijkheid waarvoor het akkoord van de werkgever vereist is.  Deze toestemming moet betrekking hebben op het principe en op de datum van de vroegtijdige beëindiging.

In geval van akkoord moet de werknemer het RVA-kantoor waar hij van afhangt vooraf schriftelijk op de hoogte brengen van de datum van het vroegtijdige einde van zijn tijdskrediet. Daartoe kunt u de 'aangifte van wijziging van gegevens' gebruiken waarvan u het model kunt downloaden op de site.

Bent u beschermd tegen ontslag tijdens uw tijdskrediet?

JA.  De wetgeving voorziet een bescherming tegen ontslag. De wet wil u het gebruik van het recht op tijdskrediet garanderen en, in voorkomend geval, de mogelijkheid geven om het oorspronkelijke uurrooster van de betrekking waarin u uw prestaties hebt geschorst of verminderd, terug te krijgen.

Deze bescherming gaat in op de dag van het akkoord of, indien u gebruik maakt van een recht op tijdskrediet, op de dag van de schriftelijke kennisgeving aan de werkgever.  Zij eindigt 3 maanden na de einddatum van het tijdskrediet.

Dankzij deze bescherming kan uw werkgever uw arbeidsovereenkomst niet éénzijdig opzeggen.  De bescherming is echter niet van toepassing indien het ontslag gerechtvaardigd wordt door een dringende of voldoende reden.  Voor de toepassing van deze maatregel:

  • wordt beschouwd als dringende reden, elke zware fout die elke professionele samenwerking tussen de werkgever en de werknemer onmiddellijk en definitief onmogelijk maakt;
  • als voldoende reden geldt een door de rechter als zodanig erkende reden waarvan de aard en de oorzaak vreemd zijn aan de loopbaanonderbreking.  Zo wordt het ontslag wegens conventioneel brugpensioen beschouwd als voldoende reden.

Wat gebeurt er indien de werkgever u ondanks de bescherming toch ontslaat?

Als u de werkgever u ontslaat tijdens de beschermingsperiode om een andere reden dan een dwingende of een voldoende reden moet hij u een forfaitaire vergoeding betalen gelijk aan 6 maanden loon, bovenop de opzeggingsvergoeding (zie hierna).

Welke modaliteiten zijn van toepassing in geval van ontslag?

Los van de wettelijk bepaalde bescherming en van de eventuele betaling van de forfaitaire vergoeding gelijk aan 6 maanden loon, kan het gebeuren dat de werkgever u tijdens uw tijdskrediet ontslaat.

Indien de werkgever u een opzeggingstermijn betekent

In geval van voltijds tijdskrediet

De opzeggingstermijn mag pas beginnen lopen na afloop van het voltijds tijdskrediet.    Dat betekent dat het voltijds tijdskrediet voortduurt tot aan de einddatum ervan en dat u de uitkeringen tijdskrediet verder blijft ontvangen.

In geval van halftijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5

Wanneer u wordt ontslagen met een opzeggingsperiode, blijft de arbeidsovereenkomst gedurende deze opzeggingsperiode voortbestaan.  Dat betekent dat de werkgever u tijdens deze opzeggingstermijn betaalt op basis van uw deeltijdse prestaties en dat de RVA u de uitkeringen voor het tijdskrediet verder blijft betalen, in functie van de fractie van de verminderde prestaties.

Indien de werkgever uw overeenkomst verbreekt met betaling van een compenserende opzeggingsvergoeding

Als het ontslag wordt gegeven zonder dat een opzeggingstermijn betekend wordt of als de opzeggingstermijn niet volstaat, wordt de arbeidsovereenkomst onmiddellijk verbroken. In dat geval moet de werkgever u een vergoeding betalen, de verbrekingsvergoeding genoemd, gedurende een periode die ofwel gelijk is aan de duur van de opzeggingstermijn die u had moeten betekend worden, ofwel aan het verschil tussen de betekende termijn en de verschuldigde termijn.

