RVA publiceert tweede monitoring van uitstroom uit werkloosheid na hervorming
Brussel, 2 juli 2026 – De RVA publiceerde donderdag 2 juli een tweede monitoring over de effecten van de hervorming van de werkloosheidsverzekering. Die biedt een inzicht in de uitstroom uit de werkloosheid tot en met maart 2026, die geheel of gedeeltelijk het gevolg is van de hervorming. Er zijn personen die spontaan uit de statistieken verdwijnen, d.w.z. die vroeger dan hun einddatum van het recht bijvoorbeeld werk vinden, op pensioen gaan, enz. Daarnaast zijn er personen die effectief de einddatum van hun recht bereiken en zo uit de werkloosheid uitstromen.
Ter herinnering, op 1 januari 2026 werd het einde van het recht op een uitkering voorzien voor:
- werkzoekenden die op dat moment al minstens een jaar inschakelingsuitkeringen genoten;
- werkzoekenden in de derde vergoedingsperiode (forfaitair bedrag), die tijdens hun loopbaan ten minste 20 jaar volledig werkloos zijn geweest.
Vervolgens bereikten op 1 maart 2026 de personen in de derde vergoedingsperiode, die tijdens hun loopbaan tussen 8 en 20 jaar werkloos zijn geweest, het einde van hun recht.
Ook op 1 april 2026 bereikten personen het einde van hun recht op een uitkering. Die groep werd nog niet opgenomen in deze monitoring. Een volgende datum einde recht is voorzien op 1 juli 2026.
Verschillende uitstroomtrajecten
In de maand maart 2026 tellen we voor de populatie die onderworpen is aan een beperking van het recht 37.295 uitstromers van wie het recht op uitkeringen werd beëindigd en 33.789 personen die op spontane wijze uitstromen. Die aantallen worden in de toekomst ongetwijfeld nog licht bijgesteld als er laattijdige betalingsaanvragen voor uitkeringen worden ingediend.
Richting werk
In maart 2026 lag de uitstroom naar werk in loondienst hoger bij de spontane uitstroom (19.839 personen) dan bij de uitstroom omwille van het einde van het recht (3.755 personen). 33,2% van de totale uitstroom (spontaan en einde recht) ging naar werk in loondienst.
Hoewel dat percentage hoger ligt dan de uitstroom naar werk in loondienst van januari (30,3%), is er weinig verschil in de percentages voor personen die het einde van hun recht bereikten: respectievelijk 10,2% uitstroom naar werk in loondienst in januari en 10,3% in maart.
Daarbij valt natuurlijk op te merken dat in die maanden de uitstroom omwille van het einde van het recht grotendeels populaties betreft met een werkloosheidsduur van minstens 8 jaar, die vaak ver verwijderd zijn van de arbeidsmarkt.
De uitstroom naar werk voor personen met een inschakelingsuitkering bedraagt 15,7% in januari en stijgt naar 25,8% in februari en 28,4% in maart.
Richting ziekte
In relatieve termen nam het percentage dat uit de werkloosheidsuitkeringen naar ziekte uitstroomt af met de tweede golf. De uitstroom naar ziekte daalde van 12% in januari naar 8,9% in maart. Bij de spontane uitstroom naar ziekte daalde het aandeel ook van 16,2% naar 8,7% in dezelfde maanden. Algemeen ligt de uitstroom naar ziekte voor de uitstromers bij einde recht van een inschakelingsuitkering laag (gemiddeld 3,7%).
Richting leefloon
Uit de instroomcijfers in het leefloon blijkt dat een aanzienlijk deel van de uitstroom uit de werkloosheid richting leefloon gaat: 37.295 uitstromers uit de uitkering tegenover 15.530 instromers in het leefloon in maart, dat is 41,6%.
Voorlopige cijfers, opletten met interpretaties
De RVA herinnert eraan dat de cijfers met de nodige voorzichtigheid moeten worden geïnterpreteerd. De gegevens zijn voorlopig en kunnen nog wijzigen in functie van gebeurtenissen die een impact hebben op de einddatum van het recht op uitkeringen.
De monitoring zal regelmatig worden geactualiseerd. Naarmate nieuwe gegevens beschikbaar worden, zal de monitoring een steeds vollediger en nauwkeuriger beeld geven van de werkelijke effecten van de werkloosheidshervorming.
De monitoring werd ontwikkeld door de directie Statistieken en Studies van de RVA, in nauwe samenwerking met de verschillende actoren binnen de sociale zekerheid en de arbeidsmarkt. De RVA dankt alle betrokken partners voor hun constructieve en actieve bijdrage.
Monitoring beperking in de tijd van het recht - Situatie op 31 maart 2026
