Follow us on twitter

U bent hier

Fiche B 3: Hoe de ingeschreven capaciteit (IC) aanpassen in geval van verhoging van de opvang?

Beschrijving

Deze fiche legt uit welke procedure de dienst moet volgen om de ingeschreven capaciteit van de maand aan te passen, wanneer het aantal opvangdagen van één of meer kinderen gedurende minstens 4 weken verhoogt.

Te volgen fasen

Fase 1: Aanpassing van het referteplan van elk kind waarvan de opvang toeneemt

Principe

In geval van verhoging van het aantal opvangdagen gedurende minstens 4 weken, gaat een nieuw referteplan gebaseerd op de toename in vanaf de datum van de 1ste voorziene bijkomende opvangdag.

Voorbeeld

Een kind wordt 3 volle dagen per week opvangen, op maandag, dinsdag en woensdag. Er wordt voorzien dat het kind vanaf donderdag 15/9 ook op donderdag zal komen. Het nieuwe referteplan voor 4 dagen per week begint op donderdag 15/9, zelfs indien het kind die dag afwezig is.

Uitzondering

Indien de 1ste voorziene bijkomende opvangdag voorafgegaan wordt door minstens 4 weken onderbreking, vangt het nieuwe referteplan op basis van de toename aan vanaf de datum van de 1ste effectieve opvangdag die volgt op de onderbreking (behalve ziekte van het kind op de voorziene datum waarop de opvang hervat wordt, in welk geval het nieuwe referteplan kan beginnen van deze datum fiche B 8: Wat moet men doen in geval van afwezigheid van het kind?.

Voorbeelden

  • Een kind wordt 3 volle dagen per week opvangen, op maandag, dinsdag en woensdag. In juli wordt voorzien dat het kind vanaf donderdag 1/9 ook op donderdag zal komen. Het kind komt niet in de maand augustus wegens het verlof van zijn ouders. Op 1/9 is het kind afwezig en het komt pas terug op maandag 12/9. Het nieuwe referteplan voor 4 dagen per week begint op maandag 12/9.
  • Een kind wordt 3 volle dagen per week opvangen, op maandag, dinsdag en woensdag. In juli wordt voorzien dat het kind vanaf donderdag 1/9 ook op donderdag zal komen. Het kind komt niet in de maand augustus wegens het verlof van zijn ouders. Op 1/9 is het kind ziek (medisch attest) en het komt pas terug op maandag 12/9. Het nieuwe referteplan voor 4 dagen per week begint op donderdag 1/9.

Fase 2: Codering in het rekenblad

1ste hypothese: de opvang is voorzien voor een vast aantal dagen per week (1, ½ of 1/3) en de dagen liggen vast.

 

Indien

Dan

het nieuwe referteplan (gebaseerd op de verhoging) begint op de 1ste van een maand

wordt het rooster “inbreng regelmatig ingeschreven capaciteit” van deze maand aangepast in functie van dit nieuwe referteplan

het nieuwe referteplan (gebaseerd op de verhoging) begint in de loop van de maand

- ofwel wordt het rooster « inbreng regelmatig ingeschreven capaciteit” van de vorige maand behouden maar wordt het aantal bijkomende dagen manueel berekend en het resultaat toegevoegd in de kolom “eenmalige aanpassing” “regelmatige opvang”. Het rooster « inbreng regelmatig ingeschreven capaciteit” zal aangepast worden in functie van het nieuwe referteplan vanaf de volgende maand;
- ofwel is het rooster “inbreng regelmatig ingeschreven capaciteit “ van de maand reeds aangepast in functie van het nieuwe referteplan maar moet de IC van deze maand gecorrigeerd worden door het aantal bijkomende dagen gelegen tussen het begin van de maand en het nieuwe referteplan af te trekken en moet dit aantal als negatief worden gecodeerd in de kolom “eenmalige aanpassing” “regelmatige opvang”.

 

2de hypothese: de opvangdagen vormen een vaste cyclus waarvan de dagen vastliggen en voorzien zijn met hetzelfde opvangregime (1, ½ of 1/3)

 

Het exacte aantal dagen van de maand wordt manueel berekend op basis van de cyclus opgenomen in het ouder en/of het nieuwe referteplan (naargelang het ogenblik waarop de verhoging ingaat) en gecodeerd in de kolom “eenmalige aanpassing” “regelmatige opvang”.                           

 

3de hypothese: de opvang is voorzien voor een vast aantal dagen per week (1, ½ of 1/3) maar de dagen liggen niet vast.