Aangezien de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang wordt verbroken, houdt het tijdskrediet op en worden de uitkeringen van de RVA dus niet meer betaald vanaf de datum van die verbreking. U ontvangt echter een compenserende opzeggingsvergoeding.

In geval van voltijds tijdskrediet

De compenserende opzeggingsvergoeding wordt berekend op basis van het loon dat u had ontvangen indien u uw loopbaan niet volledig had onderbroken.

In geval van halftijds tijdskrediet of tijdskrediet 1/5

De compenserende opzeggingsvergoeding wordt berekend op basis van het deeltijdse loon dat verschuldigd is in het kader van de vermindering van prestaties tot een halftijdse betrekking of met 1/5.

Wat moet u doen indien uw werkgever u ontslaat tijdens het tijdskrediet?

U moet onmiddellijk het RVA-kantoor waarvan u afhangt schriftelijk op de hoogte brengen van de datum van de verbreking van uw arbeidsovereenkomst.

Recht op werkloosheidsuitkeringen

Na de periode gedekt door de opzeggingstermijn of de verbrekingsvergoeding, hebt u recht op werkloosheidsuitkeringen, berekend op basis van het loon waarop u recht had gehad indien u het tijdskrediet niet had aangevraagd.

Wat is de invloed van de uitkeringen op uw belastingen?

De uitkering is belastbaar. Fiscaal gezien wordt zij beschouwd als een vervangingsinkomen.

Bedrijfsvoorheffing

Alle uitkeringen zijn sinds 01.01.2004 onderworpen aan een bedrijfsvoorheffing.

Door deze inhouding aan de bron daalt het nettobedrag van de uitkering tijdskrediet maar het voordeel daarvan is dat na de definitieve berekening van de belastingen minder moet bijbetaald worden.

In geval van voltijds tijdskrediet

De bedrijfsvoorheffing ingehouden op uw uitkering bedraagt 10,13%.

In geval van halftijds tijdskrediet

Het percentage bedrijfsvoorheffing dat ingehouden wordt op uw uitkering bedraagt:

  • 17,15%, indien u alleenwonende bent, dit wil zeggen indien u alleen woont of indien u enkel samenwoont met één of meerdere kinderen van wie er minstens één ten laste is van u en dit, ongeacht uw leeftijd;
  • 30%, indien u jonger bent dan 50 jaar en geen alleenwonende bent;
  • 35%, indien u jonger bent dan 50 jaar en geen alleenwonende bent.

In geval van tijdskrediet 1/5

Ongeacht uw leeftijd bedraagt de bedrijfsvoorheffing ingehouden op uw uitkering:

  • 35%, indien u geen alleenwonende bent;
  • 35% indien u alleenwonende bent en alleen woont;
  • 17,15% indien u alleenwonende bent en enkel samenwoont met één of meerdere kinderen van wie er minstens één ten laste is van u en dit, ongeacht uw leeftijd.

Eventuele vrijstelling van de bedrijfsvoorheffing

Indien u een Franse grensarbeider bent of een Franse fiscale inwoner met de Franse nationaliteit die een loon ontvangt van een Belgische openbare werkgever, kunt u vrijgesteld worden van de bedrijfsvoorheffing

Indien u hierover inlichtingen wenst, kunt u het infoblad raadplegen "Kunt u vrijgesteld worden van de bedrijfsvoorheffing ingehouden op de onderbrekingsuitkeringen?".

Belastingaangifte

Met de fiche 281.18, waarop het totaal van de ontvangen uitkeringen vermeld staat en, in voorkomend geval, het totaal van de bedrijfsvoorheffing ingehouden tijdens het belastingjaar kunt u uw belastingsaangifte invullen.

In geval van laattijdige betaling, zullen de ontvangen sommen vermeld staan op de fiche 281.18 van het jaar van de betaling.

Die fiche wordt u elektronisch toegestuurd.  U kunt de fiche raadplegen in uw ‘eBox’ of via uw dossier ‘loopbaanonderbreking/tijdskrediet’. Dat kan ook via ‘Tax-on-web/My Minfin’.

Als u toch nog een papieren exemplaar van uw fiscale fiche wenst te ontvangen, dan kunt u dat vragen aan het RVA-kantoor dat bevoegd is voor uw woonplaats.

Wat is de “e-Box”?

De “e-Box” is de onlinedienst van de sociale zekerheid. Het is een persoonlijke en beveiligde mailbox waarmee elke burger op een gecentraliseerde manier officiële documenten kan ontvangen van de verschillende diensten van de sociale zekerheid, waaronder de RVA.

Uw “e-Box” is beschikbaar op de https://www.mysocialsecurity.be. Om hem te activeren, moet u enkel uw e-mailadres meedelen. Vervolgens zult u per mail worden verwittigd zodra een mededeling beschikbaar is in uw “e-Box”. Om in te loggen en de documenten die beveiligd werden doorgestuurd te raadplegen, moet u zich enkel aanmelden met uw elektronische identiteitskaart (ook “eID” genoemd) of met een “token”.

Bijkomende informatie

Voor alle bijkomende vragen over de invloed van de uitkeringen voor tijdskrediet op de berekening van uw belastingen, dient u zich te wenden tot uw belastingadministratie, die hiervoor bevoegd is.

U vindt de gegevens van de belastingsadministratie waarvan u afhangt in het telefoonboek of op de website van de Federale Overheidsdienst Financiën: http://www.minfin.fgov.be.

Welke invloed heeft het tijdskrediet op uw pensioen?

De periodes tijdskrediet kunnen enkel gelijkgesteld worden met prestaties, indien u uitkeringen ontvangt van de RVA.

Om de modaliteiten te kennen in verband met de gelijkstelling van het tijdskrediet voor uw pensioen, dient u zich te wenden tot de Federale Pensioendienst, die hiervoor bevoegd is.

FPD : Zuidertoren te 1060 BRUSSEL // Tel: 1765 / Internet : www.sfpd.fgov.be.

Hebt u recht op een aanmoedigingspremie?

In sommige gevallen en onder bepaalde voorwaarden, betaalt de Vlaamse Gemeenschap een aanmoedigingspremie bovenop de uitkering van de RVA.

U vindt alle nuttige informatie omtrent voormelde aanmoedigingspremies die toegekend worden door de Vlaamse Gemeenschap op de website van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap: http://www.werk.be.

Voor alle inlichtingen en voorwaarden kunt u gratis bellen naar het nummer van de Vlaamse Infolijn 1700.

Bestaan er andere mogelijkheden om de loopbaan te onderbreken dan deze voorzien in het kader van het tijdskrediet?

JA.  Er bestaan 3 thematische verloven. 

 Die 3 thematische verloven zijn de volgende:

  • Het ouderschapsverlof.  Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien voor de opvoeding van uw kinderen jonger dan 12 jaar (of jonger dan 21 jaar in geval van handicap). Consulteer het infoblad T19 voor meer informatie over dit onderwerp. In onze FAQ vindt u ook een tabel die het ouderschapsverlof en het tijdskrediet met motief 'zorgen voor zijn kinderen jonger dan 8 jaar' met elkaar vergelijkt.
  • Het verlof voor medische bijstand.  Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien voor de zorg voor zwaar zieke leden van uw familie of uw gezin. Consulteer het infoblad T18 voor meer informatie over dit onderwerp. In onze FAQ vindt u ook een tabel die het verlof voor medische bijstand en het tijdskrediet met motief 'zorgen voor een zwaar ziek gezins- of familielid' met elkaar vergelijkt.
  • Het palliatief verlof.  Het betreft een loopbaanonderbreking voorzien om een persoon met een ongeneeslijke ziekte die terminaal is, bij te staan. Consulteer het infoblad T20 voor meer informatie over dit onderwerp.

Net zoals het tijdskrediet bieden deze 3 thematische verloven de mogelijkheid om uw arbeidsovereenkomst te schorsen of uw arbeidsprestaties.

Top