 

Indien

Dan

het nieuwe referteplan (gebaseerd op de verhoging) begint op de 1ste van een maand

wordt het rooster “inbreng regelmatig ingeschreven capaciteit” van deze maand aangepast in functie van dit nieuwe referteplan.

het nieuwe referteplan (gebaseerd op de verhoging) begint in de loop van de maand

-ofwel wordt het rooster « inbreng regelmatig regelmatig ingeschreven capaciteit” van de vorige maand behouden maar wordt het aantal bijkomende dagen manueel berekend en het resultaat toegevoegd in de kolom “eenmalige aanpassing” “regelmatige opvang”. Het rooster « inbreng regelmatig ingeschreven capaciteit” zal aangepast worden in functie van het nieuwe referteplan vanaf de volgende maand;
- ofwel is het rooster “inbreng regelmatig ingeschreven capaciteit “ van de maand reeds aangepast in functie van het nieuwe referteplan maar moet de IC van deze maand gecorrigeerd worden door het aantal bijkomende dagen gelegen tussen het begin van de maand en het nieuwe referteplan af te trekken en moet dit aantal als negatief worden gecodeerd in de kolom “eenmalige aanpassing” “regelmatige opvang”.

4de hypothese: de opvang is voorzien voor een vast aantal dagen per maand (1, ½ of 1/3) maar de dagen liggen niet vast.

 

Indien

Dan

het nieuwe referteplan (gebaseerd op de verhoging) begint op de 1ste van een maand

wordt het nieuwe voorzien totale aantal aantal dagen per maand gecodeerd in de kolom “vaste aanpassing”.

het nieuwe referteplan (gebaseerd op de verhoging) begint in de loop van de maand

1 moet het gemiddelde aantal opvangdagen per week berekend worden voor het oude en het nieuwe referteplan. Dit gemiddeld aantal wordt bekomen door het voorziene vaste aantal opvangdagen voor een volledige maand te delen door 4,33 (= het gemiddelde aantal weken in een maand). Het resultaat wordt afgerond tot 2 cijfers na de komma (kleiner dan 5 = 0 en minstens 5 = de hogere eenheid);
2 Los van het rekenblad moet een fictief rooster van de betrokken maand worden opgesteld, waarin het gemiddelde aantal opvangdagen bekomen per week fictief wordt verdeeld vanaf de maandag (uitgenomen de dagen of halve dagen waarop de onthaalouder nooit werkt of de dagen waarop de dienst weet dat het kind nooit zal komen) voor de twee opeenvolgende* opvangplannen en het totale aantal dagen wordt vervolgens berekend en gecodeerd in de kolom “eenmalige aanpassing” “regelmatige opvang” van het rekenblad.

 
 
* Indien de overgang tussen de twee referteplannen gebeurt in de loop van een week, gebeurt de verdeling volgens het eerste referteplan voor het deel van de week dat nog in dit eerste referteplan begrepen is en volgens de verdeling van het tweede referteplan voor het deel van de week dat in dit nieuwe referteplan begrepen is.

4de hypothese: voorbeeld

Een kind is ingeschreven bij een onthaalouder voor 10 volle dagen per maand. Vanaf 9 november wordt de opvangovereenkomst veranderd en zal het kind 12 dagen per maand komen.

Kalender van de maand november

ma

di

wo

do

vr

za

zo

 

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20

21

22

23

24

25

26

27

28

29

30

       

Omzetting in dagen per week voor het oude referteplan : 10 gedeeld door 4,33 = 2,31.

Fictieve verdeling in het fictieve rooster:
maandag 1 ; dinsdag 1 ; woensdag 0,31

Omzetting in dagen per week voor het nieuwe referteplan : 12 gedeeld door 4,33 = 2,77.

Fictieve verdeling in het fictieve rooster :
maandag 1; dinsdag 1; woensdag 0,77

 

Fictief rooster voor de maand november

ma

di

wo

do

vr

za

zo

 

1(=1)

2(=0,31)

3

4

5

6

7

8(=1)

9(=0,77)

10

11

12

13

14

15(=1)

16(=0,77)

17

18

19

20

21

22(=1)

23(=0,77)

24

25

26

27

28

29(=1)

30(=0,77)

       

Totaal van de IC te coderen in de kolom “eenmalige aanpassing” “regelmatige opvang” van het rekenblad van de maand november: 12,39 (= 1 + 0,31 + 1 + 1 + 0,77 + 1 + 1 +0,77 + 1 + 1 + 0,77 + 1 + 1 + 0,77).

Een RVA-kantoor zoeken

Top